Op 13 maart is het precies 80 jaar geleden dat de Anschluss plaatsvond. Laten we maar meteen beginnen met het wegnemen van een historische misvatting. Hitler heeft de Anschluss tussen Duitsland en Oostenrijk niet zelf bedacht.

Oostenrijkse soldaten tijdens de korte burgeroorlog van 1933

Klein-Oostenrijk

De sociaaldemocraat Karl Renner wilde al een aansluiting van Oostenrijk met Duitsland. Duitsland en Oostenrijk hoorden volgens veel Duitsers en Oostenrijkers bij elkaar. Tot de “Broederoorlog” van 1866 tussen Pruissen en Oostenrijk beschouwden veel Oostenrijkers zich als Duitsers. De keizer noemde zich keizer van Duitsland en niet van Oostenrijk. Pas na 1866 begon er een Oostenrijkse identiteit te ontstaan.

Dat Renner dus zo snel mogelijk met het Duitse Rijk wilde fuseren is begrijpelijk, maar de Oostenrijkers wachtte een schok. Eerst raken de Oostenrijkers het Sudetenland en Zuid-Tirol kwijt aan Tsjechoslowakije en Italië (dat laatste zou tot op de dag van vandaag de verhoudingen tussen Italië en Oostenrijk verzuren). Ook mochten de Oostenrijkers zich na 1918 niet bij Duitsland voegen. Hoewel de meeste Oostenrijkers dat wensten. Alleen Voralberg niet, zij wilden aansluiting bij Zwitserland. De Zwitsers weigerden vriendelijk maar beleefd.

Na de inwerkingtreding van het verdrag van Versailles ontstond de Republiek Oostenrijk. De staat bestond uit 9 deelstaten en een landsdeel. Het Duitstalige West-Hongarije wil zich afscheiden van Hongarije. In een referendum werd besloten dat de Duitstalige Hongaren voortaan bij Oostenrijk. Het Burgenland werd een Oostenrijkse deelstaat. De geplande hoofdstad Odenburg (Söprön) bleef echter in Hongaarse hand.

De politiek in Oostenrijk werd bepaald door twee partijen. Het oerconservatieve CSP (De latere ÖVP) en de sociaaldemocraten (SAPÖ). Al snel bleek echter dat, met uitzondering van Wenen, de CSP de macht in Oostenrijk stevig in handen kreeg. Voor veel sociaaldemocraten was dat onacceptabel en al snel ontstonden er politieke spanningen. Deze spanningen waren niet alleen verbaal van aard. De CSP en de SAPÖ hadden beiden hun eigen paramilitaire organisaties.

In 1927 sloeg de vlam voor het eerst in de pan. In Wenen vonden op 15 juli 1927 zware rellen plaats. Aanleiding van deze rellen was dat de rechtbank besloot drie conservatieve militieleden vrij te spreken, die werden beschuldigd van de moord op een kind. Het kind dat op het verkeerde moment op straat speelde stierf door een kogel van de conservatieve militie. Bij de demonstratie tegen de rechters en de conservatieven kwam het tot een schietpartij, waarbij maar liefst 85 mensen om het leven kwamen. Het justitiepaleis, waar de gewraakte rechtszaak gehouden werd, ging die dag in vlammen op.

 

Dollfuss en de mislukte julicoup

Engelbert Dollfuss

Vanaf 1930 regeerde de conservatieve bondskanselier Engelbert Dollfuss per decreet. De machtigingswet van 1917 maakte dit mogelijk. Het was daarom wachten op een staatsgreep. Deze kwam in 1933, toen Dollfuss het parlement ontbond. Hoewel de RAVAG (De Oostenrijkse staatsradio en voorloper van de ORF) en de pers over de “Zelfopheffing van het parlement” spraken. Ook werden kritische rechters ontslagen. Dollfuss, een devoot katholiek, leek heel erg op Orbàn en Erdogan.

Net als de Turkse president later kreeg Dollfuss eerst te maken met een opstand van de sociaaldemocraten. Tijdens de februari-opstand van 1934. die ook wel de Oostenrijkse Burgeroorlog wordt genoemd, werden de sociaaldemocraten met bruut geweld ontwapend en de leiders van de opstand geëxecuteerd. De sociaaldemocratische partij werden samen met de communistische partij en de NSDAP verboden. In een nieuwe grondwet werd de dictatuur uitgeroepen. De NSDAP liet zich echter niet zomaar verbieden en dus kwam het in juli 1934 tot een nazi-coup. Deze mislukte, maar Dollfuss kwam om het leven nadat hij door de nazi’s werd gearresteerd. De Oostenrijkse dictator was gewond geraakt, maar de nazi’s wilden niet dat hij medische hulp kreeg, waarop de Dolfuss doodbloedde. De twee nazi’s die verantwoordelijk waren voor zijn dood – Otto Planetta en Franz Holzweber – werden na het neerslaan van de Putsch ter dood veroordeeld en opgehangen, samen met 11 anderen.

 

Schuschnigg en Hitler

Minister van onderwijs Kurt Schuschnigg werd de nieuwe bondskanselier. De periode 1934-1938 wordt in Oostenrijk de Ständesstaat genoemd, waarin veel mensen in armoede leefden en de staat liever geld investeerde in het bekeren van zijn burgers tot het katholicisme. Veel Oostenrijkers steunden de regering-Schuschnigg niet. Maar Oostenrijk werd beschermd door Mussolini. Tenminste dat was zo tot 1936.

Vanaf 1936 groeide de invloed van Hitler op Oostenrijk. Zo werd Oostenrijk getroffen door zware economische sancties en ondersteunde nazi-Duitsland actief de Oostenrijkse NSDAP. In februari 1938 werd de druk op Oostenrijk alleen maar groter, wanneer Schusschnigg door Hitler naar de Berghof geroepen werd. De Duitse kanselier zette zijn Oostenrijkse collega zwaar onder druk. Niemand zou het kleine Oostenrijk komen helpen als het door de Duitsers wordt aangevallen, was Hitlers boodschap. Voor de dag om is moest Schusschnigg alle Duitse eisen inwilligen. Een van die eisen, het toestaan van de NSDAP, zorgde voor een staking bij de sociaaldemocraten. Hoewel er vrije verkiezingen werden beloofd zouden die verkiezingen pas in november 1945 komen. Schusschnigg kon een staatsgreep door de nazi’s verwachten en dus organiseerde hij een referendum voor de dertiende maart 1938. De vraag of de Oostenrijkers een aansluiting bij Duitsland wilden kan trouwens alleen maar met ‘nee’ beantwoord worden.

Voor Hitler was de maat vol. Hij liet de Wehrmacht mobiliseren voor een oorlog tegen Oostenrijk. Verder gaf de Führer op 10 maart 1938 het bevel aan minister Seyss-Inquart om de NSDAP-aanhang te mobiliseren. In heel Oostenrijk verschenen SA-mannen die met hakenkruisvlaggen door de straten marcheerden. Zij moesten de aanhangers van Schusschnigg intimideren.  Op 11 maart 1938 nam Hermann Göring de regie over. Via de telefoon instrueerde hij Seyss-Inquart om president Miklas te overtuigen om Schusschnigg af te zetten. Dat lukte, want diezelfde avond trad de kanselier af.

Het Oostenrijkse leger mocht zich onder geen beding tegen Hitlers Wehrmacht verzetten. Seyss-Inquart werd Bondskanselier en “nodigde” de Wehrmacht uit om Oostenrijk binnen te trekken. Dat gebeurde tussen 12 en 15 maart. Seyss-Inquart was op dat moment alweer kanselier af, want voor een halfvolle Heldenplatz verkondigde Hitler dat “Oostenrijk terug thuis is in het Duitse Rijk.”

Hitler op het Heldenplatz

De Joden in Wenen hebben dat meteen geweten. Voordat Hitler spreekt moesten zij met hun tandenborstel de Heldenplatz schoonmaken. Zeven jaren van terreur en oorlog zijn begonnen. Tot 27 april 1945 hoorde Oostenrijk bij Duitsland. De socialist Karl Renner was een voorstander van de Anschluss, omdat hij ten onrechte meende dat de nazi’s wel meevielen en niet erger waren dan Dollfuss. Tijdens de Tweede Wereldoorlog besloot Renner helemaal te stoppen met politiek, maar toen Oostenrijk werd bevrijd werd hij op 20 december 1945 de nieuwe president van het land.

 

Afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons

 

25 juli 1934: Engelbert Dollfuß wordt vermoord tijdens mislukte nazistaatsgreep in Oostenrijk