Gisteren werd bij de Armeense Kerk in Almelo de Armeense Genocide herdacht, die in 1915 aan zo’n anderhalf miljoen Armeniërs in het Ottomaanse Rijk het leven kostte.

 

Harout Boghossian hield tijdens deze bijeenkomst een toespraak, die nogal indruk maakte:

Onze slachtoffers zijn heilig verklaard, maar hun zielen rusten niet in vrede. Nooit meer zullen zij horen hoe de kerkklokken van de Armeense kerk luiden in Ani, Van, Erezum en Garine. Nooit meer zullen zij hun vertrouwde gebeden horen. Nooit meer zullen zij de Armeense volksliederen en instrumenten horen en nooit meer zullen zij zien hoe er op deze muziek Armeense volksdansen worden gedanst. Ook zullen zij nooit meer de rook zien die opstijgt wanneer er in de Armeense dorpen door onze grootmoeders vers brood wordt gebakken. Alles is donker, alles is stil. Net als hoe de wereld nog steeds stil blijft wanneer het aankomt op erkenning van de genocide en het herstellen van de gerechtigheid. Stil, om eigen economische en politieke belangen te beschermen.

Voor ons, als Nederlandse burgers, is Nederland ons tweede vaderland, en tevens de geboorteplaats van velen onder ons. Wij hopen dat onze staat de Armeense Genocide als zodanig erkent en de waarheid accepteert. Een land als Nederland, waarin rechtvaardigheid centraal staat, moet in staat zijn om die rechtvaardigheid voorop te stellen en bij te dragen aan het herstellen van de rechten van de Armeense bevolking.

Vergeet heel de wereld de Armeense Genocide, God zal het nooit vergeten.

 

 

‘Wij leven nog steeds met de gevolgen’. De Armeense Holocaust 100 jaar later