Jeroen Adema over de oorsprong van kerst. Het is puur heidens. Verder een linkt Jeroen naar de slechtste kerstfilm aller tijden. Erger nog dan The Star Wars Holiday Special.

 

Ieder jaar in oktober zeuren sommige evangelische christenen ons de oren van het hoofd over Halloween. Halloween is gevaarlijk, want het is heidens, vertelt men ons. In orthodox-christelijke streken heeft de dominee zijn handen er aan vol om dat aan zijn gemeente mede te delen. De gemeente luistert tegenwoordig echter minder goed, want ook in Nederland wint Halloween steeds meer populariteit. De meeste evangelische christenen zwijgen over heidense aspecten van het kerstfeest. De EO biedt zelfs een Kerststal van Lego aan. Dat is schattig, maar het is fout… In de VS is er namelijk en grote groep christenen die letterlijk Christus in het kerstfeest centraal wil stellen.

 

Sol Invictus

Geen enkel feest is zo heidens als het kerstfeest. Want Jezus is niet op 25 december geboren en zeker niet in het jaar nul. Het kerstfeest heeft zijn oorsprong in Babylon, het oude Rome, Scandinavië en het gebied waar de Germanen woonden. De eerste christenen moesten niets hebben van de festiviteiten rond 25 december. Sterker nog: de eerste christenen vierden de geboorte van Jezus niet eens. De vroegste kerkvaders hadden andere feestdagen op de kalender gezet. Dat waren meestal varianten op de Joodse feestdagen. Pas met Constantijn de Grote – de Romeinse keizer die zich tot het christendom bekeerde – werd 25 december een feestdag. In plaats van de geboorte van zon werd de verjaardag van de Zoon van God gevierd.

Rond 25 december vierden de oude Romeinen de Saturnalia of Sol Invictus, de oude Germanen vierden het Joelfeest (in de Scandinavische landen wordt Kerst nog steeds Jul genoemd). Zowel in het oude Rome als bij de oude Germanen werden de huizen versierd met dennentakken en  hulstbladeren. Ook de Babyloniërs vierden een soortgelijk winterfeest. Dat feest was kennelijk zo populair, dat de Bijbelse profeet Jeremia de Israëlieten krachtig tegen het versieren van bomen waarschuwde:

2 Zo zegt de HEERE: Leert den weg der heidenen niet, en ontzet u niet voor de tekenen des hemels, dewijl zich de heidenen voor dezelve ontzetten.

3 Want de inzettingen der volken zijn ijdelheid; want het is hout, dat men uit het woud gehouwen heeft, een werk van des werkmeesters handen met de bijl.

4 Men pronkt het op met zilver en met goud; zij hechten ze met nagelen en met hameren, opdat het niet waggele.

5 Zij zijn gelijk een palmboom van dicht werk, maar kunnen niet spreken; zij moeten gedragen worden, want zij kunnen niet gaan; vreest niet voor hen, want zij kunnen geen kwaad doen, ook is er geen goeddoen bij hen.

Jeremia 10 vers 2 – 5

Dus kerstbomen zijn dus voor christenen een no-go. Maar toch staan ook in de meeste christelijke huishoudens gewoon kerstbomen. De trend is tegenwoordig dat je een tweede boom erbij neemt.

 

Odin

Ook de Kerstman (en Sinterklaas) is een heidens verschijnsel. De Kerstman stamt af van de Germaanse god Odin. Odin reed ’s nachts op zijn achtbenige paard Sleipnir door de lucht. Daar stamt de schimmel van Sinterklaas van af, maar ook de rendieren van de Kerstman. Twee van de namen van de rendieren zijn heidens namelijk Cupid (Cupido) en Donner (Donar/Thor). Het zetten van de schoen bij de haard was in voorchristelijke tijden dus ook niet bedoeld om een cadeau te ontvangen maar om aan de goden te offeren. Bij de oude Kelten offerde men melk en koekjes aan de God van het haardvuur. In Angelsaksische landen laat men nog steeds melk en koekjes achter voor de Kerstman.
Het kerstfeest was een doorn in het oog van de Puriteinen, de zeventiende-eeuwse Angelsaksische fundamentalisten. Oliver Cromwell verbood de Engelsen om kerst te vieren en ook de Puriteinen in Noord Amerika moesten van dit van oorsprong heidense feest niets weten. In Massachusetts kreeg je in 1615 een boete van 5 Schilling, wat een maandsalaris was, als je betrapt werd op het vieren van 25 december. In veel Amerikaanse deelstaten was het tot 1870 verboden om kerst te vieren. Wie thuisbleef voor de kerstdagen riskeerde ontslag op staande voet of verwijdering van school. Veel protestantse leiders, zoals bijvoorbeeld de Britse puritein Charles Spurgeon, ageerden zeer tegen het kerstfeest. Op 24 december 1871 zei Spurgeon er het volgende over:

We have no superstitious regard for times and seasons. Certainly we do not believe in the present ecclesiastical arrangement called Christmas: first, because we do not believe in the mass at all, but abhor it, whether it be said or sung in Latin or in English; and, secondly, because we find no Scriptural warrant whatever for observing any day as the birthday of the Savior; and, consequently, its observance is a superstition, because not of divine authority.

Nog steeds zijn er in de Angelsaksische wereld veel christenen die geen kerst vieren. Wel stapt men over op het joodse Chanoeka, wat om Bijbelse redenen wel toegestaan is. Soms wordt er tijdens Chanoeka ook dennengroen gebruikt. Vooral in de VS lijkt die versiering wel heel erg op Kerstversiering… (Wat kennelijk verboden is.)

Kerst is dus geen christelijk feest. Men kan roepen wat men wil, het wordt ook geen christelijk feest. Hoog tijd dus om ons dit te realiseren. Kerst is een heidens feest met een christelijke sausje. Ik stel daarom voor om Odin weer van stal te halen. Maar ja, voor mij is het makkelijk praten…

 

In 2014 verscheen trouwens de christelijke film Saving Christmas van Kirk Cameron, die over deze thematiek gaat. U kunt deze film hier bekijken (op eigen risico). Hieronder legt filmcriticus Sean Moore (@smeghead4269) uit waarom dit één van de slechtste films aller tijden is.