Eén van de vele decembertradities is de verkiezing van het woord van het jaar. De meerderheid van de stemmen ging deze keer naar ‘sjoemelsoftware’. Indien dat mogelijk was geweest zou mijn keuze gevallen zijn op ‘Safe Space’. Het woord (ja ik weet het, het zijn er twee) dat staat voor de totale vertrutting van het academische & maatschappelijke debat en de publieke ruimte.

Op Amerikaanse en Britse universiteiten is al enkele jaren een beweging actief die gedachten, theorieën en uitingen die ook maar enigszins als controversieel zouden kunnen worden ervaren uit het academische discours wil weren. Dit jaar kwam het tot een voorlopige climax aan de Yale University. Een hoogleraar die geweigerd had dwingende voorschriften uit te vaardigen wat betreft de Halloween kostuums die studenten wel of niet zouden mogen dragen kwam in heftig conflict met studenten die om zo’n kledingskader hadden gevraagd. Het is niet langer de taak van een universiteit om de bloem der natie intellectueel te vormen door ze aan een grote diversiteit van schurende meningen en inzichten bloot te stellen vinden de representanten van deze stroming. Nee, de universiteit moet voor hen een #SafeSpace zijn. Zo’n fijne, veilige plek laat zich als volgt definiëren:

‘A place where anyone can relax and be fully self-expressed, without fear of being made to feel uncomfortable, unwelcome or challenged on account of biological sex, race/ethnicity, sexual orientation, gender identity or expression, cultural background, age, or physical or mental ability; a place where the rules guard each person’s self-respect, dignity and feelings and strongly encourage everyone to conform to majority opinions.’

Dit soort omschrijvingen geven mij geen veilig gevoel. Ik vind ze doodeng. Ook al is het niet je bedoeling iemand expliciet te kwetsen, het is natuurlijk onmogelijk dat je open van gedachten kunt wisselen zonder dat er ooit iemand zich een keer ongemakkelijk of zelfs gekwetst voelt. Als je dat wilt bereiken dan verval je al snel in lange lijsten met verboden en dwingende voorschriften. Je krijgt een maatschappij waar iedereen voortdurend op eieren moet lopen.

Terug achter het aanrecht

Het virus niet te willen kwetsen en gekwetst te worden beperkt zich niet tot Amerikaanse en Britse universiteiten alleen.“Ik wil niet door de stad fietsen en een levensgroot bloot vrouwenlichaam zien.” Aldus Rosemarie Buikema op 19 december in NRC Handelsblad in een reactie op een tweetal opiniestukken over het vrouwbeeld dat bepaalde lingeriereclames uitdragen. Zelf is ze natuurlijk niet preuts maar ze is naar eigen zeggen wel medeverantwoordelijk voor Nederland als multiculturele samenleving. En iedereen moet zich hier op zijn plek kunnen voelen vindt de hoogleraar ‘kunst, cultuur en diversiteit’. Eigenlijk zegt ze dat de publieke ruimte moet veranderen in één grote safe space voor hen die wel preuts zijn. U mag drie keer raden wie dit zouden kunnen zijn.

Heeft zo’n theetante in de gaten wat de implicaties zijn van het opvolgen van haar wens? Als we aan de ene gevoeligheid toegeven waarom ook niet aan de andere? Er zijn ook wel mensen te vinden die zich in Nederland niet (meer) zo op hun plek voelen door het zien van vrouwen met een teveel aan lichaamsbedekking. Als de ene groep geen lingerie wenst te zien dan de andere geen hoofddoekjes. Gaan we dat allemaal verbieden? Waarschijnlijk is dat niet de diversiteit die Buikema voor ogen heeft. Bovendien, er zijn in onze multiculturele samenleving ook lieden die behalve van schaars geklede, ook niets van werkende vrouwen met een mening moeten hebben. Om te zorgen dat die mensen zich op hun plek voelen trekt Buikema zich dus het best achter het aanrecht terug.

Safe is saai

Nee, een maatschappij waar je voortdurend rekening moet houden met alle mogelijke gevoeligheden en daarnaar probeert te handelen gaat niet werken. Juist in een diverse multiculturele samenleving is het onvermijdelijk dat je op gezette tijden geconfronteerd wordt met iets dat je niet zint. Zolang het niet strijdig is met artikel 1 van de grondwet moeten we dat laten voor wat het is. Als je toch gaat proberen al het kwetsende te weren dan resulteert uiteindelijk een grauwe eenheidsworst van Noord Koreaanse snit. Of iets minder extreem een soort 3FM met alleen maar Sam Smith, Adele en ColdPlay. Geen onaardige muziek maar dodelijk saai. Eén grote muzikale safe space.