De Amsterdamse Oudemanhuispoort is voor veel inwoners van de stad een bekende plaats. Op dit moment is het deel van de Universiteit van Amsterdam, maar het oude gebouw heeft sinds de 16e eeuw opvallende en interessante functies gehad. Het is het bezoeken waard.

De vroegste geschiedenis van het gebouw speelt zich af in de 16e eeuw. Het was een nonnenklooster, maar in 1578 veranderde dat: de Oudemanhuispoort werd waarnaar het vernoemd is: een oude mannen- en vrouwenhuis, ofwel een rusthuis voor zo’n honderd ouderen van Amsterdam. De erfenis van het oude mannen- en vrouwenhuis is nog aanwezig. Bij de poort aan de Kloveniersburgwal staat een standbeeld met daarop de ‘moe’ en ‘armoe’ uitgebeeld. Gek genoeg werd het altijd het Oudemanhuispoort genoemd terwijl de vrouwen ver in de meerderheid waren. Deze benaming is zo gebleven tot op de dag van vandaag.

In de 18e eeuw was het tijd voor een verbouwing. Architect Pieter Rendorp was hoofdverantwoordelijke en liet zijn stijl beïnvloeden door Pieter de Swart, die op zijn beurt geïnteresseerd was in de Franse Lodewijk XV-stijl. Rendorp bekroonde de mooie hoofdingang met een groot stadswapen. Ook werden bij deze verbouwing de bekende winkelkasten gemaakt bedoeld voor dure juwelen en edelmetalen. Niet alleen zijn deze winkelkasten nog intact, de verkopers bestaan ook nog. Niet de originele, maar wel nieuwe: boekverkopers. De traditie van boekverkoop in de Oudemanhuispoort gaat een tijd terug. Sommige verkopers hebben een pittige mening over de studenten die er regelmatig langslopen, overigens.

Pas in de 19e kreeg het de functie van vandaag de dag: een universiteitsgebouw. Dat ging niet direct. Het gebouw heeft daarvoor nog de functies van (chronologisch) Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten, de Rijksacademie en Museum Van der Hoop gehad. Deze laatste was een museum waar de schilderijen die in het Rijksmuseum staan toentertijd werden tentoongesteld. Uiteindelijk werd het in 1880 deel van de UvA.

Een uitbreiding na de sterke groei van studenten in de 20e eeuw was noodzakelijk. Drie collegezalen werden bijgebouwd. Na de jaren zestig werd het gebouw nog eens gerenoveerd waarna het oude karakter voor een deel werd weggevaagd. Alleen de gevels doen nog aan de geschiedenis denken. Desalniettemin is het een prachtig gebouw met een rijke geschiedenis. Het universiteitsgebouw is niet toegankelijk voor bezoekers, maar de oude winkelkasten zijn nog even intact als vroeger. Ook is een kijkje naar de bijzondere gevels aan te raden.

Afbeelding: Wikipedia, Wikimedia Commons