Zoals ik eerder deze week geschreven heb, zijn er in de afgelopen dagen twee interessante economische rapporten gepubliceerd, van De Nederlandsche Bank (DNB), over de Nederlandse economie en van de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) uit Parijs. Na het lezen ervan krijg je het gevoel dat onze beleidsmakers helemaal niets geleerd hebben van de huidige crisis en of in economische sprookjes geloven óf ons, tussen de regels door, iets zeer belangrijks en angstaanjagends vertellen. Eerder deze week stond ik stil bij het DNB-rapport; in dit artikel kijk ik naar het rapport van de OESO.

Meteen aan het begin kom ik de volgende zin tegen: ‘de wereldeconomie zit vast in een lage groei-val en om daaruit te komen is meer coördinatie tussen begrotingsbeleid, monetair beleid en structurele hervormingen nodig.

Wat u nu moet weten is dat dit soort organisaties, wanneer ze zo’n rapport opstellen, haast over elke zin vergaderen, enkele mensen gaat over waar bij wijze van spreken een komma te plaatsen en waar niet en wanneer dat proces afgerond is, het rapport vervolgens écht door de molen wordt gehaald waarbij alles en iedereen, van de auteurs tot de hoogste baas  ook nog eens dingen in kan veranderen. Men beschouwt dit soort rapporten als uiterst gevoelig, vandaar.

Als ik dan de volgorde ‘begrotingsbeleid, monetair beleid en structurele hervormingen’ tegenkom, dan meen ik daar veel uit te kunnen halen wat er níet staat. Dankzij die volgorde, die dus alles behalve toevallig of willekeurig is gekozen.

Wat die zin mij vertelt is dat beleidsmakers, ook bij de  OESO, helaas nog steeds de les niet hebben geleerd dat juist een dominant aanwezige, overtuigd dat ze de economie en de samenleving kan sturen overheid ons juist in de problemen heeft gebracht. Lees daarvoor mijn uitgebreide essay van enige tijd geleden.

 

Budgetneutrale hervormingen: die term klinkt onschuldig maar wat het simpelweg betekent is dat 

de overheid er nooit op achteruit mag gaan

 

Niets geleerd

De modus operandi is nog steeds dat alle economische problemen op te lossen zijn door de juiste mix van begrotingsbeleid en monetair beleid toe te dienen aan een economie. Begrotingsbeleid inzetten betekent, afkomstig van organisaties zoals de OESO, nooit dat de overheid moet afslanken maar altijd verdere ingrepen in de economie via subsidies, stimulansen en andere prikkels. Als er al belastingen worden verlaagd, bijvoorbeeld op arbeid, dan zorgt de overheid er op een andere manier wel voor dat dat verlies goedgemaakt wordt. Dat is wat politici bedoelen als ze het over ‘budgetneutrale hervormingen’ hebben: klinkt onschuldig maar wat het simpelweg betekent is dat de overheid er niet op achteruit mag gaan. Niets geleerd dus. Dat belooft niet veel goeds voor de toekomst.

Het wordt allemaal echt vreemd als ik verder ga met lezen in het rapport. ‘Lage productiviteitsgroei en toenemende ongelijkheid’ worden namelijk als twee obstakels en risico’s voor het economisch herstel genoemd. Prima. Maar laten we heel even naar beide kort kijken.

Productiviteit is afhankelijk van de ervaring en opleiding van werknemers en van hoeveel een land investeert in onderwijs, onderzoek en ontwikkeling. Dit betekent dat productiviteit aanjagen niet zo 1,2,3 te doen is maar nogal wat vereist, waaronder geduld. Het betekent óók dat daarvoor structurele hervormingen nodig zijn; op de arbeidsmarkt en in het onderwijs bijvoorbeeld.

Wat we echter te vaak zien, is dat er juist wordt bezuinigd op onderwijs en defensie (defensie is in dit opzicht zeer belangrijk omdat veel innovaties en nieuwe producten in het verleden voortgekomen zijn uit militaire onderzoeksprogramma’s). Begrotingsbeleid, in de zin van de toch al grote begrotingstekorten verder laten toenemen dan wel niet terugdringen, en dus de overheden groter maken, doet weinig om de productiviteit te verhogen. Sterker nog, als de overheid het bedrijfsleven verder verstikt, remt het juist de stijging van de productiviteit af. Immers, als bedrijven hogere kosten moeten maken door nieuwe wetten, regels en belastingen, houden ze minder over voor onderzoek en ontwikkeling.

Productiviteit

Als de overheid dat rood staan nou zou gebruiken om fors meer geld in onderwijs, onderzoek en ontwikkeling te stoppen, dan was dat rood staan nog te accepteren. In plaats daarvan gaat het geld echter vooral aan het in stand houden van het overheidsapparaat en, in geval van de eurolanden, het overeind houden van landen zoals Griekenland. Je hoeft geen rocket scientist te zijn om te weten dat dat niets bijdraagt aan de stijging van de productiviteit.

Wat voor het begrotingsbeleid geldt, geldt in nog meerdere mate voor het monetaire beleid. Dat kan de productiviteit niet aanjagen, zoals gezegd alleen hervormingen kunnen dat. Maar het monetaire beleid in de eurozone zorgt er juist voor dat die hervormingen uitblijven! Als landen die echt ingrijpend moeten hervormen gratis geld krijgen van de ECB waardoor hun zeer hoge en verder uitdijende begrotingstekorten en staatsschulden houdbaar lijken en geen probleem vormen, is het dan vreemd dat diezelfde landen niet of nauwelijks hervormen? Immers, waarom zou je pijn lijden – hervormingen veranderen de status quo en zorgen dus altijd wel voor, tijdelijke, pijn ergens – als je toch gratis geld krijgt van je centrale bank?

 

De OESO heeft het over de noodzaak voor ‘hogere publieke investeringen’ dus dat politici lekker met

geld kunnen strooien en de overheid dus nog groter wordt

 

Hoe ik weet dat de OESO begrotingstekorten aanhouden en opvoeren prima vindt, denkt u nu misschien? Omdat in het rapport te lezen valt dat ‘veel landen ruimte hebben om het begrotingsbeleid in te zetten voor hogere publieke investeringen, zeker nu de rentes laag zijn’. Wat hier staat is niets anders dan dat de OESO expliciet zegt dat meer rood staan kan, de ruimte is er namelijk. Wat de OESO impliciet zegt is  dat die zeer hoge staatsschulden, die alleen maar houdbaar lijken te zijn door de lage rente overigens zoals ik eerder schreef, geen enkel gevaar vormen. En dan durft de ECB te waarschuwen tegen populistische partijen die voor financiële instabiliteit kunnen zorgen door hun onverantwoorde opstelling tegenover staatsschulden en begrotingstekorten!

Meer overheid

Wat verder in die zin in feite staat, is dat de OESO het maar niets zou vinden als de overheden dieper in het rood zouden staan om zo belastingen te verlagen. Nee, stel je voor. De OESO heeft het over ‘hogere publieke investeringen’ dus dat politici lekker met geld kunnen strooien en de overheid dus nog groter wordt. Wat diezelfde zin tot slot vertelt, is dat de OESO de westerse landen eigenlijk adviseert met onverantwoord beleid door te gaan, want de rente is laag he, dus geld lenen is voor veel landen  gratis.

Waar de OESO adviseert ‘samen publieke investeringen op te voeren’, staat er gewoon een verhuld advies naar de Europese Commissie om, zoals de Commissie al doet trouwens, landen die te hoge begrotingstekorten hebben, vooral niet vermanend toe te spreken laat staan aanpakken, maar juist een schouderklopje te geven. En voor zover de overheden in die landen aangesproken worden op die tekorten, kunnen ze die kritiek altijd pareren met dat het vaak om gezamenlijke projecten met de andere landen gaat die de Europese eenheid en integratie bevorderen.

 

Wat, behalve een voortzetting van gratis geldbeleid, nodig is volgens de OESO, is juist dat de politici

hun best doen dat waar ze toch al kampioenen in zijn, namelijk andermans geld uitgeven of geld

uitgeven op andermans rekening, nog beter te doen

 

En zo zien we dat het uiteindelijk allemaal met elkaar samenhangt. Het monetaire beleid zorgt voor de lage rentes, omdat de rentes laag zijn, zegt de OESO ‘maak en gebruik van en ga dieper in het rood zitten en voer je staatsschuld verder op’ en gebruik dat geld om zelf meer uit te geven dus om de publieke sector groter te maken, ten koste van de private sector. O ja, doe ook wat structurele hervormingen erbij, zegt de OESO…helemaal achteraan en niet echt met overtuiging. Wanneer het straks allemaal gruwelijk mis gaat door nog hogere begrotingstekorten en staatsschulden en de nare bijwerkingen van langdurig gratis geldbeleid door de centrale banken, zal de OESO altijd met dit rapport  kunnen zwaaien en zeggen ‘maar we hebben toch gezegd dat de landen ook moeten hervormen, kunnen wij niets aan doen dat ze niet naar ons hebben geluisterd’. Dit rapport is gewoon vooruitdenken door de OESO, het verschaft de organisatie een alibi voor later.

O ja, ik heb het nog niet gehad over dat toenemende ongelijkheid gehad, volgens de OESO een risicofactor. Dat hoeft ook niet, aangezien het zo hypocriet is als het maar kan. Zoals ik eerder heb geschreven is het juist het monetaire beleid van gratis geld dat de inkomens- en vermogensongelijkheid vergroot. De OESO spreekt echter juist van de noodzaak om dat beleid nog ruimer te maken! Ja, in het rapport lezen we dat ‘het monetaire beleid alleen niet kan zorgen voor hogere groei’. Maar ook hiervoor geldt: laat u niet misleiden door zo’n zin. Het zit hem in het stuk dat het monetair beleid niet alleen kan zorgen voor hogere groei. Wat dus, behalve een voortzetting van gratis geldbeleid (vooral voor de overheden dus) nodig is volgens de OESO, is juist dat de politici hun best doen dat waar ze toch al kampioenen in zijn, namelijk andermans geld uitgeven of geld uitgeven op andermans rekening, nog beter te doen. Zoals zo vaak de laatste tijd moet ik ook hierbij denken aan de opschrift op onze guldenmunten: God zij met ons.

Wat we nodig hebben om weer te kunnen groeien, is een snel einde van het gratis geldbeleid, lagere begrotingstekorten en een kleinere overheid. Zou dat pijn doen? Zeker, maar je kunt niet verwachten van een kwaal die decennialang gevoed is af te komen zonder enige pijn. Het zou wel de weg vrijmaken voor hogere groei op de middellange en lange termijn. Middellange termijn? Lange termijn? Voor politici en de OESO zijn dat onbekende concepten. Korte termijn is wat daar telt. Helaas.