De Europese Commissie moet lidstaten straffen als die zich niet aan de begrotingsregels houden. Des te opmerkelijk dus dat de Commissie zich zelf niet aan de eigen begrotingsregels houdt!

Het is herfst. In Brussel vallen de nationale begrotingen op het bureau bij de Europese Commissaris voor begrotingszaken. De Commissie wordt geacht deze begrotingen te toetsen aan de Europese begrotingsregels en, waar nodig, lidstaten op vingers tikken. Het ziet er sterk naar uit dat ditmaal vijf lidstaten – Italië, Oostenrijk, Slovenië, Malta en Frankrijk – een formele waarschuwing zullen krijgen dat hun begrotingen worden afgekeurd als ze die niet aanpassen.

In Brussel vallen de nationale begrotingen op het bureau bij de Europese Commissaris voor begrotingszaken.

In Brussel vallen de nationale begrotingen op het bureau bij de Europese Commissaris voor begrotingszaken.

De nieuwe procedure is enkele jaren oud. Hij vervangt de oude aanpak, waarin de lidstaten elkaar zelf moesten beoordelen en corrigeren. Althans: de Commissie deed de screening, de sancties werden uitgedeeld door de Raad. Of liever gezegd: niet uitgedeeld. De redenering is dat de Europese Commissie makkelijker landen zal waarschuwen en desnoods boetes uitdelen dan de landen zelf onderling. Daar zit op zich wat in. Al is dan wel de vraag hoe strikt de Europese Commissie zal zijn in het handhaven van de Europese regels.

Verre van strikt

Als we op de handhaving van de voor de Commissie zelf geldende regels af moeten gaan, luidt het antwoord: verre van strikt. Nee, ik heb het er niet over dat een voormalige Franse minister van Financiën, die er zelf nooit in slaagde een fatsoenlijke begroting op te stellen, vanaf 1 november de begrotingen van de EU-lidstaten moet beoordelen. Ik heb het over de regel uit het Verdrag over de Europese Unie die het de EU zelf expliciet verbiedt een tekort te hebben. ‘Inkomsten en uitgaven van de Europese Unie moeten in balans zijn’ zo luidt artikel 310 van het Verdrag. De regel zou heilig moeten zijn, maar is dat in praktijk bepaald niet.

‘Inkomsten en uitgaven van de Europese Unie moeten in balans zijn’ zo luidt artikel 310 van dat Verdrag. De regel zou heilig moeten zijn, maar is dat in praktijk bepaald niet.

Wat is het geval? De Europese Unie werkt met een meerjarenbegroting, in dit geval voor de periode 2014-2020. Die begroting wordt voorgesteld door de Commissie en vastgesteld door Raad en Parlement. Pakken we die begroting erbij, dan zien we een lange lijst van uitgaven. Onder de streep prijkt het bedrag van 959,988 miljard euro (uitgedrukt in prijzen van 2011). Dat is 1 procent van het bruto binnenlands product (bbp) van de EU. Tot zo ver niets aan de hand. Maar onder dat vetgedrukte getal staat vervolgens dat de inkomsten van de EU voor diezelfde periode 908,4 miljard euro zullen zijn! Kortom: de Europese Unie heeft over deze periode een begroot tekort 51,6 miljard euro! Dat mag dan slechts ongeveer 0,05 procent van het bbp van de EU zijn, maar het gaat niet om het bedrag maar het principe. De Europese Commissie houdt zich zelf niet aan de eigen begrotingsregels.

Schulden

Het gevolg van dit alles is dat de EU, de entiteit die dus geen cent rood mag staan, sinds 2011 bijna 30 miljard euro aan schulden heeft opgebouwd en die schuld toeneemt. En wie draait daarvoor op? Inderdaad, de EU-landen zelf. De Nederlandse economie maakt ongeveer 4 procent uit van het totale EU-bbp wat inhoudt dat we, naast eigen staatsschuld, ook een verborgen schuld van 1,2 miljard euro hebben. Die, buitengewoon illegale, schuld neemt zoals gezegd alleen maar toe.

Onze eigen premier heeft ermee ingestemd dat de Europese Unie haar eigen begrotingsregels niet naleeft. Hij had voet bij stuk kunnen en moeten houden… hij heeft het niet gedaan.

En voordat er een storm aan kritiek komt uit Den Haag en/of het Europees Parlement: bedenk wel dat de begroting van de Europese Unie weliswaar wordt voorgesteld door de Commissie maar mede wordt vastgesteld door de staatshoofden en regeringsleiders van de EU-landen. De EU-begroting is één van die weinige onderwerpen is waar elk land vetorecht heeft en het Europees Parlement mee moet instemmen. Met andere woorden, onze eigen premier heeft ermee ingestemd dat de Europese Unie eigen begrotingsregels niet naleeft. Hij had voet bij stuk moeten en kunnen houden, dankzij het vetorecht, en eisen dat de inkomsten en uitgaven, zoals het Verdrag voorschrijft, in balans zijn. Hij heeft het niet gedaan. De blaam voor deze onwettige praktijk – de Unie bouwt schulden op! – treft dus mede hem en zijn collega’s in de Europese Raad.

De Europese Commissie haalt gele kaarten uit de zak om enkele landen te waarschuwen. Helaas lijkt niemand de Commissie zelf donkerrood te willen geven. Wie bewaakt de bewaker? Niemand. Terwijl die bewaker zich overduidelijk niet aan zijn eigen regels houdt. Het is een weinig vertrouwenwekkende situatie.