Noem eens een merk dat meer dan 90 procent van de markt beheerst. Het zal niet meevallen. Haast elke branche – cosmetica, kleding, horloges – kent meerdere grote spelers, geduchte concurrenten, kleine luizen in de pels… Het gevolg is variëteit, vergelijkingsmateriaal: een pluriforme en open cultuur. Zo houden we elkaar scherp.

Des te opmerkelijker dat deze pluriformiteit en openheid volledig ontbreken in een sector waar je ze misschien wel het meest zou verwachten: in de kunsten – meer specifiek, de professionele pianowereld. Waar je op huiskamerniveau nog kunt kiezen uit talloze pianomerken – Kawai, Blüthner, Schirmer, Yamaha – tref je op de concertpodia in vrijwel alle gevallen een instrument van steeds één en dezelfde maker: Steinway & Sons uit New York. Alle grote pianisten zijn er mee opgevoed; op vrijwel elke cd met klassieke pianomuziek hoor je een Steinway. Zo’n 98 procent van het professionele concertleven speelt zich af op deze vleugels. Een onwaarschijnlijke marktpositie – een feitelijk monopolie.

Toen ik nog rondliep op het conservatorium heb ik me hierover nooit verbaasd. Het was zo vanzelfsprekend, in elke leskamer stonden Steinways. Mijn vader, pianodocent, zwoer bij deze instrumenten. Het ‘wereldje’ schamperde over die enkeling die een Bechtstein verkoos. Ook toen ik later ging werken voor de serie Meesterpianisten – de pianorecitals op zondagavond in het Concertgebouw – verwonderde het me niet om steeds maar weer een Steinway te zien. Of er nu Bach werd gespeeld of Schönberg, lichtvoetig of zware kost. Het was het beste, het was het enige instrument.

Met een schok ontwaakte ik uit deze sluimer toen ik onlangs een dubbel-cd van de Nederlandse pianist Paolo Giacometti ontdekte. De titel is veelzeggend: Compared. Giacometti speelt twee keer exact dezelfde stukken. Maar de ene keer op een Steinway, de andere keer op een Erard.

Erard. (Spreek uit: eráár.) Ooit van gehoord? Grote kans van niet. Het instrument, vernoemd naar haar eerste bouwer, de Parijzenaar Sebastien Erard (1752-1831), groeide uit tot dé vleugel van de negentiende eeuw. Zo’n 70 procent van de pianomuziek tussen 1830 en 1930 werd op een Erard gecomponeerd. Alle grote componisten, van Beethoven tot Chopin, van Brahms tot Liszt: ze speelden erop. Tegenwoordig is het instrument naar de marges van het concertleven verdrongen. Haast niemand die er nog op speelt – en al helemaal niet in de grote zalen.

Maar luister eens naar het volgende fragment uit Ondine ¬(‘waternimf’) van de Franse componist Maurice Ravel (1875-1937).
Bekende klank? Dat kan kloppen, want het is een Steinway – en daar zijn we zeer aan gewend. Dan nu hoe Ravel het zélf hoorde toen hij het stuk schreef, op de Erard die in zijn studeerkamer stond:

Wat een verschil! Op de Steinway is de muziek een intellectueel spel; op de Erard is het erotische verleidingskunst. Bij Steinway is de klank homogeen, bij Erard hoor je de naden in het hout. Of neem Ravels Menuet antique:
Dat was Steinway. Nu op Erard:
De Erard is vriendelijker, meer bescheiden. De Steinway is daarentegen opgeruimder, de klank is cleaner – en daardoor ook evenwichtiger.

Een derde fragment, tot slot: het pianotrio in c van Mendelssohn. Hier is een uitvoering gespeeld op een Steinway:


En hier is een van de zeldzame uitvoeringen op een Erard:
De eerste opname maakt het stuk zwaar, dikkig, maar daarmee ook weer heel geschikt voor de herfstsfeer van dit moment – terwijl de tweede opname juist lichtvoetig, zonnig en vrolijk is. Veel meer iets voor in de lente. Een compleet andere beleving!

En deze opnames met een Erard zijn slechts één van de vele mogelijke alternatieven voor de Steinway. Er zijn tientallen andere pianomerken van de hoogste kwaliteit die we desalniettemin nooit horen – zoals de Pleyel, het lievelingsinstrument van Chopin. Of de Weense Bösendorfer, ideaal voor een zangerige Schubert. Of de Baldwin, het lievelingsinstrument van Leonard Bernstein. Ik eet niet graag elke avond hetzelfde. Ik draag het liefst regelmatig andere kleren. En ik luister met veel plezier naar mijn lievelingsmuziek op verschillende instrumenten. Leve de pluriformiteit! Doorbreek de monocultuur van Steinway & Sons!