Morgen is het precies 50 jaar geleden dag de Zesdaagse Oorlog uitbrak. Israël wist in deze korte oorlog de Arabische buurlanden te verslaan en veroverde de Westbank op Jordanië, de Golanhoogte op Syrië en de Sinaï en de Gazastrook op Egypte. 

 

Achtergrond

Heel kort: Na het ontstaan van de staat Israël in 1948 voelden de Israëliërs zich bedreigd door hun buurlanden, vooral door Egypte. In 1956 was het al tot een korte oorlog gekomen, de Suez Crisis, waarbij Israël de Sinaï veroverde. Onder internationale druk stond Israël dit gebied echter af aan de VN, die deze bufferzone tussen Egypte en Israël bewaakte.

In mei 1967 liepen de spanningen tussen Israël en Egypte weer op. President Nasser had (valse) rapporten van de Sovjet-Unie gekregen, over Israëlische troepenconcentraties bij de Syrische grens. Nasser reageerde hierop door zijn leger te mobiliseren, de VN-vredesmacht weg te sturen en de Sinaï te bezetten. Ook blokkeerde hij op 22 mei de zeestraat van Tiran voor Israëlische schepen. Om zich in te dekken sloot Nasser allianties met andere Arabische landen, die Egypte zouden moeten bijstaan als het tot een oorlog kwam.

Preempitve strike

Op 5 juni 1967, morgen precies 50 jaar geleden dus, begon de Israëlische luchtmacht met een preemptive strike. Bijna alle Israëlische oorlogsvliegtuigen vielen Egypte aan, met als doel de Egyptische luchtmacht te vernietigen en Egyptische militaire vliegvelden onklaar te maken. Deze verrassingsaanval zorgde eigenlijk al voor de beslissing in de Zesdaagse Oorlog, omdat de Israëliërs nu air superiority hadden. De kleinere luchtmachten van Syrië en Jordanië werden ook uitgeschakeld.

Het Israëlische leger viel de Egyptische stellingen in de Sinaï niet frontaal aan, maar via de woestijn. Na enkele tegenslagen besloot het Egyptische leger tot een algehele terugtrekking, waardoor Israël de hele Sinaï kon veroveren. In dezelfde tijd veroverde Israël de Westbank op Jordanië. De laatste twee dagen van de oorlog werd er hevig gevochten om de Golanhoogte. Het Israëlische leger wilde deze strategische hoogte bezetten, om op deze manier Israël in het vervolg beter te kunnen beschermen tegen dreigingen vanuit Syrië.

Na zes dagen werd, onder druk van de VN, een wapenstilstand getekend. De Veiligheidsraad had hiertoe unaniem besloten omdat de Verenigde Staten bang waren dat de Sovjet-Unie anders haar Arabische bondgenoten te hulp zou schieten, waardoor de oorlog nog verder zou escaleren. Israël bleef de veroverde gebieden bezetten. Er kwam geen vrede met de Arabische landen, die zwoeren dat ze de staat Israël nooit zouden erkennen.

Gevolgen

Arabische landen zagen Israël als de agressor. Omdat de Israëlische luchtmacht zo’n verpletterend succes boekte op de eerste oorlogsdag, terwijl de Israëlische luchtmacht kleiner was dan de Egyptische, vermoedden veel Arabieren een Amerikaans-zionistisch complot. In 1956 hadden de Fransen en Engelsen Israël gesteund tijdens de Suez Crisis, nu waren het de imperialistische Amerikanen. Het Westen was niet te vertrouwen.

De werkelijke reden waarom de Israëlische luchtmacht zo succesvol was kwam omdat Israëlische piloten, in samenwerking met het grondpersoneel, in staat waren op per dag vier missies te vliegen. De effectiviteit van de Israëlische luchtmacht werd daarom meer dan verdubbeld. Egyptische piloten konden een, hooguit twee missies per dag vliegen. Dat, en natuurlijk het feit dat de Egyptische luchtmacht voor een groot deel was uitgeschakeld op de eerste dag van de oorlog, zorgde voor het Israëlische luchtoverwicht.

De machteloze Arabische woede richtte zich, net als in 1948, op de joodse gemeenschappen in de islamitische wereld. Er braken pogroms uit en er kwam weer een exodus van Joden naar Israël op gang. Ook in communistische landen begonnen antisemitische campagnes. In 1968 vluchtten meer dan tienduizend Poolse joden naar Israël.

De Israëlische overwinning was op de lange termijn een pyrrusoverwinning. Israël kreeg namelijk niet alleen grote lappen land erbij, maar ook een grote Arabische minderheid. De veroveringen van Israël werden door de internationale gemeenschap ook niet erkend. Het waren de ‘bezette gebieden’. Hoewel Israël in 1973 opnieuw met de Arabische buurlanden een conventionele oorlog zou voeren waren het de Palestijnse vrijheidsstrijders/terroristen (doorstrepen wat volgens u niet van toepassing is) die het Israëlische leger de komende decennia veel hoofdpijn zouden bezorgen.

 

Afbeeldingen: Wikipedia / Wikipedia Commons