Historicus en journalist Mark Blaisse (1952) schreef een populair-wetenschappelijke biografie over de Italiaanse filosoof Giambattista Vico (1668-1744). Met zijn originele inzichten was ‘het Orakel van Napels’ zijn tijd ver vooruit. 

Blaisse-Orakel-28-vra-opm2-v1-600x955

Van Vico had ik vaag gehoord dankzij de colleges filosofie die ik in Groningen volgde, naast mijn studie geschiedenis. Maar het bleef bij de naam. Mark Blaisse, die net als ik geschiedenis heeft gestudeerd, schreef zijn doctoraalscriptie over Vico in 1976 en heeft 42 jaar later besloten om aan de Italiaanse filosoof een boek te gaan wijden.

Waarom is Vico interessant? Hij is misschien wel de eerste geschiedfilosoof. Voor Hegel, Marx en Nietzsche dus. Vico had kritiek op de exacte wetenschapsopvatting van Descartes en vond geschiedenis, metaforen en verbeelding juist heel belangrijk. De menswetenschappen, niet de exacte wetenschappen, brachten echte kennis. De menswetenschappen gingen ook over de mens en waren volgens Vico daarom veel interessanter.

In de biografie van Blaisse komen Vico en het Napels van zijn tijd prachtig tot leven, compleet met bedelaars en hoeren dus die natuurlijk bij een vroegmoderne metropool horen. Italië was in de zeventiende en achttiende eeuw allang niet meer het intellectuele hart van Europa, maar bracht nog wel dwarse denkers voort. Vico leidde dan ook een soort van dubbelleven. Als slecht betaalde hoogleraar retorica in een een katholieke staat met veel censuur kon hij het achterste van zijn tong niet laten zien, want dat kostte hem zijn baan en misschien ook zijn vrijheid. Vico moest dus slijmen om zijn positie te behouden. Maar in zijn magnum opus La Scienza nuova (De nieuwe wetenschap) en in zijn nooit gepubliceerde dagboek schreef Vico wat hij echt dacht.

Het duurde lang, meer dan 100 jaar, voordat Vico pas echt invloedrijk werd. In tegenstelling tot Descartes, Spinoza en Leibniz gold Vico als een tweederangs denker, die niet echt serieus genomen werd. Zijn tijdgenoten konden niet vermoeden dat Vico later Hegel, Marx en Nietzsche zou inspireren, maar ook Berlin, Saïd, Eco en Sloterdijk.

Mark Blaisse heeft zijn biografie in de romanvorm geschreven, hoewel het boek niet echt een historische roman is. Daarvoor wil Blaisse te veel informatie vertellen, daarvoor is het boek te weinig literair. Het boek laat zich misschien het beste vergelijken met Schaduwbeeld of het geheim van Appeltern van Hella Haasse, dat geen wetenschappelijke biografie over de Nederlandse achttiende-eeuwse politicus Joan Derk van der Capellen is, maar gezien het gebrek aan literaire verbeelding ook geen echte historische roman. Het Orakel van Napels is niettemin zeer onderhoudend. Enige minpuntje: Blaisse wil het boek actueel maken en strooit daarom met termen als nepnieuws en alternatieve waarheid. Dat doet geforceerd aan en voegt niks aan het verhaal toe. Mocht dit een idee geweest zijn van uitgeverij Balans: niet doen jongens, dit modieuze gezwam doet echt afbreuk aan dit verder uitstekende verhaal.

 

Afbeelding: © Balans