Tegenstanders verwijten premier Rutte meer dan eens dat hij geen ideologie zou hebben. Als minister-president zou hij teveel een pragmaticus zijn die met alle winden meewaait. Zelf vindt hij dat geen groot probleem: ”visie is de olifant die het uitzicht beneemt” is een bekend citaat van hem.

Tot op zekere hoogte snijdt de kritiek ook hout. Rutte stelt zich vooral op als manager en niet als ideologisch politicus. Maar in een tijd waarin wisselende meerderheden moeten worden gezocht in een versplinterd politiek landschap, is dat misschien juist een positieve eigenschap voor een premier.

Maar deze week liet Rutte zien waarom hij de voorman is van een liberale partij. Op verzoek van informateur Tjeenk Willink moesten hij en CDA-leider Sybrand Buma uitgebreid opschrijven waarom zij niet meer wilden samenwerken met de PVV van Geert Wilders. Terecht ook: een cordon sanitaire is een zwaar middel wat goed verantwoord en verdedigd moet worden ten opzichte van de kiezers. Wat volgde was een verdediging van de liberale rechtsstaat tegen het gedrag en de retoriek van Wilders. Rutte kaart aan wat veel liberalen zien: de PVV is een rechtstreeks gevaar voor de liberale rechtsstaat. Naast zijn aanvallen op specifieke bevolkingsgroepen, valt Wilders voortdurend de instituties van het land aan. Rechters moeten het ontgelden, maar ook de legitimiteit van het parlement wordt in twijfel getrokken. Wie de rechtsstaat wil verdedigen, trekt daar een grens.

Wie nog twijfelde aan de aankondiging van de VVD dat er nooit meer met de PVV geregeerd zou worden, kan na het lezen van Ruttes brief daarvan een stuk zekerder zijn:

 

DCYrK6IXcAYxamm