Begin deze week kondigde het Chinese Ministerie van Onderwijs aan dat de Tweede Wereldoorlog in China in 1931 is begonnen en dat derhalve de geschiedenisboeken moeten worden herschreven. Hiervoor was 1937 het officiële startjaar van de Tweede Wereldoorlog, zes jaar later, maar wel twee jaar voor de Duitse inval in Polen en drie jaar voordat Nederland werd bezet. Hoe zit het nou precies met China en de Tweede Wereldoorlog? En wat zegt dit eigenlijk over de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog?

 

Mantsjoekwo

Japanse ‘experts’ bekijken de sabotage-actie

China was na de val van het keizerrijk in 1911 een verzwakt land. Westerse mogendheden en Japan probeerden hun invloedssfeer in het Rijk van het Midden uit te breiden en Chinese generaals, de zogenoemde Warlords, speelden in veel provincies voor plaatselijke dictator. Generaal Chiang Kai-shek van de nationalistische Kwomintang-partij wist China te herenigen tijdens de noordelijke campagne. Warlords gaven zich over of sloten zich bij Chiang Kai-shek aan. Niettemin was de eenheid broos. Chiang Kai-shek had het te stellen met de communisten van Mao Zedong, die een communistisch China wensten, en met een steeds agressiever wordend Japan.

Op 18 september 1931 vond het zogenaamde Mukden-incident plaats. De Japanners bliezen hun eigen spoorlijn in de noordelijke Chinese provincie Mantsjoerije op, gaven Chinese terroristen de schuld en gebruikten het incident als een excuus om de noordelijke provincie te bezetten, zogenaamd om de orde te herstellen. Mantsjoerije werd een marionettenstaat, officieel onafhankelijk, maar in feite afhankelijk van Japan. De laatste keizer van China, Pu Yi, werd marionettenkeizer van Mantsjoekwo, zoals de staat nu officieel heette.

De invasie van Mantsjoerije verliep niet bepaald vreedzaam. De aanwezige Chinese troepen verzetten zich en werden met geweld verjaagd. Ook bombardeerden Japanse vliegtuigen burgerdoelen. In 1932 vonden er bovendien hevige gevechten plaats in Shanghai, duizenden kilometers zuidelijker. De Japanners hadden, net als de westerse machten, een concessie in deze stad. Ze lokten een incident uit – vijf Japanse monniken werden in elkaar geslagen door Chinezen, een monnik overleefde het niet – wat als excuus gebruikt werd om de stad met vliegtuigen te bombarderen en duizenden soldaten naar Shanghai te sturen. Dankzij westerse diplomatieke bemoeienis escaleerde dit conflict niet tot een totale oorlog, maar het scheelde niet veel.

De Japanse wreedheden werden in de westerse pers verslagen en Japan werd door de Volkerenbond op het matje geroepen. Japan stapte in reactie hierop uit de Volkerenbond, hoewel er niet militair tegen de Japanse agressie werd opgetreden. Dat Frankrijk en Engeland dit verzuimden is voor de latere geschiedenis heel belangrijk, want Mussolini en Hitler zagen dit als een bewijs van westerse zwakte en begonnen medio jaren dertig ook een agressieve buitenlandse politiek te voeren.

 

Totale oorlog

Second_Sino-Japanese_War_WW2

Japanse bezetting van Chinees grondgebied in 1940

De oorlog van 1931-1932 veranderde gelukkig niet in een totale oorlog tussen Japan en China. Toch was er tussen 1932 en 1937 geen echte vrede tussen beide landen. Van 1932 tot de lente van 1942, maar liefst tien jaar dus, was Japan bezig om  Mantsjoerije te pacificeren. Plaatselijke bendes en vrijwilligerslegertjes voerden een guerrillaoorlog tegen de Japanse bezetters. Uiteindelijk slaagden de Japanners erin deze te verslaan. In 1933 vielen Japanse soldaten de Chinese Muur aan. Deze korte oorlog had als resultaat dat China de provincie Binnen-Mongolië opgaf. Vanaf 1933 voerde Japan met behulp van Mongoolse en Chinese collaborateurs bovendien een proxy-oorlog tegen de Chinezen. Doel was om via marionettenlegers Noord-China in handen te krijgen. In 1937, het jaar dat de langverwachte totale oorlog eindelijk uitbrak, waren er zo’n 15.000 Japanse soldaten in China.

In de nacht van 7 juli 1937 werd het dus echt oorlog, toen Chinese en Japanse troepen elkaar beschoten bij de Marco Polobrug, vlak ten noorden van Beijing. De Japanners gebruikten dit incident als een excuus om China met een enorme legermacht binnen te vallen. Hoewel de Chinezen numeriek in de meerderheid waren waren ze niet opgewassen tegen het veel moderner uitgeruste Japanse leger.

Chinese troepen verschansen zich in Shanghai

De grote veldslag van 1937 vond plaats rond Shanghai. Hier waren 30.000 Japanse troepen gelegen.  Chiang Kai-shek viel ze aan met zijn beste troepen, met als doel de Japanners uit de belangrijkste havenstad van het land te verdrijven. Dit lukte uiteraard niet, omdat het Japanse leger al snel veel versterkingen kreeg en over veel meer vuurkracht beschikte. Niettemin boden de Chinezen boden onverwacht veel weerstand. De slechter uitgeruste Chinese luchtmacht wist veel Japanse vliegtuigen neer te halen, hoewel de Chinezen uiteindelijk geen partij bleken voor de machtige Japanse oorlogsmachine.

Nadat de Chinezen bij Shanghai waren verslagen rukten de Japanners op naar Nanking, de hoofdstad van de Republiek China. Toen de stad werd veroverd gaven de Japanners zich over aan onmenselijke wreedheden tegenover de burgerbevolking. Tijdens deze ‘Verkrachting van Nanking’ lieten meer dan 300.000 burgers het leven. Japanse nationalisten ontkennen echter dat er wreedheden hebben plaatsgevonden. Wat de Armeense Genocide van 1915 is voor de Armeniërs en de Turken, dat is de Verkrachting van Nanking voor China en Japan.

Nanking_bodies_1937

Japanse soldaat bij de lijken van Chinese burgers in Nanking

Ondanks het feit dat de Chinezen slag na slag verloren gaven ze zich niet over. Chiang Kai-shek besloot de Chinese hoofdstad te verplaatsen naar Wuhan. Toen deze stad in oktober 1938 werd veroverd door Japan werd Chongqing de nieuwe hoofdstad. De grootschalige Japanse invasie, die met de verovering van Beijing, Shanghai en Nanking zo voorspoedig was begonnen, was geëindigd in een patstelling. De Japanners hadden de rijke oostkust van China in handen, het economische en industriële hart van het land. De Chinese binnenlanden konden ze echter niet veroveren, vanwege de enorme afstanden en kwetsbare aanvoerlijnen. Chinese guerrilla’s (met name de communisten) maakten het de Japanners heel lastig en veel Japanse soldaten werden ziek. Toch waren de Chinezen niet in staat de Japanners te verdrijven. Daarvoor was het leger van Chiang Kai-shek te slecht bewapend en te onervaren. Vandaar ook dat Chiang Kai-shek aanklopte bij het buitenland.

 

Buitenlandse vrijwilligers

Chinese soldaten met Duitse helmen

Chiang Kai-shek was aanvankelijk een bondgenoot van nazi-Duitsland, iets wat veel mensen niet weten. Chiang Kai-shek wilde een sterk nationalistisch China en beschouwde Hitler als een voorbeeld. En net als Hitler was Chiang Kai-shek ook een felle anticommunist. De helft van de Duitse wapenexport naar het buitenland ging in de jaren dertig naar China. In 1938 echter sloot Hitler met Japan een bondgenootschap tegen de Sovjet-Unie, wat betekende dat hij China niet meer kon steunen.

Een tweede bondgenoot van China was de Sovjet-Unie. Stalin stuurde in het geheim piloten en vliegtuigen naar China om tegen de Japanners te vechten. Ook werd China gesteund met militair materieel en munitie. In 1939 kwam het op de grens van Mongolië en Mantsjoerije tot een nooit verklaarde grensoorlog tussen Japan en de Sovjet-Unie. Het Rode Leger won de Slag bij Halhin Gol, voor Japan een reden om in april 1941 met de Sovjet-Unie een niet-aanvalspact te sluiten. Het gevolg van dit geheime pact was dat de Sovjet-steun aan China ophield en dat Japan zich ging voorbereiden op een oorlog tegen de Verenigde Staten, die op 7 december 1941 uitbrak toen Japanse vliegkampschepen de Amerikaanse vloot bij Pearl Harbor aanvielen.

De Amerikanen waren de derde en laatste bondgenoot van China. Hoewel de Amerikaanse publieke opinie zich in 1937 al tegen Japan keerde, vanwege de oorlogsmisdaden in Nanking, kwamen beide landen in 1941 pas echt tegenover elkaar te staan. Op 21 juli 1941 besloot Japan namelijk Cambodja, Laos en Zuid-Vietnam te bezetten, wat door de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Nederland werd beschouwd als een directe bedreiging voor hun koloniale belangen in de regio. De Amerikanen stelden een olieboycot in, waarop de Japanners plannen maakten Pearl Harbor aan te vallen.

