De golf van woede over de doodgeschoten Zimbabwaanse leeuw laat zien dat geweldpleging in de westerse wereld in toenemende mate als onbeschaafd wordt gezien.

Honderdduizenden boze comments op social media. Doorgaans nuchtere commentatoren die zich uitputten in emotionele krachttermen om de ‘moord’ te veroordelen. Een Amerikaanse talkshowhost die bijna in huilen uitbarst als hij beelden van de vermoorde leeuw in beeld brengt.

Rechtvaardige woede

Zijn deze uitingen voorbeelden van rechtvaardige woede? Ja, zeggen wij. Jagen voor sport heeft behalve iets overbodigs vooral ook iets lafs. Het is immers geen gelijke strijd. Sterker nog: het is helemaal geen strijd. Met een dodelijk wapen een nietsvermoedend dier op de korrel nemen is voor ons van dezelfde morele orde als een kind verkrachten of een bejaarde beroven. Zo hoor je niet met weerloze wezens om te gaan.

Het opmerkelijke is dat honderd jaar geleden dezelfde vraag een heel ander antwoord zou hebben opgeleverd. Ze zouden de vraag misschien wel hebben begrepen, maar hem hooguit hebben geinterpreteerd als de zonderlinge preoccupatie van een progressieve geest – een soort strijd voor vrouwenkiesrecht, maar dan anders. Vijfhonderd jaar geleden zouden ze zelfs de vraag niet hebben begrepen. Jagen als sport was een vanzelfsprekendheid, een prachtig tijdverdrijf voor wie daar het geld en de status voor had. Dat je daar een moreel vraagstuk van kon maken, was volstrekt ondenkbaar.

Pacifisme

De Amerikaanse cognitieve wetenschapper Steven Pinker betoogt in The Better Angels of our Nature dat de geschiedenis van de mensheid er een is van toenemend pacifisme. Met de beelden van de bloedige twintigste eeuw en het geweld van de terreurbewegingen in de eenentwintigste eeuw op ons netvlies komt die stelling ons wellicht wat vreemd voor. Toch oogt de onderbouwing ervan wel degelijk solide. Het aantal individuen (per 100.000) dat door geweldpleging om het leven kwam, daalde de afgelopen millennia nadrukkelijk. Niet alleen stierven minder mensen dan ooit tevoren door oorlog of gewelddadige criminaliteit. Het aantal geweldsdelicten nam ook nog eens nadrukkelijk af.

Pinker benoemt in zijn boek vijf factoren die deze trend hebben versterkt: de opkomst van een centraal gezag (monopolie op geweldpleging), wereldhandel, feminisering van de samenleving, de geboorte van een cosmopolitische bovenlaag van ‘wereldburgers’ en de triomf van de rede in de het westerse denken. Op elk van deze factoren valt ongetwijfeld wel wat af te dingen. De Leidse rechtsfilosoof Andreas Kinneging betoogt bijvoorbeeld dat niet de romantiek maar het rationalisme de intellectuele voorvader van het totalitarisme was. De historici Ronald Findlay en Kevin O’Rourke betogen in Power and Plenty (overigens een aanrader) dat handel net zo vaak oorzaak van als obstakel naar oorlogsvoering was. En libertarische bezwaren tegen het geweldsmonopolie van de sterke overheid zijn overbekend. Toch valt niet te ontkennen dat alle factoren samen een samenleving hebben geschapen die nadrukkelijk minder gewelddadig is dan die uit vroeger eeuwen.

Morele consequenties

Onvermijdelijk gevolg van de komst van een op vermijding van geweld gebaseerde samenleving is de komst van een publieke moraal die geweld als ongewenst, ja zelfs onaanvaardbaar ziet. We zien dat in debatten over oorlogsvoering, waarin zelfs het uitzenden van troepen al uitgebreide morele verantwoording vereist. Verantwoording waarin bovendien volop aandacht moet worden besteed aan het vermijden van slachtoffers en het helpen van de lokale bevolking. We zien het in het denken over opvoeding, waarin dialoog en overredingskracht als enige wenselijke middelen worden gepresenteerd. Wie tegenwoordig nog pleit voor een ‘corrigerende tik’, wordt nog net niet voor het gerecht gesleept, maar veel scheelt het niet. We zien het ook in het debat over alles wat met dierenrechten te maken heeft. Onverdoofd slachten wordt als barbaars gezien, net als elke vorm van dierenmisbruik (een term die zo breed wordt gedefinieerd dat zelfs het houden van circusdieren eronder valt). En ook en vooral: de jacht als sport.

De jager, Walter Palmer, verklaart inmiddels “diepe spijt” te hebben van zijn daad. Het is een mooie symbolische knieval: de jager die door de knieen gaat voor de antigeweldsmoraal. Al komt hij voor de leeuw natuurlijk wel te laat.