Morgen komt het bestuur van de Europese Centrale Bank weer bij elkaar. Het vergadert over hoe zo snel mogelijk de waarde van ons geld verder te vernietigen…pardon de crisis op te lossen. Het hele spel is niets anders dan V&D-cadeaubonnenfiasco in het groot.

De laatste weken lijkt het wel alsof er geen dag voorbij gaat zonder dat een Nederlandse winkelketen uitstel van betaling verzoekt, krijgt of failliet wordt verklaard. V&D is één van die winkelketens die op Oudejaarsdag failliet werd verklaard. Op het moment van schrijven is het niet zeker of er een doorstart komt.

Een van de gevolgen van dat faillissement is dat alle waardebonnen van V&D die in omloop zijn, naar verluidt ter waarde van 9,5 miljoen euro, waardeloos zijn. Aan de kassa’s van de V&D kun je ermee betalen net zoals je dat met een stuk van je huis-aan-huis blad kunt, namelijk niet.

Het principe achter waardebonnen zoals die van de V&D is natuurlijk simpel en logisch: in plaats van voor iemand iets te kopen bij de V&D, met de bijbehorende risico’s dat de kleur niet goed is, de persoon in kwestie het product al heeft of juist niet nodig heeft, geef je een cadeaubon. Iedereen tevreden.

Waardeloos

Zolang de uitgevende instantie, in dit geval V&D, bestaat, zijn die bonnen in feite de munteenheid in het V&D-land. De problemen ontstaan wanneer V&D failliet gaat: de bonnen worden dan waardeloos.

Er is in de monetaire historie geen voorbeeld bekend dat een op vertrouwen in de overheid gebaseerd geldstelsel instortte zónder dat dat een hoop, langdurige, narigheid met zich meebracht voor alles en iedereen

Het faillissement van de V&D en dan vooral de gevolgen daarvan voor de bezitters van de cadeaubonnen deed me denken aan een in principe hetzelfde verschijnsel dat nog wel overeind blijft. Waar ik het over heb? Over ons geldstelsel. Dat werkt namelijk ook in feite volgens het cadeaubonprincipe, alleen op een veel grotere schaal. De cadeaubonnen die in ons moderne geldstelsel in omloop zijn, noemen we alleen anders, namelijk geld, en de uitgevende instantie is geen warenhuisketen maar een centrale bank.

Maar ons geld kan niet, letterlijk, van de ene dag op de andere waardeloos worden, hoor ik u denken. O nee? Dat wij dat in Nederland een lange tijd niet hebben meegemaakt, betekent niet dat dat niet kan gebeuren. Ik heb in ex-Joegoslavië en Bosnië-Herzegovina, waar ik geboren ben, meermaals meegemaakt dat het betaalmiddel waardeloos werd. En dat is in de monetaire historie bij lange na niet het enige voorbeeld. Sterker nog, zo goed als alle eerdere pogingen een fiat geldstelsel op te zetten, is uiteindelijk mislukt. Ik heb over één ervan eerder geschreven. Ook is het niet zo dat dat soort monetaire rampen voorbehouden zijn aan derdewereldlanden.

Faillissement

Maar een centrale bank kan niet failliet gaan zoals de V&D, denkt u nu wellicht. Daarin heeft u gelijk. Althans, als we het over het formeel failliet gaan hebben. Formeel kan een centrale bank niet failliet gaan. Feitelijk is dat echter zeer zeker wel mogelijk. Het is alleen dat we er niets van merken omdat het faillissement van een centrale bank geen gebeurtenis maar een proces is. En dat proces, van centrale banken die failliet aan het gaan zijn, is al decennialang aan de gang!

Hoe zeldzaam de komeet van Halley, zonder meer de bekendste komeet, ook is (die zien we eens elke 76 jaar), hebben we in Nederland sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog die net zo vaak gezien als dalende prijzen

Als een centrale bank willens en wetens de waarde van het geld dat de bank uitgeeft uitholt, dan kunnen we dat gewoon als een vorm van faillissement zien. En élke centrale bank – er is géén uitzondering – heeft al heel lang als officiële, wettelijk verankerde doel de koopkracht van zijn geld uit te hollen. Dat is wat het streven naar 2 procent inflatie of zelfs meer namelijk in feite inhoudt. Het is alsof V&D tegen iedereen die een cadeaubon koopt zou zeggen dat de bon elke maand een deel van zijn waarde verliest.

Als een centrale bank erop mikt de waarde van het geld, de koopkracht ervan, jaar in jaar uit te verlagen, dan is dat niets anders dan een langzame proces van faillissement. Na enige tijd is de daling van de waarde namelijk behoorlijk. Neem de Nederlandse gulden. De koopkracht ervan is sinds 1971 alleen al bijvoorbeeld meer dan gehalveerd. En de gulden stond te boek als een sterke, stabiele munt!

Komeet van Halley

Prijsdalingen, dus dat de koopkracht van uw geld stijgt, of zelfs prijsstabiliteit – in de zin wat wij, de normale mensen eronder verstaan en níet wat centrale bankiers ermee bedoelen (namelijk 2 procent prijsstijging elk jaar!) – is staatsvijand nummer één en wordt met alle toegestane (rentes verlagen tot 0 procent bijvoorbeeld) én verboden (monetaire financiering van de begrotingstekorten) tegengegaan. Dit heb ik in 2012 geldmoord genoemd, een proces dat al bijna een eeuw onafgebroken aan de gang is. Hoe zeldzaam de komeet van Halley, zonder meer de bekendste komeet, ook is (die zien we eens elke 76 jaar), hebben we in Nederland die net zo vaak gezien als dalende prijzen. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog daalden de prijzen in Nederland slechts in één jaar en ook toen maar miniem.

Dit proces van geldmoord gaat niet alleen door; de centrale banken zeggen tegenwoordig meer inflatie dan voorheen na te streven.

Ons huidige fiat geldstelsel is bijna 45 jaar oud. Om in voetbaltermen te spreken: we zitten al in de verlenging van de extra speeltijd

Dit betekent in mijn ogen dat het slechts een kwestie van tijd voordat ons geldstelsel, dat gebaseerd is op het vertrouwen in de instantie die geld uitgeeft, instort. Zoals eerder al genoemd zijn soortgelijke geldstelsel in het verleden altijd mislukt. Sterker, er is geen voorbeeld bekend dat zo’n op vertrouwen in de overheid gebaseerde stelsel instortte zónder dat dat een hoop, langdurige, narigheid met zich meebracht voor alles en iedereen. Wat de monetaire historie ons leert is dan ook: wees voorbereid.

En als u nu denkt: geldstelsel dat instort, deze monetaire econoom ziet ze vliegen: de kans is groot dat u het al een keer in uw leven meegemaakt hebt! In 1971 is namelijk het internationale geldstelsel, bekend als het stelsel van Bretton Woods, ingestort. Wanneer stort ons moderne geldstelsel dan in? Geen idee, niemand die het weet. Wat ik wél weet is dat uit een onderzoek naar alle fiat geldstelsels die er ooit waren, gebleken is dat de gemiddelde levensduur van zo een geldstelsel 27 jaar is. Ons huidige fiat geldstelsel zag het daglicht in 1971 en is dus bijna 45 jaar oud. Om in voetbaltermen te spreken: we zitten al in de verlenging van de extra speeltijd.

Het meest verbazingwekkende in het geheel is dat wij als maatschappij het niet zouden accepteren als de cadeaubonen van de V&D elke maand een stukje minder waard zouden worden maar wél accepteren dat de centrale banken in feite hetzelfde doen. Sterker nog, voor velen zijn de centrale banken heilig en zien ze die instellingen als instellingen die ons allemaal zullen redden van allerlei problemen. Velen vinden zelfs dat de centrale banken niet ver genoeg gaan, pleidooien voor het streven naar 5 procent inflatie per jaar of zelfs meer zijn alles behalve uitzonderingen in Nederland.