Henk en Jolanda laten een spoor van onbetaalde rekeningen na in de Nederlandse horeca. Ze blijken er al jaren mee weg te komen. Totdat een boze Twentse hotelondernemer hun portretten op internet zet. Tegelijkertijd staan de media bol van berichten over agressieve incassobureaus en is er voortdurend de roep om maatregelen om de consument beter tegen hun optreden te beschermen. Het een heeft alles met het ander te maken, zo blijkt uit de volgende casus.

 

Malafide huisjesmelker

In maart 2016 huurt een studente uit Zuid-Duitsland via internet een kamer in Winschoten, waar ze een half jaar stage gaat lopen bij een chemiebedrijf. Ze blijkt terecht te zijn gekomen bij een huisjesmelker, die voor een simpele kamer een huur vraagt van 400 euro en 400 euro borg. Zij en haar broer zijn het eerste weekend bezig om de kamer een beetje fatsoenlijk bewoonbaar te maken. Half augustus verlaat ze de kamer, die dan alweer is verhuurd aan iemand anders. De nieuwe huurster bevestigt dat de Duitse studente de kamer netjes achterlaat. De verhuurder weigert aanwezig te zijn bij de oplevering van de kamer en stuurt alleen een bericht waar ze de sleutel kan achterlaten. Vervolgens hult de verhuurder zich in stilzwijgen. Ondanks vele berichten en telefoontjes van de Duitse studente wordt de borg van 400 euro niet teruggestort.

In april 2017 vertelt de Duitse studente haar verhaal aan een vriendin, die vervolgens haar familie in Nederland inschakelt. Ook die tracht tevergeefs contact op te nemen met de huisjesmelker uit Winschoten en schakelt vervolgens een deurwaarder in. Pas na dreigen met een proces krijgt de deurwaarder te horen dat de Duitse de kamer in een dermate slechte staat heeft achtergelaten, dat de volledige borg nodig was om de schade te herstellen.

In november 2017 maakt de deurwaarder de zaak aanhangig bij de kantonrechter in Groningen. Ook hier voert de verhuurder aan dat de Duitse studente de kamer in slechte staat heeft achtergelaten en geen recht heeft op teruggave van de borg. Hij levert geen enkel bewijs hiervoor; noch van de toestand van de kamer noch van het feit dat hij haar hiervoor in gebreke heeft gesteld. Zijn zaak is dan ook kansloos bij de rechter, die de verhuurder veroordeelt tot teruggave van de borg, vermeerderd met de wettelijke rente, en betaling van alle gemaakte kosten. De deurwaarder int een bedrag van 1147,04 euro bij de verhuurder. Hierop wordt in mindering gebracht:

  • Dagvaarding €97,31
  • Griffierecht €78,00
  • Salaris gemachtigde €145,20
  • Nakosten €72,60
  • Betekening €94,32
  • Executiekosten €205,43
  • Informatiekosten €9,58
  • Incassoprovisie €72,60

Uiteindelijk krijgt de Duitse studente in augustus 2018 een bedrag van 372 euro op haar rekening gestort, omdat volgens de deurwaarde de btw over de procesvertegenwoordiging niet in rekening kan worden gebracht bij de verhuurder. De enige die in dit hele verhaal na 2 jaar volledig is betaald, is de deurwaarder.

De hele procedure om je geld terug te krijgen heeft meer dan een jaar geduurd en levert niet eens het volledige bedrag op. De gang via de kantonrechter kost ruim vier maanden. Nu stond de uitkomst van de procedure vast voor de studente en zou het bij een voor haar positieve uitspraak ook niet moeilijk zijn om het geld te incasseren. Er kon immers eenvoudig beslag worden gelegd op (de inkomsten uit) het vastgoed van de gedaagde. Vaak is het echter niet zo gemakkelijk om na een positieve uitspraak van de rechter het geld alsnog te innen. Menig MKB-er, die een relatief klein bedrag tegoed heeft, zal al snel afzien van juridische stappen (en eventueel de zaak in handen geven van een incassobureau). Die lange duur ontstaat doordat zowel wettelijke voorschriften gelden voor het incassotraject als het juridische vervolgtraject. Bij al die rompslomp komt nog dat procederen en de inzet van een deurwaarder of een incassobureau niet gratis zijn en de kosten hiervan door de eiser moeten worden voorgeschoten.

 

Malafide incassobureaus

Dat brengt ons bij de agressieve handelwijze van malafide incassobureaus. Zij zijn zich terdege bewust van de tijdspanne en de kosten die de wettelijk voorgeschreven procedure met zich meebrengt en proberen daarom een snellere en goedkopere route te nemen. Dit doen zij door degene die een bedrag is verschuldigd maximaal onder druk te zetten. En omdat het allemaal snel moet, wordt daarbij niet altijd veel aandacht besteed aan de bewijslast. Daardoor komt het regelmatig voor dat ook burgers die volkomen te goeder trouw zijn, worden belaagd door een incassobureau. Dit zet weer de roep in werking om burgers hiertegen beter te beschermen, waardoor het hele traject nog verder wordt dicht gereguleerd en alleen maar langer duurt. Beter zou het zijn het probleem bij de wortel te bestrijden en de malafide handelwijze van dergelijke bureaus aan te pakken.

Het voornaamste knelpunt zit echter bij de rechter. Die werkt niet alleen te traag, maar legt in een kennelijke poging om zijn straatje schoon te houden allerlei voorwaarden op aan het voorafgaande incassotraject die vervolgens via jurisprudentie in wetgeving veranderen. Een voorbeeld is de zogenaamde “21 dagen brief”, waarbij iemand na diverse aanmaningen nog weer eens 3 weken de tijd krijgt om aan zijn of haar verplichtingen te voldoen. In dit voortraject kan echter niets worden afgedwongen en mogen pas bij de tweede aanmaning kosten in rekening worden gebracht (behalve door de overheid die dat al bij de eerste aanmaning doet!). Veel mensen zullen daardoor er van afzien om hun recht te halen, waardoor types als Henk en Jolanda al jarenlang wegkomen met hun criminele gedrag. Dat gelag betalen we met z’n allen: Het geld voor de kosten die dergelijke uitvreters veroorzaken, zal ergens vandaan moeten komen en wordt waar mogelijk doorberekend in de prijzen.

De oplossing ligt voor de hand. Het is van tweeën één: Wie zorgvuldigheid betracht in het voortraject en een degelijk dossier opbouwt, moet niet nog eens met een lange gerechtelijke procedure te maken krijgen. Een voorspoedige juridische afhandeling neemt ook malafide incassobureaus de wind uit de zeilen en heeft een preventieve werking op wanbetalers. Het zorgt er bovenal voor dat iedereen krijgt wat hem of haar toekomt.

 

Afbeelding: Wikipedia / Wikimedia Commons