Dina-Perla Portnaar groeide op in een streng joods-orthodoxe omgeving en schreef hierover een boek, namelijk Exodus uit de vuurtoren. Ook zat ze op het Cheider, de orthodox joodse school voor basis- en voortgezet onderwijs in de Amsterdamse wijk Buitenveldert, die vanwege een misbruikschandaal vorige week in het nieuws kwam.

PHOTO_20140327_161154

Je schreef een boek over je jeugd in een strenge orthodox-joodse omgeving. Is Exodus uit de vuurtoren een roman of een autobiografie?

Het is een autobiografie en valt onder de categorie waargebeurde verhalen. Iedereen heeft andere namen, vanwege de veiligheid. Ik ben uit de situatie vrijgemaakt, maar de details kloppen. Het verhaal gaat over mij als baby, kind, tiener en jonge vrouw. Het verhaal stopt na mijn bruiloft. Het boek bevat nog nooit vertelde geschiedenissen.

Hoe ben je hierop gekomen?

Vanaf mijn tweede wist ik dat ik een boek wilde schrijven. Ik had een hele zieke moeder. Ik deed alles voor haar, de boodschappen en de zorg, maar ik was er ook geestelijk voor haar. Behalve met mijn moeder had ik ook te maken met mijn halfbroers, zoons van mijn moeder bij haar eerste man. Ik kan concluderen dat de zorg voor haar nooit professioneel is geweest. Ik had last van mijn moeders stemmingen. Haar razernij; ze heeft mij geestelijk mishandeld.

Heftige boel. En wat heeft het Cheider hiermee te maken?

Ik ging naar deze school. Mijn halfbroers ook gedurende een korte tijd. De schoolleiding wist van de problemen in ons disfunctionele gezin, maar deed onvoldoende. Het enige wat ze belangrijk vonden, was dat de buitenwereld niets te weten kwam en dat wij ons voegden naar de joodse orthodoxie. Het moraal van dit verhaal is: ik had uit huis geplaatst moeten worden. Punt. Einde verhaal.

Waar liet de school dan steken vallen?

Op mijn twaalfde werd ik weer mishandeld door mijn halfbroer. Ik heb bij de politie een melding gemaakt; ik deed geen aangifte. Dat deed ik pas op mijn achttiende, toen ik het ziekenhuis in werd geslagen. Mijn joods-orthodoxe omgeving hielp mij niet. Ik was bang voor eerwraak, omdat ik de interne problemen naar buiten had gebracht. Ik had het gevoel dat ik constant over mijn schouder moest kijken, wat tot mijn 28e ook zo was, weet ik sinds 2016.

Het Cheider en de joodse orthodoxie lijken heel beknellend. Klopt dat?

Het is een kleine, vaak warme sociale omgeving. Klein en fijn, maar ze stoppen ook veel in de doofpot. Heel belangrijk is de schijn ophouden. Mensen praten vaak niet echt met elkaar. Je wordt constant beoordeeld. De ene familie niet vroom genoeg, de andere familie is zus, weer een andere familie is zo. Er wordt veel geroddeld. Er is een verstikkende sociale controle, waarbij jouw leven nooit van jou blijkt te zijn geweest, zoals de fameuze tekst van Acda en De Munnik – ik ben mezelf of al die jaren nooit geweest.

Van half negen tot half zes zat ik op school. Ik was heel veel bezig met mijn huiswerk. Tot en met 4 VWO heb ik op het Cheider gezeten. De school bood wel houvast door de voorspelbaarheid, ook van de groep meiden waar ik jaar in jaar uit mee in de klas zat. Ik leerde over de joodse wetten en leefwijze. 4 VWO maakte ik in zeven maanden af en de docenten van Het Cheider hielpen mij om dit mogelijk te maken. Tot half elf ‘s avonds zat ik nog toetsen in te halen.

Omslag Exodus uit de vuurtoren

En die zedenzaak, verbaast je dat?

Ik hoorde al veel geschiedenissen van anderen, dus nee helaas. Misbruik is niet een nieuw fenomeen in de wereld, maar bestaat al eeuwenlang. Ook in mijn tijd was er geweld en misbruik, maar ook smaad en laster, brainwashing enzovoorts. Omdat ik verkering kreeg met een jongen op mijn vijftiende werd ik beschimpt. Je sociale omgeving wil bepalen met wie je wel en niet mag omgaan en trouwen. Op mijn vijftiende werd ik naar CrownHeights in New York gestuurd, waar veel orthodoxe joden wonen. Dit door de familie, schoolleiding en diverse joodse relaties. De bedoeling was dat ik daar in die omgeving, de joodse mores zou leren, zodat ik niet van het ‘juiste’ pad zou gaan. Ik werd voorbereid op een dwanghuwelijk, want als je getrouwd bent met een persoon die voor je uitgekozen is, voeg je je naar de wetten van je sociale omgeving.

Het Cheider keek naar wat je buiten school deed en met wie je omging. Men lette op je kleding. Je mocht niet werelds zijn. Mijn moeder was ook heel streng-religieus, zeg maar gerust fundamentalistisch. Ze knipte joodse woorden en letters uit, want die waren heilig. Mijn moeder was sociaal volkomen geïsoleerd. Ze wilde mij daarin meetrekken. Ik had geen telefoon en geen internet. Met mijn niet-joodse buren had ik letterlijk signalen afgesproken en seinde ik vanachter het raam in mijn kamer, bijvoorbeeld als het weer mis ging en ik op dat moment niet kon vluchten voor het geweld.

Het Cheider faalde. De schoolleiding is bij ons thuis geweest en zag in levende lijve wat ik nooit in een paar zinnen aan jou zou kunnen uitleggen. Het enige wat er gezegd werd, ondanks dat sommige dossiers bekend waren, was dat de televisie het huis uit moest en dat ik niet met goijsche, dus niet-joodse kinderen mocht omgaan, want die hadden een slechte invloed op mij. De rabbijn van Cheider die mij naar New York stuurde, schreef ook een brief aan Jeugdzorg en sprak met de vertegenwoordiger. De boodschap was dat mijn veiligheid en welzijn ondergeschikt waren aan die van de gemeenschap. En dat een ‘neutrale organisatie zoals de uwe’ mij niet van mijn joodse identiteit mocht afhouden. Een keuze die enkel en alleen bij mij hoorde te liggen en bij niemand anders. De buitenwereld werd als een bedreiging gezien.

23158139_1118192284983852_319539271_o

Hoe overleefde je deze verstikkende omgeving?

Ik probeerde vast te houden aan alles wat normaal was en waar ik keihard voor knokte. Dat deed ik met alle vreugde die ik uit mijzelf kon halen. Het doen van boodschappen bij de Albert Heijn werd mijn uitje. Buurjongens en -meisjes werden vrienden. De televisie werd mijn gids voor de normale wereld, totdat het toestel inderdaad bij het grofvuil werd gezet. Meerdere keren per week was ik in de AKO Beethovenstraat en de bibliotheek op het Roelof Hartplein te vinden, waar ik van alles over de wereld las. Op het MLA genoot ik van de diverse groep klasgenoten. Uitgaan was voor mij een groter feest dan voor menig anderen. Mijn relatie met Max werd een baken. Ik deed alles met hem samen om de situatie toen te verbeteren en er uiteindelijk uit te komen. Ook bleef ik extreem mijn best doen op school. Een goede opleiding zag ik als de enige toegangskaart om uit dit web te geraken.

Die opstandigheid snap ik, maar veel kinderen voegen zich natuurlijk naar hun sociale omgeving. Waarom jij niet?

Ik kan ook boven de muren kijken die om mij heen werden gebouwd. Daarbij luisterde ik naar mijn interne kompas en analyseerde ik constant met mijn intellect toen ik er middenin zat. Ik weet dat dit niet standaard is en bij de hooggevoeligheid of -begaafdheid hoort, net zoals een filmisch geheugen. Geloof mij, hier zit het probleem dan ook met dit soort bubbels: als klein meisje wist ik dat dit niet mijn pad was. Je weet het heus wel en toch word je erin gedwongen, met lange termijn diverse soorten gevolgen vandien. Op het moment dat je eruit probeert te stappen, wordt er aan je getrokken. Soms komen mensen terug, omdat ze zich niet staande weten te houden in de civiele maatschappij, zeker wanneer ze geen opleiding of inkomen hebben. Dit komt bijvoorbeeld ook terug in de documentaire One Of Us. Vandaar dat ik thuis kapot moest worden gemaakt en tegengewerkt op het moment dat ik schooltoetsen had. Van de omstandigheden tijdens mijn eindexamenweek kan niemand zich echt een voorstelling maken, alleen Max en zijn familie die dit van dichtbij hebben meegemaakt. Ik heb de details niet opgenomen in het boek, zoals ik zoveel niet heb opgenomen. Het is immers een versimpelde en verzachte selectie…

Het klinkt als een sekte. Is Het Cheider een sekte?

Er zijn kenmerken van een sekte. Het Cheider heeft, lang na mijn overstap naar het Montessori Lyceum Amsterdam, contact gelegd met mijn profielleider die mij had aangenomen en hem een hele reeks vragen gesteld over mijn leven, alsof ik hun bezit was. Ze wilden bijvoorbeeld weten of ik de joodse wetten nog wel volgde, of ik nog steeds een relatie had met Max en meer. Nog altijd ben ik met hem in contact. Pas in de onderzoeksfase van dit boek hoorde ik wat er daadwerkelijk gebeurd was. Ik heb ongelooflijk veel mensen gesproken die ervoor gezorgd hebben dat ik allemaal zaken kon ontrafelen. Ik zal die man altijd dankbaar blijven voor de wijze waarop hij de boot afhield toen Het Cheider dit probeerde en voor hoe hij mij zonder dat ik het wist, destijds in bescherming heeft genomen.

Ten aanzien van seksualiteit was men ook ontzettend star. Jongens en meisjes krijgen apart les. Over ‘het intieme leven’ leert men net voordat men gaat trouwen. En er was een docent die ons leerde: ‘Iedere keer dat een joodse vrouw een lichaamsdeel ontbloot dat bedekt hoort te zijn, gaat er iemand van ons volk in Israël dood.’ Het klinkt misschien grappig, maar laten we eerlijk zijn: dit soort dogma’s kan ook heel gevaarlijk uitpakken.

Toen ik voor het eerst ongesteld raakte, kreeg ik ontzettende pijnen. Mijn moeder wilde eerst niks doen, maar omdat ik het uitschreeuwde, is de huisarts uiteindelijk gebeld. Hij zei dat de pil geen gekke zou zijn, maar dat wilde mijn moeder niet. De pil stond gelijk aan prostitutie en mijn kroon als joodse vrouw mocht niet afgepakt worden. Ik bleek echter een chronische aandoening te hebben waar de pil een uitkomst voor bood. In 2013 werd ik geopereerd. Omdat dit veel te laat was, ben ik hierdoor biologisch kinderloos geworden. Ik zal er nooit flauw over doen, maar van misbruik, geweld, smaad en laster, brainwashing en dergelijke kun je als individu zeker terugkomen. Je kunt het veranderen. Nogmaals, ik zal de laatste zijn die zal beweren dat het makkelijk is, want het duurt meestal een heel leven, maar het kan zeer zeker wel. Biologisch kinderloos zijn, kan ik niet meer veranderen, tenzij de positieve ontwikkelingen op het gebied van healthtech zeer snel zullen vorderen. Ik kan alleen mijn gedachten en attitude veranderen. Daarbij houdt het individu de beschadiging / vorming altijd bij zich. Afhankelijk van iemands helingsproces en een hele reeks subfactoren – nature en nurture – kan een voorgeschiedenis iemands kracht worden en tot iets positiefs worden omgebogen. Maar na vele gesprekken met diverse soorten mensen weet ik nu ook als geen ander dat er altijd een stukje in het individu overblijft waar buitenstaanders niets van kunnen begrijpen. Zaken hebben zich immers wel feitelijk voorgedaan, woorden zijn namelijk wel uitgesproken enzovoorts, enzovoorts.

Hoe sta je nu tegenover je joods-orthodoxe omgeving?

Ik snap veel zaken in de context van de naoorlogse periode. Er is veel geleden in de Tweede Wereldoorlog. Er zijn 6 miljoen mensen vermoord. Wat er kapot is gemaakt, is onvoorstelbaar en valt niet te vergelijken met menig ander leed in de wereld. De groep is zwaar beschadigd door de eeuwen heen en dat is soms deels naar binnen geklapt. Zaken worden niet besproken. Er liggen overal taboes op. Ik heb echt nul vertrouwen in velen van ‘de oude garde’. In deze tijd van #MeToo moeten jongere generaties de kar gaan trekken. Zij zijn degenen die die patronen kunnen doorbreken en de boel kunnen opschonen door transparantie, heling en transformatie. Dit ook in het kader van de zedenzaak op het Cheider, waarbij Ephraim S wordt verdacht van misbruik van meerdere jongens. Groei voor ons allemaal is het enige wat er in mij opkomt. Waar is dit alles anders dan goed voor? Oprechtheid en niet alleen politiek bedrijven, zoals nu al parten speelt. Iedereen, maar letterlijk iedereen hoort het unaniem met elkaar eens te zijn: nooit, maar dan ook nooit meer. Niet zo’n zedenzaak, niet een verdrinkend kalf waar van wordt weggekeken zoals bij mij, niet de machtstructuren en niet het individuele leed van wat voor misstanden dan ook. Unaniem en met terugwerkende kracht richting slachtoffers, ook wel overwinnaars zoals ik hen noem: erkenning, respect, gratie en lering voor de toekomst. Nogmaals, nooit meer.

Maar hoe los je deze problemen in de toekomst op?

In het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap (NIK) heb ik een leider gevonden toen ik een aantal oplossingen aandroeg, waaronder een anoniem meldpunt voor delicten, zoals andere kerkgenootschappen en sportbonden dat ook hebben. Ook is er een vertrouwenscommissie van vrouwen, die elkaar en de gezinnen kunnen helpen. Nu doen zij onder de radar goede dingen voor elkaar in plaats van dat zij erkend worden door de joodse leiders. Zo’n vertrouwenscommissie zou tegengewicht kunnen bieden aan de mannelijke rabbijnen. Verder vind ik dat er een nieuw bestuur moet komen op Het Cheider, ook met capabele vrouwen / docenten die hun leven toegewijd hebben aan deze gemeenschap. Ik vind dat de huidige directeur samen met nog een aantal anderen de ruimte moet nemen om naar de pijnpunten te kijken en zaken op te lossen. Vervolgens vind ik dat Het Cheider symbolisch gesloten moet worden, om een streep te zetten onder werkelijk waar alles en niet alleen de zedenzaak. Met nieuwe oplossingen, waarbij mensenrechten op microniveau vanuit educatie / onderwijs, seksualiteit, welzijn en gezondheid, cultuur, inclusie, dwang en meer centraal staan, kan deze school en dit deel van de gemeenschap floreren. Met andere woorden, een duurzame joodse identiteit. En als ik dan toch bezig ben met roepen wat ik vind: haal dat fort van een omheining om het schoolgebouw toch in hemelsnaam weg! Bescherming en afbakening in de vorm van een hek kan ook op een andere manier. In mijn tijd stemde de oprichter van Het Cheider, namelijk meneer Cohen, in met ijzerdraad. Laat duidelijk zijn dat entiteiten zoals Het Cheider slechts een stukje van de gehele samenleving vormen en dat alles verbonden is.

 

Foto’s: © Dina-Perla Portnaar