Gisteren wilde ik een parodie schrijven op Gloria Wekker, die de Joke Smitprijs heeft gewonnen, maar omdat wonderopa Arthur van Amerongen zoiets toch veel beter kan zal ik met een serieuzere analyse komen.

 

Engagement

Gloria Wekker is, net als Roos Vonk en Linda Duits, een geëngageerde wetenschapper. Objectiviteit bestaat volgens Wekker niet. Het gaat om het hier en het nu. Ze is een activiste. In haar omstreden boek White Innocence betoogt ze dat blanke mensen, die naar modieus links gebruik tegenwoordig wit worden genoemd, niet onschuldig zijn. De politionele acties in Indonesië, de Holocaust, de slavernij, enzovoort enzovoort zijn allemaal zwarte (no pun intended) bladzijden uit onze geschiedenis die volgens haar naar de achtergrond worden verdrongen. Wekker is trouwens tegen te veel aandacht voor de Holocaust, want dat leidt alleen maar af van de slavernij.

 

Afbeeldingsresultaat voor dispereert niet algra

Grijs verleden

Gloria Wekker creëert een Zwarte Legende. Op universiteiten maar ook op middelbare scholen is er best veel aandacht voor de nare kantjes uit het vaderlandse verleden. Het verhaal over de ‘moffenmeiden’ die kaal werden geschoren kregen we te horen op de middelbare school. Ook besteedden we aandacht aan de slavenhandel, compleet met die enge tekening van hoeveel zwarte slaven er in een boot pasten.

De academische geschiedschrijving is ook heel kritisch. Logisch, want dat is de taak van wetenschap, onafhankelijk en kritisch zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Colijn-biografie van Herman Langeveld die de oorlogsmisdaden van Nederland op Lombok en Atjeh beschrijft; het boek Ondergang van Jacques Presser over de Holocaust in Nederland, waarin de passieve rol van de niet-joodse Nederlanders ook wordt benoemd; Grijs Verleden van Chris Van der Heijden, die afrekent met het denken in goed en fout als het gaat over de Tweede Wereldoorlog; enzovoort enzovoort. Boeken waarin het Nederlands verleden wordt verheerlijkt bestaan wel, maar dateren van lang, lang geleden. Denk aan Dispereert niet van Henk Algra of de kinderboeken van Pieter Prins (Pieter Jongeling). Misschien dat Sybrand Buma of Thierry Baudet nog een keer zo’n boek wil schrijven, maar niemand zal dat serieus nemen.

Gloria Wekker maakt kortom een stroman van de geschiedenis van Nederland. Ze doet niet aan wetenschap maar heeft een politiek pamflet geschreven. Haar boodschap: blanke onschuld bestaat niet, eigenlijk zijn alle blanke Nederlanders fout. Deze morele boodschap raakt een gevoelige snaar bij links, omdat ook links van nationalisme niets wil weten.

Maar Wekker gaat veel verder: ook de linkse elite is racistisch. Want zij zijn wit. Deze kritiek wordt echter niet weggehoond maar geaccepteerd. Waarom? Uit een misplaatst schuldgevoel wellicht. Of uit een soort van betuttelracisme, dat van de impliciete stelling uitgaat dat zwarte mensen dommer zijn en daarom niet met valide argumenten hoeven te komen. Als dat laatste klopt dan heeft Wekker inderdaad een punt, dat blanke mensen die zeggen dat ze niet-racistisch wel degelijk racistisch zijn.

Maar dit geldt uiteraard niet voor alle blanke mensen. Het is waanzin om mensen, puur op grond van hun huidskleur of religie, collectief te veroordelen. Dat is tribalisme. Dat waren we na de Tweede Wereldoorlog en de culturele revolutie van de jaren zestig ontgroeid. Maar het is dankzij Sunny Bergman, Asha ten Broeke, Joop, De Correspondent, De Groene Amsterdammer, sommige GroenLinks-politici en nu ook dankzij de Joke Smitsprijs mainstream geworden. En daarnaast ook door de identiteitspolitici van rechts – Baudet, Buma & co. – die de linkse actiemethoden lijken te hebben overgenomen.

Nu Gloria Wekker de Joke Smitprijs heeft gewonnen is het Nederlandse feminisme officieel intersectioneel geworden. Het gaat niet langer om vrouwenemancipatie, maar om klagen over kleur en het breken van de witte man.

 

Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons