Op 17 oktober 1912 verklaarden Bulgarije, Griekenland en Servië het Ottomaanse Rijk de oorlog. De Eerste Balkanoorlog kostte tienduizenden mensen het leven en leidde tot de Tweede Balkanoorlog en (indirect) tot de Eerste Wereldoorlog.

De Europese grootmachten zijn bang voor het ‘overkoken’ van de Balkan-crises. In 1914 zouden de problemen op de Balkan leiden tot het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons

 

Zieke man

Het Ottomaanse Rijk was in de negentiende eeuw ‘de zieke man van Europa’ geworden. In het Europese deel van het rijk kregen de Grieken, de Serviërs, de Bulgaren en de Montenegrijnen onafhankelijkheid.

De Serviërs wilden hun kleine koninkrijk uitbreiden en lieten hun oog op Bosnië vallen, dat formeel Ottomaans was maar werd bezet door Oostenrijk-Hongarije. In reactie op de staatsgreep van de Jong-Turken in 1908 annexeerde Oostenrijk-Hongarije Bosnië, wat tot grote bitterheid bij de Serviërs leidde. Het Ottomaanse Rijk wilde dat de islamitische inwoners van Bosnië zouden emigreren naar Macedonië, dat nog onder Ottomaans bewind stond. Maar in plaats van loyale Ottomaanse onderdanen te worden die ervoor zorgden dat dit gebied voor het rijk bewaard bleef besloten veel geëmigreerde moslims zich bij de Albanese opstand aan te sluiten.

Deze opstand, die een harde Ottomaanse reactie tot gevolg had, was voor Bulgarije, Griekenland, Montenegro en Servië de aanleiding om de handen in een te slaan en een bondgenootschap te sluiten. Officieel wilden ze opkomen voor de minderheden in het Ottomaanse Rijk die werden onderdrukt, maar in werkelijkheid was het doel gebieden te veroveren te koste van het verzwakte imperium. Italië, dat in 1911 met groot gemak Libië en de Dodekanesos-eilanden veroverde op de Turken, had de Balkanstaten ervan overtuigd dat de tijd nu rijp was om aan te vallen. Montenegro, het kleinste land van het bondgenootschap, verklaarde op 8 oktober het Ottomaanse Rijk de oorlog. Op 17 oktober volgden Bulgarije, Griekenland en Servië. Het Ottomaanse Rijk had aan hun ultimatum geen gehoor gegeven.

 

De Balkan na de Eerste Balkanoorlog. Afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons

Pogroms

De Ottomanen, die van drie kanten werden aangevallen (vanuit het westen door de Serviërs en Montegrijnen, vanuit het noorden door de Bulgaren en vanuit het zuiden door de Grieken) hadden geen kans. Dankzij de sterke Griekse vloot konden de Ottomanen geen versterkingen via de Egeïsche Zee naar hun belaagde Europese provincies sturen. De Ottomaanse legers werden verslagen en het garnizoen in Saloniki gaf zich over. Na zeven maanden was de oorlog afgelopen en, zoals op het kaartje hiernaast is te zien, hadden Bulgarije, Griekenland, Montenegro en Servië grote gebieden veroverd.

De oorlog ging gepaard met grote etnische zuiveringen, waarbij veel moslims werden vermoord. Eeuwenlang waren de christelijke volkeren op de Balkan onderdrukt door de islamitische Ottomanen en in de negentiende eeuw waren ze bovendien vaak het slachtoffer van wrede pogroms, nu was het tijd voor wraak.

De pogroms tegen de islamitische bevolking zorgden echter voor enorme bitterheid bij de leiders van Ottomaanse Rijk en ook bij de islamitische vluchtelingen, die ze tijdens de Eerste Wereldoorlog zouden botvieren op de Armeniërs en andere christelijke minderheden in het oosten van het rijk. De Eerste Balkanoorlog was natuurlijk niet de enige oorzaak voor de Armeense Genocide, maar het was wel een cruciale oorzaak.

 

Tweede Balkanoorlog

De Eerste Balkanoorlog leidde tot het uitbreken van de Tweede Balkanoorlog, op 29 juni 1913. Reden van deze oorlog was dat de Bulgaren in de ogen van Griekenland, Montenegro en Servië een te groot gebied hadden veroverd. Ook waren de Serviërs teleurgesteld dat Albanië onafhankelijk was geworden, zodat Servië minder groot was geworden dan men had gehoopt. De Serviërs en Grieken sloten met elkaar een pact tegen de Bulgaren. Hier sloten Montenegro, Roemenië en het Ottomaanse Rijk zich daarna bij aan. Tijdens de Tweede Balkanoorlog verloren de Bulgaren een groot deel van hun pas verworven veroveringen. De Ottomanen kregen hierdoor Oost-Tracië weer terug met de provinciehoofdstad Edirne (het vroegere Adriananopel).

Het hoeft natuurlijk geen betoog dat de Bulgaren zich verraden voelden door hun voormalige bondgenoten. In 1915 kozen ze daarom de kant van de Centralen, om Servië een lesje te leren. De Roemenen en de Grieken zouden later in de oorlog de kant van de Entete kiezen.

Ook na de Tweede Balkanoorlog bleef het onrustig in de regio. In het in 1912/1913 onafhankelijk geworden Albanië vond in 1914 een burgeroorlog plaats, die nog volop aan de gang was toen in de zomer de Eerste Wereldoorlog uitbrak.

 

 

 

Uitgelichte afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons