Het is onjuist om iedereen die niet links is voor een nazi of een fascist uit te maken, maar het taboe op de Godwin legitimeert extreemrechts. 

Aan de uiterste linkerflank van het politieke spectrum wordt iedereen die rechts van BIJ1 en de Internationale Socialisten staat voor racist, fascist en/of nazi uitgemaakt. Niet alleen Geert Wilders en Thierry Baudet zijn fout, maar ook GroenLinks-Kamerlid Zihni Özdil en PvdA-leider Lodewijk Asscher. Hierdoor ontstaat begripsinflatie.

Die begripsinflatie heeft er mede toe geleid dat sommige mensen extreemrechtse meningen niet meer fascistisch of racistisch durven te noemen. Er ligt een taboe op de Godwin. Dat is verkeerd. Hierdoor kunnen extreemrechtse activisten gewoon doorgaan met het verspreiden van hun ideologische vergif, zonder dat iemand hier echt iets van zegt.

Fascisme is natuurlijk breder dan het fascisme van Mussolini’s Italië, Franco’s Spanje en Salazars Portugal. Je kunt de Turkse Grijze Wolven met een gerust hart ook fascistisch noemen, net als de Ba’ath-partij in Syrië en Irak. Als je fascisme politicologisch, dus meer systematisch analyseert, kun je ook kijken naar de kenmerken waaraan fascisme voldoet. Interessant is de theorie over de tien fasen van het fascisme. Fase tien is het politiek geweld, waarmee je de vijand moet bestrijden.

Uiterst rechts in Nederland heeft sterke fascistische trekken. Behalve het wij-zij-denken en het geloof in de sterke leider is uiterst rechts ook voor discriminatie van minderheden en neigt men naar politiek geweld. De uitlatingen van Jan Roos over de uitgeprocedeerde asielzoekers van We Are Here, het spreken over een burgeroorlog, het inslaan van wapens en de naderende clash, dat is gewoon fase tien van het fascisme. Uiterst rechts is alleen nog niet overgegaan tot het daadwerkelijke gebruik van geweld.

 

 

Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons