Een schijnbaar oneindig aantal korte verhalen en personages vormen samen ‘De Tsaar van Liefde en Techno’.

Ergens halverwege De Tsaar van Liefde en Techno voert Anthony Marra (1984) ons naar de troosteloze plaats Kirovsk tientallen kilometers ten noorden van de poolcirkel. In de fantasie van Marra baadt een groep bejaarden in de nadagen van het Sovjet-regime in het toepasselijk genoemde Kwikmeer. Een naam die iets weergeeft van de ellendige omstandigheden die in dergelijke Russische steden heerst. Met veel historisch gevoel stelt de verteller dat ‘haar generatie was door de hel gereisd, zodat wij in het vagevuur konden opgroeien’. Een bondigere samenvatting is er niet van het leed dat de Russische bevolking – klem tussen Stalin en Poetin – is aangedaan. Via een groot aantal korte verhalen die zich vooral in Kirovsk en Tsjetsjenië afspelen, wordt die grauwheid nog eens verder uitgewerkt. Opvallend daarbij is dat Marra op geslaagde wijze een bepaald soort lichtvoetigheid weet over te brengen waardoor je niet half depressief het boek dichtslaat. Want de personages die Marra tot leven wekt intrigeren en zijn tegelijkertijd vehikel voor de grote historische ontwikkelingen in Rusland als katalysator voor het zich op de relaties die mensen onderling aangaan.

Retoucheren van de werkelijkheid
Startpunt voor deze bundel van korte verhalen die feitelijk toch één langgerekt verhaal vormt, is de kunstenaar Roman Markin die voor het Sovjetregime in ongenade gevallen partijgenoten wegretoucheert uit schilderijen. Daarbij is hij tevens in staat om de grote leider Stalin er voordeliger uit te laten zien waardoor er gefluisterd wordt dat Stalin zelf geporteerd is van deze Markin door diens vermogen zijn wangen te laten stralen. Maar net zoals voor iedere onderdaan van het Sovjetrijk ligt ook voor Markin altijd gevaar op de loer. Een gevaar dat al de dood van zijn broer heeft betekend en het leven van zijn schoonzus en zijn neefje continu in gevaar brengt. Dit leidt hem tot een kleine maar zeer symbolische rebellie: het invoegen van het gezicht van zijn broer in tal van schilderijen die hij moet retoucheren. Een schilderij waar hij een ballerina moest wegwerken, brengt hem uiteindelijk in de problemen, maar juist die ballerina en het gezicht van zijn broer vormen de bron van de hele serie korte verhalen die volgen.

De kosmos
Het aardige daarbij is dat je met enige regelmaat afvraagt wat de link is tussen de volstrekt verschillende verhalen. Niet alleen door het wisselende vertelperspectief, maar ook de verschillende tijdsperiodes en locaties die variëren van Sint-Petersburg in de jaren dertig onder Stalin tot het heden onder Poetin. En dan komt telkens een bekend personage of – nog vaker – een object zoals een schilderij van een Tsjetsjeens landschap om de hoek kijken waardoor de banden tussen de diverse verhalen steeds duidelijker en intensiever worden. Gezien het grote aantal verhalen en personages zal het daarbij ongetwijfeld zijn dat bij het herlezen je nog veel meer verbanden gaat zien. Hoewel deze aanpak voor de lezer niet altijd makkelijk is en tot enige verwarring kan leiden, is dat een klein minpunt tegenover veel pluspunten. Het enige waar Marra wat oorspronkelijker in had kunnen zijn, is het slot van De Tsaar van Liefde en Techno. Daar komt het einde net iets te mooi samen met het begin en zijn trekken van een ietwat drakerige Hollywood happy ending te ontwaren, om nog maar te zwijgen over een geestverruimend uitstapje naar de kosmos die de lezer vooral in onbegrip in plaats van vervoering achter laat. Maar dat is uiteindelijk een klein minpunt voor het verder zeer geslaagde tweede volwaardige boek van de hand van Marra. Het is knap dat hij op lichtvoetige wijze de ellende schetst van het Russische volk dat eigenlijk nooit over het eigen lot heeft kunnen beschikken en zich altijd heeft gevoegd naar ‘sterke mannen’ getooid met titels als Tsaar, Secretaris-Generaal of President.

In juni is ‘De Tsaar van Liefde en Techno’ bij De Bezige Bij verschenen. Het betreft de Nederlandse vertaling door Hein Montijn van ‘The Tsar of Love and Techno’ van Anthony Marra. Het boek is tevens als eBook beschikbaar.

Ferdi de Lange (1980) recenseert onder andere boeken en concerten op zijn cultuurblog FerdiBlog. Met enige regelmaat recenseert Ferdi ook voor Jalta.