D66-minister Kajsa Ollongren moet liberaal van het jaar worden. Ze verdedigt de kernwaarden van onze democratische rechtsstaat tegen de aanvallen daarop van het zogenaamd fatsoenlijke Forum voor Democratie.

Eergisteren hield Ollongren de Burgemeester Dales-lezing. Daarin betoogde ze dat het populisme de kernwaarden van onze democratie bedreigt. Het Forum voor Democratie poogt bovendien een van de weinige taboes bespreekbaar te maken waar Ollongren als liberaal aan hecht: het praten over rassen in het politieke debat.

Hieronder een fragment uit de toespraak van Ollongren, met daarin belangrijke liberale lessen:

“Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”  Het is de kern van hoe we samenleven.

Maar dat is niet altijd een rustig en veilig bezit. Het populisme valt dit fundament van onze samenleving geregeld aan. Aan het begin van deze eeuw koos Pim Fortuyn – in een oneigenlijke tegenstelling tussen artikel 1 en artikel 7 van de Grondwet – ervoor om artikel 1 te schrappen.

Daarna ging het hard. Wilders pleitte er in 2006 zonder enige nuance voor om artikel 1 te schrappen. Hij wilde het vervangen door een artikel over de dominante cultuur. Terwijl de grondwet er juist voor zorgt dat niemand gedomineerd wordt, maar dat alle Nederlanders vrij en gelijk zijn. […]

De nieuwste afsplitsing van het populisme gaat verder waar Wilders ophoudt. De partij van Baudet lijkt geobsedeerd te zijn door één van de weinige taboes waar ik als progressieve liberaal aan hecht: Het praten over rassen in het politieke debat.

Rassenmenging kwam al voorbij uit de mond van Forumleden. Rassenverdunning ook. De afgelopen weken ging Baudet opnieuw verder. Geconfronteerd met uitspraken dat Nederlanders met een donkere huidskleur minder intelligent zouden zijn dan andere rassen, een uitspraak van een kandidaat van Forum bij de verkiezingen aanstaande maart, zei de voorman van Forum dat hij daar geen afstand van wilde nemen. Volgens Baudet was dit een wetenschappelijk debat. Daar wilde hij zich niet in mengen. Zo laat hij het dus onweersproken als zijn partijgenoten openlijk discrimineren op basis van ras.

Het populisme wil sommige Nederlanders dus anders behandelen dan andere. En daarmee bedreigt het kernwaarden van Nederland. Het is in deze tijd dan ook belangrijker om artikel 1 van de Grondwet te koesteren dan ooit.

 

Ollongren wordt nu door geharnast rechtse columnisten onder vuur genomen. Ze zou Baudet willen demoniseren en er daarom mede verantwoordelijk voor zijn als Baudet wat overkomt. Zoals Ad Melkert, Hans Dijkstal, Thom de Graaf en Paul Rosenmöller mede verantwoordelijk worden gemaakt voor de moord op Pim Fortuyn omdat ze hem zouden demoniseren, zo worden nu de critici van Baudet verantwoordelijk gehouden voor een moord die niet heeft plaatsgevonden. De demonisatie-beschuldiging is ook een heel gemakkelijk verweer: inhoudelijke kritiek kan worden genegeerd. En eigenlijk moeten critici zwijgen.

 

Het is heel goed dat niet alleen opiniemakers en Kamerleden, maar ook ministers zich uitspreken tegen zorgelijke ontwikkelingen die onze democratische rechtsstaat raken. Kajsa Ollongren pleitte in haar lezing niet voor een strafrechtelijk onderzoek naar Thierry Baudet (de FVD-leider deed daarentegen wel aangifte tegen Ollongren) en al helemaal niet voor een partijverbod. Dat geharnast rechtse opiniemakers nu de Pimwin (© Stella Bergsma) maken en oproepen tot het ontslag van Ollongren is bizar en getuigt van een weinig democratische gezindheid. Moeten ministers met een verkeerde mening allemaal worden ontslagen ofzo?

Kajsa Ollongren is, met haar hartstochtelijke verdediging van de democratische rechtsstaat, een perfecte kandidaat om ‘liberaal van het jaar’ te worden. Onder andere Sophie in ‘t Veld en Alexander Pechtold hebben deze prestigieuze JOVD-prijs eerder mogen ontvangen.

Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons