Op 25 juli 1943, 25 Luglio, werd Benito Mussolini aan de kant gezet door de Fascistische Grote Raad. Enkele fascistische prominenten, waaronder Mussolini’s schoonzoon Galeazzo Ciano, wilden van de Italiaanse dictator af. Ofschoon de coup slaagde zou dit besluit hen later duur komen te staan.

 

De Tweede Wereldoorlog had Italië niet de roem en glorie gebracht die Mussolini had beloofd. Voor de Italianen begon de oorlog zelfs meteen al slecht. In juni 1940, toen de Fransen in Noord-Frankrijk al bijna verslagen waren, besloot Italië om zich in de oorlog te mengen aan de kant van Nazi-Duitsland. Het Italiaanse offensief was echter geen groot succes, hoewel de Italianen na de wapenstilstand met Frankrijk Nice konden annexeren.

1940 bracht nog meer rampen. De Italiaanse vloot werd een gevoelige klapt toegebracht bij Tarente en de Italiaanse invasie van Griekenland liep op een catastrofe uit. De Grieken voerden een tegenoffensief uit en veroverden daarbij een kwart van Albanië, dat door de Italianen werd bestuurd. In 1941 warden de Italianen verslagen in Oost-Afrika en werd Ethiopië bevrijd, dat sinds 1935 Italiaans was. Ook in Noord-Afrika werden de Italianen teruggedrongen, maar dankzij de komst van Erwin Rommel en zijn Afrikakorps kon het tij – tijdelijk – worden gekeerd.

In 1942 was Italië oorlogsmoe. Vanwege de Italiaanse nederlagen was men Mussolini zat. Ook waren de Italianen boos op hun Duce vanwege Operatie Barbarossa. Mussolini stuurde om Hitler in zijn kruistocht tegen het communisme te steunen Italiaanse troepen naar het Oostfront, maar de Italianen hadden het gevoel dat ze daar een oorlog voor iemand anders aan het voeren waren. Daar hadden ze weinig zin in.

Een jaar later leek het doek voor Mussolini te zijn gevallen. De Duitse en Italiaanse troepen in Afrika gaven zich massaal over in Tunesië, waarop de geallieerden besloten tot hun invasie van Italië. Op 24 juli landden de geallieerden in Sicilië en veroverden met groot gemak dit eiland. De Sicilianen begroetten de geallieerden als bevrijders.

De fascistische politici Galeazzo Ciano en Dino Grandi wilden van Mussolini af. Ze riepen op 24 juli de Fascistische Grote Raad bijeen, die sinds 1940 niet meer had vergaderd. Mussolini wist niet dat men van plan was om hem aan de kant te zetten. Grandi diende een motie in om de koning weer zijn volle grondwettelijke bevoegdheden terug te geven, een impliciete motie van wantrouwen tegen Mussolini. De motie met werd met 19 stemmen voor en 8 tegen aangenomen. Omdat Mussolini de raad beschouwde als een adviesraad legde hij de motie naast zich neer en op 25 juli ging hij gewoon weer aan het werk. Die avond werd hij echter ontboden op het koninklijk paleis. Toen Mussolini wilde uitleggen wat er die dag ervoor gebeurd was werd hij onderbroken door de koning, die hem vertelde dat maarschalk Pietro Badoglio de nieuwe minister-president van Italië was geworden. Toen hij het paleis verliet werd Mussolini gearresteerd.

De Italianen hielden Mussolini enkele weken gevangen. Op 12 september werd hij bevrijd door de Duitsers, die Mussolini graag aan het hoofd wilden zetten van een Duitsgezinde marionettenrepubliek in Noord-Italië, de Italiaanse Sociale Republiek of de Republiek van Salò genaamd. Italië had namelijk vrede gesloten met de geallieerden nadat Mussolini was afgezet en de nazi’s de oorlog verklaard. Eén van de wapenfeiten van Mussolini’s Italiaanse Sociale Republiek was de executie van Ciano en andere dissidente fascisten, die op 24 juli 1943 voor de motie van Grandi hadden gestemd. Grandi zelf was gevlucht en overleefde de woede van Mussolini.

Als minister-president van de Republiek Salò was Mussolini niet meer dan een marionet en hij wist dat. Hij was vooral bezig met het schrijven van zijn memoires. Toen de geallieerden in april 1945 de laatste resten van Mussolini’s vazalstaat veroverden probeerde de Duce naar Zwitserland te vluchten. Hij werd echter herkend door Italiaanse partizanen en samen met zijn minnares Clara Petacci geëxecuteerd. Hun lijken, en die van drie andere fascisten werden ondersteboven opgehangen bij een pompstation. Het lijk van Mussolini werd tien jaar na zijn dood fatsoenlijk herbegraven, een politieke beslissing van minister-president Adone Zoli om op die manier de steun van radicaal-rechtse partijen te krijgen.

Als dictator light is Mussolini bij uiterst rechts in Italië nog steeds erg geliefd. Een kleinzoon van Hitler die in de Duitse politiek zit voor een extreemrechtse partij is ondenkbaar, even los van het feit dat er geen kleinkinderen van Hitler zijn, maar Benito’s kleindochter en voormalig Playboymodel Alessandra Mussolini is lid van de Italiaanse senaat. Sommige historici oordelen ook mild over Mussolini. De Duce was in tegenstelling tot de Führer geen antisemiet en wordt daarom als een krachtige rechtse leider met een tamelijk schoon blazoen beschouwd. Dit beeld is echter niet terecht, want Mussolini executeerde niet alleen zijn schoonzoon en anderen die hem verraden hadden, maar hij was ook verantwoordelijk voor de bloedige verovering van Ethiopië in 1935 en speelde bovendien een zeer kwalijke rol in de Spaanse Burgeroorlog. Het historisch oordeel over Mussolini kan daarom niet anders dan negatief uitvallen, hoe charmant hij bij tijd en wijle ook kon overkomen, vooral bij de vrouwen…

 

Afbeelding: Wikipedia / Wikimedia Commons