Ted Bundy vermoordde tientallen vrouwen. Op 24 januari 1989 belandde de beruchtste Amerikaanse seriemoordenaar op de elektrische stoel. 

Ted Bundy ken ik van de South Park-aflevering Hell on Earth 2006, waarin hij samen met seriemoordenaars Jeffrey Dahmer en John Wayne Gacy voor de verjaardagstaart van Satan moet zorgen. Dat gaat niet helemaal goed, waarop de seriemoordenaars besluiten elkaar te vermoorden.

De echte Ted Bundy is minder grappig dan zijn karikatuur. Bundy vermoordde in de jaren zeventig tientallen jonge vrouwen. Hij deed dit slim, zonder vuurwapens, zonder vingerafdrukken en op vooraf gekozen plekken, zodat er geen getuigen waren. Ook besloot Bundy van staat naar staat te reizen en zijn moorden niet snel achter elkaar te plegen, zodat de politie de verschillende moorden niet aan elkaar zou linken. Bundy werd echter -wat meer seriemoordenaars overkomt – steeds onvoorzichtiger, omdat hij zich onkwetsbaar achtte.

In 1977 werd Bundy twee keer gevangen genomen, maar wist twee keer te ontsnappen. In februari 1978 liep hij definitief tegen de lamp. Bundy werd gearresteerd in Florida, een staat met de doodstraf. Bundy werd voor drie bewezen moorden ter dood veroordeeld. Vlak voor zijn executie, tien jaar na zijn veroordeling, bekende Bundy zo’n 30 moorden. Het vermoeden is echter dat hij rond de 100 mensen vermoord heeft.

Het leven van Bundy is meerdere malen verfilmd en er zijn ook veel documentaires over deze beruchte massamoordenaar gemaakt. Ted Bundy, die psychologie had gestudeerd, was een perfecte psychopaat. Hyperintelligent en sluw, maar zonder een greintje empathie. Niettemin waren nogal wat jonge vrouwen verliefd op Bundy en schreven hem brieven, terwijl hij in de dodencel zat. Bundy had een duister charisma, waar een bepaald soort vrouwen op viel.

Toen Bundy om 7:16 uur in de ochtend van 24 januari 1989 werd geëlektrocuteerd gingen tientallen mensen, waaronder veel agenten buiten dienst, juichend de straat op en staken vuurwerk op. De aartsdemon (zo werd Bundy genoemd) was dood.

 

Afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons