Vijf miljard euro. Dat geeft het kabinet in de vorm van lagere belastingen en hogere toeslagen terug aan de Nederlandse bevolking. Ieders koopkracht moet vooruit gaan zodat iedereen het gevoel krijgt dat de economie echt herstelt. De Minister van Financiën lijkt het echter niet goed te kúnnen doen. Nu geeft hij wat geld terug aan de Nederlander en toch wordt hij bijna alle commentatoren aangevallen daarop.

Ik vind het prima dat Jeroen Dijsselbloem dat doet, geld teruggeven aan de Nederlander. Van mij mocht het wel om 50 miljard euro gaan, niet slechts 5. Met een belastingverlaging van 50 miljard euro had de Nederlander al het geld teruggekregen dat dit kabinet hem via hogere belastingen, andere heffingen en dergelijke heeft afgetroggeld. Zo bezien is 5 miljard euro een aanfluiting. Zou u blij zijn als iemand, met geweld, 1000 euro van u afpakt en iets later op uw voordeur aanklopt en een briefje van 50 teruggeeft? Maar goed, beter 5 miljard euro dan helemaal niets denk ik dan.

Dát het kabinet de belastingen verlaagt, dáár heb ik geen enkele moeite mee: wij betalen ons al bont en blauw in dit land, vanaf het moment dat u de kraan in de badkamer opendraait in de ochtend totdat u gaat slapen, heeft u om de haverklap te maken met een of andere belasting.

De kans dat een Jamaicaan de volgende Elfstedentocht zal winnen, acht ik hoger dan de kans dat een Nederlandse regering in de komende decennia een begroting waar inkomsten en uitgaven gelijk zijn aan elkaar zal presenteren

Waar ik grote moeite mee heb is de financiering van dat cadeautje. Ook volgend jaar geeft Den Haag veel meer uit dat wat er binnenkomt, 10,5 miljard euro meer om precies te zijn. Het feitelijk begrotingstekort – het verschil tussen álle inkomsten en uitgaven – daalt weliswaar in 2016, maar het zogeheten structurele tekort loopt behoorlijk op. Het structurele tekort is het feitelijke tekort gecorrigeerd voor conjuncturele, lees tijdelijke of eenmalige, inkomsten en uitgaven. Daarmee is dat structurele saldo een belangrijker maatstaf dan de feitelijke stand van zaken. Vergelijk het met een auto. Als we het feitelijke saldo gelijk stellen aan de uiterlijke staat van een auto, dan is de structurele saldo de staat van het voertuig onder de motorkap, in delen die onzichtbaar zijn. En dan kan een auto er nog zo mooi uitzien, als de motor problemen heeft, is het toch geen goede auto.

Slecht voorbeeld doet volgen

Aan dat stijgende tekort – waarmee Nederland overigens de Europese begrotingsregels flagrant schendt, dezelfde regels die er op aandringen van Nederland zijn gekomen! – kleven drie nadelen.

In de eerste plaats geeft het een zeer slecht voorbeeld aan de andere eurolanden. Als wij bij de eerste de beste gelegenheid willens en wetens de Europese begrotingsregels met voeten treden, hoe kunnen we straks andere eurolanden vermanend toespreken of zelfs boetes eisen? Dit geldt zeker voor Nederland, dat met minister Dijsselbloem de voorzitter van de eurogroep heeft – de man die die andere landen vermanend moet toespreken! De staat van de overheidsfinanciën in de andere eurolanden is voor ons overigens, dankzij de euro, net zo belangrijk als de staat van ons eigen huishoudboekje. De mogelijke problemen met de begrotingstekorten en staatsschulden in de andere eurolanden zijn namelijk ook ons probleem, omdat we dezelfde munt delen. Het Griekse schuldprobleem was ons probleem niet geweest als we met dat land niet in een muntunie hadden gezeten.

Waar alles en iedereen sinds het begin van de crisis behoorlijk is afgevallen, is de overheid er alleen maar vetter door geworden

In de tweede plaats blijft gelden dat een kleiner begrotingstekort geen goed nieuws is, alleen minder slecht nieuws . Maar wel slecht nieuws, omdat structurele begrotingstekorten – en dat is op Nederland van toepassing, zie grafiek iets verder op – zeer nadelig en dus ongewenst zijn, zoals ik eerder hier betoogd heb. Den Haag zegt te streven naar begrotingsevenwicht, maar mijn vermoeden is dat dat pas werkelijk zal gebeuren wanneer de Nederlandse economie met 8 procent of meer per jaar groeit. De kans dat een Jamaicaan de volgende Elfstedentocht zal winnen, acht ik eerlijk gezegd hoger. Of dat het Nederlands voetbalelftal alsnog via de nacompetitie het EK in Frankrijk haalt én wint.

In de derde plaats geeft het aan dat de Nederlandse regering alles beter vindt dan de omvang van de overheid in te perken. Dat wel doen zou structureel minder overheidsbemoeienis met werkelijk alle delen van onze economie betekenen, net als structureel lagere belastingen. Ja, het aandeel van de publieke sector gaat volgend jaar iets omlaag vergeleken met 2014, met 0,4 procentpunt welgeteld, maar ook na die daling blijft de omvang van de overheid aanmerkelijk hoger dan enkele jaren geleden. Waar alles en iedereen sinds het begin van de crisis behoorlijk is afgevallen, is de overheid er alleen maar vetter door geworden.

Minder overheid

Het was veel beter geweest de burger geld terug te geven door de omvang van de overheid te verkleinen en dáár het geld te vinden voor die belastingverlaging in plaats van een begrotingstekort te hebben.

Als ik naar de uitgaven van onze overheid kijk, dan zie ik minstens twee uitgavenposten waar vrij snel en structureel miljarden euro vrijgespeeld kunnen worden. In de eerste plaats is er de ontwikkelingssamenwerking. En dan bedoel ik het niet harteloos stoppen met hulp bieden aan de arme landen in de wereld. Ik bedoel dan juist eindelijk eens die landen, de burgers daar, helpen in plaats van lokale machthebbers, zoals nu vaak gebeurt. De beste hulp die we die landen kunnen geven is onze markt open zetten voor de producten uit die landen (zie ook dit essay daarover). Handel met andere landen en werelddelen is wat ons hier rijk heeft gemaakt, maar gek genoeg weigeren we hetzelfde recept toe te passen op de arme landen in de wereld van nu. Elk jaar geeft Den Haag circa 4 miljard euro aan ontwikkelingssamenwerking, hulp voor arme landen zonder dat dat die landen echt helpt. En dit is nauwelijks subjectief te noemen: als deze manier van helpen echt zou helpen, dan zou je na enkele decennia van dat beleid toch mogen verwachten dat de arme landen van weleer inmiddels niet meer arm zijn. Helaas is dat maar al te vaak niet het geval.

Je kunt je in alle ernst afvragen of diegenen die voor ‘eindelijk keynesiaans beleid’ pleiten en afgeven op neoliberalisme wel weten wat neoliberalisme en keynesiaans beleid zijn

Een andere forse uitgave van Den Haag betreft de rente op onze behoorlijke en verder groeiende staatsschuld. Circa 9 miljard euro geven we elk jaar aan rente uit, wat meer is dan aan ons basisonderwijs en bijna net zo veel als dat we elk jaar aan defensie uitgeven. En dat is de hoogte van die uitgave bij de historisch lage rente waarmee de Nederlandse Staat te maken heeft. Vreemd genoeg gaat de Staat niet die historisch lage, voor bepaalde looptijden zelfs negatieve, rente voor een zo lang mogelijke termijn vastleggen.

Op dit moment hebben de langstlopende staatsobligaties van Nederland een looptijd van 30 jaar en ook daar maakt de Staat niet bepaald gretig gebruik van. Ik zou zeggen: sluit ook leningen af met een looptijd van 50 jaar, zoals veel eurolanden overigens doen, of zelfs 100 jaar, zoals sommige landen. Wanneer de rente gaat stijgen, kan dat ons veel geld, besparen- miljarden zelfs. Onze staatsschuld is nu houdbaar hoewel die veel hoger is dan voor de crisis; een belangrijke reden is die historisch lage rente. Maar als de staatsschuld stijgt, en de Staat zelf houdt daar rekening mee, en/of de rente oploopt, dan kan dat wel eens heel anders worden. En dat de rente vroeg of laat gaat stijgen, dat is zo goed als zeker. Je kunt namelijk niet verwachten dat de economische groei en inflatie aantrekken en de centrale banken voor eeuwig staatsobligaties blijven opkopen en daarmee de lange rente onder neerwaartse druk houden. Langetermijnrentes zijn een optelsom van economische groei, (verwachte) inflatie en een risicopremie, bijvoorbeeld voor het faillissementsrisico.

Rondpompen van het geld gaat door

Jammer genoeg is er niets wat erop wijst dat Den Haag de manier waarop Nederland arme landen helpt radicaal wil veranderen of de historisch lage rente voor een lange periode vast wil leggen. Wat ook jammer is, is dat je na het lezen van de Miljoenennota niet bepaald kunt concluderen dat Den Haag echte structurele beleidsmaatregelen neemt, zoals een flinke vereenvoudiging van het belastingstelsel. De overheid blijft via het innen van allerlei belastingen en het rondpompen van een groot deel van dat geld via talloze toeslagen een stelsel in stand houden dat waarschijnlijk niemand meer, inclusief de ontwerpers ervan, begrijpt.

Begrotingssaldo Nederlandse Staat sinds 1970

grafieklel

Mede door dit feit blijf ik het overigens vreemd maar ook fascinerend vinden hoeveel economen, politicologen, allerlei hoogleraren van alles en nog wat et cetera maar blijven roepen dat neoliberalisme ons kapotmaakt en dat het nu eens afgelopen moet zijn met neoliberalisme en de overheid eindelijk eens een keynesiaans beleid (lees, meer overheid, grotere overheid, structurele begrotingstekorten en almaar stijgende staatsschuld) moet gaan voeren. De Nederlandse overheid is in loop der tijd fors uitgedijd en Den Haag heeft sinds 1970 bijna elk jaar een (fors) begrotingstekort gerealiseerd hoewel een groot deel van die periode economisch zeer goed is geweest én de aardgasbaten ook fors waren. En dan maar klagen over neoliberalisme en gebrek aan keynesiaans beleid. Hadden we maar wat neoliberalisme en minder keynesiaanisme gehad. Tel daarbij het feit dat er geen (belangrijke) sector van onze economie bestaat of de overheid bepaalt de spelregels erin – geloof dat we in een vrijemarkt, echt kapitalistische economie leven lijkt mij een mythe – en dan vraag je je in alle ernst af of diegenen die voor eindelijk keynesiaans beleid pleiten en afgeven op neoliberalisme wel weten wat neoliberalisme en keynesiaans beleid zijn.