Paul Abels, hoogleraar inlichtingenstudies aan de Universiteit Leiden, beschuldigt Amnesty Nederland van demagogie. ‘Directeur Eduard Nazarski vertelt onwaarheden over de sleepwet. Er wordt echt niet zomaar informatie met Turkije gedeeld.’ Jalta sprak met Abels en met Amnesty-woordvoerder Emile Affolter.

 

Paul Abels: ‘Amnesty roept het angstbeeld op dat Nederland op het punt staat in een DDR te veranderen.’

Paul H.A.M. Abels

 

Gisteravond zag ik u twitteren over het Amnesty-reclamespotje tegen de sleepwet. Wat is hier volgens u zo fout aan?

‘Ik verbaas mij over de intensiteit en omvang van de campagne van Amnesty in dezen. De mensenrechten worden niet bedreigd in Nederland. De organisatie stelt bizarre prioriteiten en voert een demagogische campagne. Ik ken de ins & outs van de sleepwet redelijk. Amnesty-directeur Eduard Nazarski vertelt aparte leugens over de sleepwet. Er wordt echt niet zomaar informatie met Turkije gedeeld. Ongefilterde informatie mag niet zomaar gedeeld worden. Er zijn allemaal waarborgen. Alleen als er een groot onheil dreigt dan deelt Nederland informatie met Turkije, maar lang niet alles.’

U gebruikt grote woorden. Liegt de Amnesty-directeur? 

‘Ja. Hij maakt een karikatuur van de wet. Amnesty roept het angstbeeld op dat Nederland op het punt staat in een DDR te veranderen, in een politiestaat. Dat is niet waar.’

Komt dit door een ‘verlinksing’ van Amnesty? 

‘Ik weet niet of je dit verlinksing moet noemen. Amnesty heeft nu wel andere prioriteiten. Men kijkt niet alleen naar de mensenrechtenschendingen in andere landen, maar is ook kritisch over Nederland. Ze willen geloofwaardiger zijn. Voor deze keuze valt misschien iets te zeggen, maar dan moeten ze het wel goed doen. En dat gebeurt niet. Ze leveren geen kritiek op basis van de feiten, maar maken een karikatuur. Informatie mag niet zomaar gedeeld worden met landen die geen rechtsstaat zijn. Daarnaast zijn er onafhankelijke toezichthouders. Elke toezichthouder gaat er meteen voorliggen als er het plan is om gevoelige informatie met Turkije te delen.’

Gaat u voor de sleepwet stemmen?

‘Ik ga voor de wet stemmen. Maar ik heb wel kritiek. Ik heb niettemin de goede hoop dat die kritiekpunten worden meegenomen in een evaluatie.’

 

Emile Affolter: ‘We hebben twee jaar intensief voor een goede wet gelobbyd’

Volgens hoogleraar inlichtingenstudies Paul Abels voert Amnesty een demagogische campagne tegen de sleepwet en liegt uw organisatie. Wat vindt u daarvan? 

‘We zijn niet demagogisch bezig hoor. En ons verhaal klopt gewoon. Medische gegevens kunnen straks worden gedeeld. En ook de diensten kunnen in de toekomst gegevens delen. Het punt is dat de wet het delen van zulke gegevens niet uitsluit.’

Volgens Abels zijn er in de wet allemaal garanties, die misbruik voorkomen. Wat vindt Amnesty daarvan? 

‘Je kan allerlei toezeggingen doen in het regeerakkoord. Maar deze protocollen zijn geen wetten. Wij vinden dat alles dichtgetimmerd moet worden. Pas dan kun je echt gerust zijn.’

Heeft Amnesty geen vertrouwen in het kabinet?

‘Jawel. En ook in de AIVD. Maar we vinden dat bij gevoelige onderwerpen de rechten burgers beschermd moeten worden. Dit moeten we vastleggen in de wet. Als het kabinet valt en er komt een nieuw kabinet, dan hebben alle afspraken in het regeerakkoord hierover geen betekenis meer. Wij vinden dat een volgende regering zich ook aan deze afspreken moet houden, vandaar ons pleidooi voor goede wettelijke kaders.’

 

Is Amnesty in alle gevallen tegen het delen van informatie?

‘Nee, we zijn niet tegen bij voorbaat. Het tegenkamp is niet an sich tegen de wet, maar we willen een betere wet. Amnesty International is een onderzoeksorganisatie en campagneorganisatie. We doen onderzoek en we voeren campagne. We hebben twee jaar intensief voor een goede wet gelobbyd, op een constructieve manier. Helaas zijn we niet tevreden over het resultaat, vandaar dat we nu deze campagne voeren en de vijf UvA-studenten steunen die het referendum tegen de sleepwet zijn gestart.’

Professor Abels vertelde mij dat hij ook kritiek had op enkele detailpunten van de wet, maar toch voor ging stemmen. Betekent dit niet eigenlijk dat het meningsverschil in feite niet zo groot is? 

‘Ja, dat klopt, we verschillen feitelijk niet zo heel veel met elkaar van mening. Over veel dingen zijn we het eens. We willen allebei een goede wet. Abels is het vooral niet eens met onze toon. Dat mag. Maar we nemen in onze campagne geen loopje met de waarheid.’