Pieter Omtzigt (CDA) probeert informatie over het weigeren van de haatpredikers te krijgen bij de Regering. Die lijkt niet erg happig om de Kamer te informeren over haar stappen tegen radicale predikers. Lees hier zijn relaas over kluitjes in het riet, gerommel met het wissen van namen en niet-bestaande databases. Radicalen weren, zo moet het dus niet.  

Wat doe je nu de hele dag als Kamerlid? vragen mensen vaak. Nou, informatie uit de regering trekken, antwoord ik wel eens. Moeilijke informatie blijft altijd hangen. Daar is ook niet zo veel aandacht voor. Want als politicus krijg je meer aandacht voor een mooi nieuw plan dan voor de vraag of je de aangekondigde plannen wel hebt uitgevoerd.

Zo kondigde minister Asscher in augustus groots aan dat: “’Als een imam uit Syrië hier wil gaan preken en hij heeft daar geen vredelievende bedoeling mee, dan krijgt hij geen visum.” Visa zouden dus geweigerd worden. In het actieplan integrale aanpak jihadisme, dat het kabinet op 29 augustus publiceerde staat als actiepunt: “Predikers uit visumplichtige landen, die oproepen tot haat en geweld, wordt een visum geweigerd”. Veel helderder kan je het niet hebben. Het kabinet had in de jaren daarvoor geen visa geweigerd voor geestelijk verzorgers, gaf minister Asscher aan in antwoord op Kamervragen en in het debat op 4 september. Het actiepunt had brede steun in de Kamer. De discussie daar spitste zich toe op bijvoorbeeld het ontnemen van de nationaliteit.

Het gala in Rijswijk, dat op 8 maart zou plaatsvinden, deed veel stof opwaaien. Zeven predikers zouden komen en die waren behoorlijk radicaal. Na een aantal publicaties regende het Kamervragen half februari van vijf partijen. De kernvraag: zijn de visa verstrekt en op basis waarvan.

Op 17 februari werden plotseling drie visa ingetrokken door minister Koenders. Zo meldde Elsevier:

‘De intrekking volgt op basis van vandaag verkregen nadere informatie van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en past in het kader van het actieprogramma jihadisme’, liet de minister dinsdag weten.

Het ministerie van buitenlandse zaken stuurde ook twee tweets de wereld in:

Screen Shot 2015-03-09 at 9.46.08 AM

Er volgde geen brief aan de Tweede Kamer. Dus op 19 februari vroeg ik (met steun van een grote meerderheid in de commissie):

De brief voor 24 februari met antwoorden op de volgende vragen:

– Wie is er verantwoordelijk voor het signaleren van radicale predikers?

– Op welke gronden kan iemand geweigerd worden en hoe kan iemand bezwaar maken?

– Hoe ziet het proces van visumverlening eruit? Wordt er gecheckt vóórdat een visum verleend wordt of nádat een visum verleend wordt?

– Welke database bestaat er voor mensen die Nederland niet in kunnen vanwege radicale uitspraken en hoeveel mensen staan daarin gesignaleerd?

– Op welke gronden is het visum ingetrokken in dit geval en kan dat zomaar?

– Wie hebben een visum gekregen en wie hebben geen visum?

In de week van 24 februari stuurde de regering wederom geen antwoorden op de Kamervragen en ook geen antwoorden op het verzoek van de Kamer.

Dat is een veeg teken: de regering hoort de Kamer tenminste gelijktijdig te informeren. Een slimme minister stuurt wel eens op middernacht antwoorden omdat hij de andere morgen in de krant staat met antwoorden en graag de duiding zelf geeft. Maar meer dan een week wachten, betekent dat er iets heel erg niet klopt.

Na een aantal herinneringen uit de Kamer schreef minister Opstelten op 26 februari: “Op 19 februari verstuurde u een verzoek inzake ingetrokken visa van de imams die deel zouden nemen aan een evenement in Rijswijk. Hierbij bericht ik u, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, dat zowel het verzoek van de VKC’s VenJ en BZ aan de ministers van VenJ en BZ (2015Z02902), als de schriftelijke vragen van de leden Van der Staaij (SGP), 2015Z02821; Omtzigt (CDA), 2015Z02818 en 2015Z02969; Van Klaveren (Gr. BvK), 2015Z02968; Azmani (VVD), 2015Z02970 inzake bijeenkomsten waar radicale predikers worden uitgenodigd niet binnen de gewenste termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie ontvangen is”.

Dat was raar: de benodigde informatie om de Kamer te beantwoorden was er niet, maar wel om de pers te beantwoorden, te tweeten en visa in te trekken. Met deze formuleren zonder datum werd de deadline zowel over 8 maart (gala Rijswijk) als 18 maart (verkiezingen) heen getild.

Wanneer een minister wel communiceert, maar niet on the record en de Kamer niet informeert, weet je als Kamerlid gewoon dat er iets behoorlijk niet in de haak is.

Na meer rappellen (herinneringen, red.) – ik schreef oa een mail aan de Kamervoorzitter dat artikel 68 van de grondwet, het informatierecht van de Kamer – met voeten getreden werd, kwam op 2 maart dan toch een stapel brieven.

Wat bleek
– Tot 17 februari waren er helemaal geen visa ingetrokken als gevolg van het nieuwe beleid.
– Er was helemaal geen database, hoewel die suggestie wel duidelijk gewekt was
– Het hoofd van de NCTB, dhr. Schoof had op 17 februari een brief geschreven waar in hij vroeg: “ In het belang van de maatschappelijke rust doe ik dan ook dringend het verzoek om de visa van deze predikers in te trekken”, waarop Koenders dat dus onmiddellijk gedaan had.
– 2 predikers hadden geen visumplicht en 2 predikers hadden een visum gekregen via een ander Schengenland. Die konden niet ingetrokken worden. Als je als prediker naar Nederland wilt komen, moet je dus gewoon via een ander land komen, schreef de regering eigenlijk.

De regering was wel zo handig om de quote van Schoof te gebruiken en het nieuws naar buiten te brengen dat de regering nu aan een database werkt. Dat werd natuurlijk ijverig overgeschreven door velen.

De realiteit: er was niets gedaan met het actiepunt in het kabinetsplan dat weinig omstreden was en het was nog zo lek als een mandje ook. Als deze eenvoudige en controleerbare maatregel niet wordt uitgevoerd, ben ik zeer benieuwd wat er met de ingewikkeldere en geheimere maatregelen gebeurt.

Is dat alles? Nee, de brief van Schoof bleek pas op 23 februari in een pdf bestand gezet te zijn. En bleek een volgnummer van ongeveer 23 februari te hebben. Na aanvullende Kamervragen samen met Peter Oskam over Europese samenwerking over het weigeren van visa en deze rare brief, gaf de NCTB nog dezelfde dag toe aan Fons Lambie (RTL) dat de naam van een betrokken ambtenaar weggehaald moest worden. Of er nog meer veranderd is, weet ik niet, maar de aangehaalde zin in de media wordt dus in ieder geval gekoppeld aan de verkeerde persoon, als hij al zo in de brief staat.

Screen Shot 2015-03-09 at 9.47.40 AM

Het zal mij benieuwen wat het antwoord dit keer aan de Kamer zal zijn. We zullen vast nog even moeten wachten. Ik hoop dat het kabinet in de tussentijd wel haar eigen beleid eens een keer echt effectief gaan uitvoeren, voordat het weer een nieuw actieprogramma bedenkt.