De Flying Tigers

Voordat de Verenigde Staten en Japan officieel met elkaar in oorlog waren steunde president F.D. Roosevelt heimelijk de oprichting van de American Volunteer Group (AVG), later beroemd geworden als Flying Tigers, die de Russische piloten in China moesten vervangen. In de zomer en het najaar van 1941 trokken zo’n 300 Amerikaanse piloten – vermomd als burger – naar Birma om daar te trainen. Generaal Claire Lee Chennault had zo’n 100 oude P-40 Warhawks op de kop getikt waarmee ze Japanners te lijf moesten gaan. Vlak onder de propeller was een haaiengezicht geschilderd, om de vliegtuigen extra dreigend te laten lijken. De Flying Tigers, zoals ze door de Chinezen werden genoemd, vielen de Japanners vanaf 20 december 1941 – dus na Pearl Harbor – in het zuiden van China aan. Vanwege de uitstekende tactische training door Chennault, die wist dat de P-40s niet zo wendbaar waren als de Japanse jachtvliegtuigen maar wel veel sneller, wisten ze overwinning op overwinning te behalen. Een legende was geboren.

Omdat de Amerikanen vanaf 1942 vooral bezig waren om in de Stille Oceaan eiland na eiland op de Japanners terug te veroveren raakte het Chinese front dikwijls uit beeld. Het leek erop dat het Chinese leger er vooral moest zijn om een groot deel van de Japanners bezig te houden, terwijl de Amerikanen het eigenlijke karwei klaarden. Op 19 april 1944 lanceerden de Japanners hun grootste offensief ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, Operatie Ichi-Go, om het zuiden van China te veroveren. Doel was de Amerikaanse luchtmachtbases uit te schakelen waarvandaan Japan kon worden gebombardeerd. Hoewel Japan er in slaagde grote delen van Zuid-China te bezetten en de troepen van Chiang Kai-shek nederlaag op nederlaag leden mislukte de operatie: dankzij het zogenaamde eilandhoppen konden de Amerikaanse bommenwerpers Japan vanuit de Stille Oceaan bombarderen.

Nadat nazi-Duitsland zich op 8 mei 1945 had overgegeven sleepte de oorlog in Azië zich nog enkele maanden voort. Op 9 augustus, op dezelfde dag dat de Amerikanen een atoombom op Nagasaki gooiden, maakten de Sovjets een einde aan het niet-aanvalsverdrag met Japan en vielen Mantsjoerije binnen. Deze campagne, Operatie Augustusstorm, was een groot succes. De Japanners waren totaal verrast en gaven zich bij bosjes over. Ook wisten Russische parachutisten marionettenkeizer Pu Yi gevangen te nemen.

Op 2 september 1945 gaf Japan zich formeel over en was de Tweede Wereldoorlog officieel afgelopen. Aan de Sino-Japanse Oorlog kwam op 9 september een officieel einde. Lang duurde de vrede niet, want op 31 maart 1946 brak de Chinese Burgeroorlog uit. Pas in 1950 zou het eindelijk vrede zijn in China, maar dan wel onder de ijzeren vuist van voorzitter Mao die generaal Chiang Kai-shek naar Taiwan had verjaagd.

 

Afbakening is alles

Is de Tweede Wereldoorlog echt in 1931 begonnen? Dat lijkt een beetje overdreven, gezien het feit dat Adolf Hitler in dat jaar nog helemaal niet aan de macht was gekomen. Aan de andere kant is 1 september 1939 (nazi-Duitsland valt Polen binnen) of 3 september 1939 (Engeland en Frankrijk verklaren Duitsland de oorlog) misschien weer te Eurocentrisch gedacht. Pas in 1941 wordt de oorlog een echte wereldoorlog, op 22 juni wanneer nazi-Duitsland de Sovjet-Unie binnenvalt, op 7 december als Japan Pearl Harbor attaqueert en op 11 december wanneer nazi-Duitsland (zonder dat het verdrag met Japan Hitler daartoe verplicht) de Verenigde Staten de oorlog verklaart. Wat op 18 september 1931 met een false flag-operation van de Japanners in Mantsjoerije begint, resulteert uiteindelijk – meer dan tien jaar later – in een wereldomvattende oorlog. En de Tweede Wereldoorlog heeft weer tot een heleboel nieuwe oorlogen geleid, behalve de Chinese Burgeroorlog waren dat onder meer de Griekse Burgeroorlog, de Koreaoorlog, de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog en natuurlijk de Koude Oorlog. Afbakeningen hebben iets willekeurigs, maar zijn niettemin nodig om orde te scheppen in de vreselijke chaos die de historische werkelijkheid is.

 

Afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons