Frits Bolkestein is geïrriteerd omdat Merijn Oudenampsen hem niet heeft geïnterviewd en daarom allemaal onjuiste dingen over hem zou hebben beweerd in zijn proefschrift. Ofschoon deze kritiek begrijpelijk is hebben interviews met betrokkenen lang niet altijd zin.

 

In zijn proefschrift zijn proefschrift The Conservative Embrace of Progressive Values, dat in linkse kringen erg positief ontvangen is, beschouwt socioloog Merijn Oudenampsen voormalig VVD-leider Frits Bolkestein als de gangmaker van Nieuw Rechts in Nederland. Volgens Bolkestein is dit onzin en beweert Oudenampsen van alles zonder dit te checken.

Ergens heeft Bolkestein een punt. Als ik in de schoenen van Oudenampsen stond had ik Bolkestein zeker geïnterviewd. Ook als ik het helemaal niet met hem eens was. Gewoon om dit goed af te dekken. Om gezeik achteraf te voorkomen. Maar interviews met nog levende betrokkenen hebben voor een proefschrift lang niet altijd zin.

Zeven jaar geleden alweer promoveerde ik op de geschiedenis van het Gereformeerd Politiek Verbond, een protestants-christelijke politieke partij die van 1963 tot 2001 in de Tweede Kamer heeft gezeten en is opgegaan in de ChristenUnie. Het ging mij vooral om de politieke cultuur van de partij en welke rol het GPV speelde in het politieke machtsspel (geen macht, wel invloed). Ideologie kreeg wel aandacht, maar was toch ondergeschikt. Dat kwam mede omdat ik nogal een afkeer had van enkele uiterst rechtse standpunten van de partij – het GPV steunde de apartheid in Zuid-Afrika en was met beroep op Groen van Prinsterer formeel tegen de democratie.

In mijn proefschrift heb ik de standpunten van het GPV uiteengezet en geanalyseerd. Tussen de regels door heb ik hier en daar mijn eigen mening laten doorschemeren, vaak in de vorm van ironische zinswendingen, maar heb tegelijk geprobeerd zo objectief mogelijk te zijn. En met objectief bedoel ik ook onafhankelijk. En voormalige GPV- en RPF-politici die probeerden met hun morele oordelen mijn beeld van het verleden te kleuren heb ik netjes aangehoord, maar hun bevindingen heb ik zo veel mogelijk genegeerd. Ik wilde op basis van de bronnen uit die tijd een zo objectief verhaal over de geschiedenis schetsen. Ik wilde geen apologetiek van christelijke politiek schrijven. Omdat ik niet in christelijke politiek geloof. Maar ook omdat de vraag of ik hier wel of niet in geloof er niet toe doet. Het gaat om een goed boek, een boek dat nieuwe perspectieven biedt, een boek ook dat een beetje lekker leesbaar is. De interviews met betrokkenen waren eigenlijk vooral goed ter oriëntatie op mijn onderwerp en voor de anekdotes.

Frits Bolkestein is geïrriteerd omdat hij het ideologisch niet met Merijn Oudenampsen eens is. Oudenampsen is immers heel links. Maar juist door zijn eigen verhaal te schrijven, zonder zich wat aan te trekken van de gekleurde interpretaties die Bolkestein en anderen van dit verleden gaven, heeft Oudenampsen toch enkele interessante nieuwe dingen beweerd. Als je namelijk van een afstandje alles bekijkt en bestudeerd en verschillende bronnen met elkaar vergelijkt kom je tot nieuwe inzichten, die anderen nog niet hebben gezien. Dat is ook wetenschap: tot nieuwe inzichten komen die onze kennis weer een stapje verder helpen. Natuurlijk kan Oudenampsen flink de plank misslaan, in wetenschap worden fouten gemaakt, maar juist door voor een originele invalshoek te kiezen heeft hij onze kennis van het recente politieke verleden vergroot. Als Oudenampsen braaf alle bevindingen van Bolkestein had opgetekend en zich daardoor had laten kleuren dan was het proefschrift helemaal niet interessant geweest.

 

 

Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons