Als gevolg van het economische, financiële, sociale en politieke slagveld dat de Griekse kwestie in Europa heeft aangericht, begint in de mainstream Nederlandse economische wetenschap en media zachtjesaan het besef in te dalen dat euro wellicht toch niet zo’n goed idee is geweest.

Niet alleen een Grexit maar ook het introduceren van aan de euro parallelle nationale munten wordt in toenemende mate genoemd als een manier om de eurocrisis te bezweren. Dit laatste idee is in Nederland als eerste onder de aandacht gebracht door de Nederlandse euro-researcher André ten Dam. Ten Dam vond echter dat het toch anders moest, beter welteverstaan. Een beetje creatief denkwerk resulteerde in 2010 in ‘The Matheo Solution (TMS)’, volgens diverse insiders veruit het beste alternatief voor het ‘on-size-fits-none’ Euro Pact. Maar meer dan dat, we kunnen rustig zeggen dat TMS ook een baanbrekende (zelfs Nobelprijswaardige) Nederlandse bijdrage is aan de ontwikkeling van de internationale economische wetenschap inzake monetaire unies. Een hoofdredactioneel interview van Joshua Livestro met André ten Dam.

JL: De europroblematiek, ook die in Griekenland, zoals die zich sinds 2010 heeft gemanifesteerd, heb je begin 2010 feilloos voorspeld. Met welk gevoel heb je de gang van zaken rond de Griekse kwestie vorig weekend in Brussel gevolgd?

AtD: Met afschuw. Ten eerste door het feit en de wijze waarop Alexis Tsipras en Griekenland een pistool tegen het hoofd is gezet en de nationale soevereiniteit is ontnomen. Van een deal is natuurlijk geen sprake, het is een dictaat. Griekenland valt natuurlijk het nodige te verwijten maar dit gaat te ver. Maar er is meer. Waar sinds begin dit jaar Angela Merkel krampachtig probeerde om in de Griekse kwestie gezamenlijk met François Hollande op te trekken, is de Duits-Franse As vorig weekend in Brussel met een knallende clash gespleten, waarbij de Italiaanse Matteo Renzi zich in de strijd mengde en zich vierkant achter Frankrijk opstelde. Het naoorlogse Europese Project van vrede en welvaart heeft met deze gang van zaken een geweldige opdoffer gekregen. En hoe denk je dat men vanuit Engeland dit schouwspel heeft gadegeslagen? De Grexit is wellicht weer voor even afgewend maar de Brexit is, vrees ik, een flinke stap naderbij gekomen. De Euro(pese) droom: hoe nu verder?

JL: De euro als splijtzwam van Europa, zelfs Nederlands vooraanstaand econoom Arnoud Boot (UvA) is vorige week in NRC tot die conclusie gekomen. Een beetje laat?

AtD: Om precies te zijn een jaar of vijf te laat. Maar desondanks hulde voor Arnoud Boot dat hij dit nu heeft uitgesproken. Beter laat dan nooit. Vergeet niet dat Arnoud Boot in regeringskringen invloed heeft. Denk ook aan Frits Bolkestein die al veel langer waarschuwt voor het splijtzwamgevaar van de euro voor Europa. Veel respect en waardering voor Bolkestein die ondanks zijn gezegende leeftijd zich het vuur uit zijn schoenen loopt om het kwade tot het goede te keren. Van zo iemand met diens kennis, ervaring en inzichten lopen er in Nederland niet zo veel rond.

JL: Nu meer concreet, over het Grieks perspectief. De Griekse premier heeft aangegeven de deal slecht te vinden voor zijn land. Hij verwacht dat het de economie depressie verlengt en de werkloosheid zal doen oplopen. Toch heeft hij getekend en heeft hij vervolgens zijn parlement gevraagd de deal te steunen. Hoe plausibel vind je dat?

AtD: Ik denk dat er helemaal niemand is die in deze deal gelooft, niet de Griekse regering en de Duitse en Nederlandse evenmin. Maar de Grexit, gelijk schuldkwijtschelding, durft men kennelijk om allerlei redenen nog niet aan, er moest dus een compromis komen.

JL: Een Grexit, de Duitse minister van Financiën blijft benadrukken dat een tijdelijk Grexit eigenlijk een veel betere oplossing is dan de huidige deal. Wat vind je van die redenering?

AtD: De logische gedachte hierbij is dat de euro voor de Grieken veel te duur is en daarom dat de nieuwe Griekse drachme bij een Grexit flink zal devalueren ten opzichte van de euro. Het Griekse prijsniveau wordt dan internationaal weer concurrerend als gevolg waarvan binnen- en buitenlandse investeerders weer zullen in stappen en de Griekse economie, werkgelegenheid en staatsfinanciën zich op eigen kracht kunnen herstellen. Griekenland heeft inderdaad verdiencapaciteit nodig, het moet weer in staat gesteld worden om geld te gaan verdienen, zo simpel is het.

En zolang de noodzakelijke monetaire devaluatie in Griekenland boven de Griekse markt blijft zweven, blijft het Griekse spaargeld in het buitenland geparkeerd of de onder de matras en blijven de binnen- en buitenlandse investeerders aan de zijlijn staan. In die zin is een gecontroleerde en goed begeleide Grexit, al of niet tijdelijk, met vervolgens een verstandig economisch beleid in Griekenland natuurlijk een veel betere oplossing dan de huidige deal.

Omdat de Griekse economie en werkgelegenheid dan na verloop van enige tijd weer zullen aantrekken, ontstaat er dan ook een veel groter politiek en maatschappelijk draagvlak voor de aldaar noodzakelijk door te voeren hervormingen. En omdat Griekenland dan weer geld kan gaan verdienen zal de terugbetaalcapaciteit op leningen vanzelfsprekend toenemen, zelfs op buitenlandse leningen die gewaardeerd zouden blijven in euro (waartegen de nieuwe drachme dan zal devalueren) zodat er uiteindelijk ook wat minder op de onhoudbare Griekse schuldenlast afgeboekt zal behoeven te worden.

JL: Maar als ik het zo zie ben je daarover toch niet helemaal wild enthousiast?

AtD: Dat klopt, het punt is immers dat de europroblematiek veel breder getrokken moet worden. De zwakste schakel, Griekenland, zuigt al ruim vijf jaar lang alle aandacht naar zich toe, maar als Griekenland uit de euro wegvalt dan is er een nieuwe zwakste schakel. Dat zou dan zomaar Portugal, Spanje of Italië kunnen zijn. Italië dat afgelopen vrijdag nog in het Duitse Handelsblatt ‘Griekenland in XXL’ werd genoemd.

Omdat de Italiaanse economie inderdaad een paar maatjes groter is dan de Griekse dan moge duidelijk zijn hoeveel meer Duits en Nederlands belastinggeld er getransfereerd zou moeten gaan worden indien dan in Italië de pleuris uitbreekt. En na vijf jaar Griekenland subsidiëren zijn de Duitse en Nederlandse belastingbetaler, die het zelf ook niet zo gemakkelijk hebben, een beetje transfereer-moe geworden. Bovendien zouden Duitsland en Nederland zelf kopje onder gaan indien zij een land met de economische omvang als die van Italië zouden moeten gaan redden.

JL: Dus niet alleen Griekenland maar ook Italië moet uit de euro?

AtD: Dat klopt maar dan zijn we nog niet klaar. Immers, waar er in een ‘one-size-fits-none’ muntunie te zwakke schakels zijn, zijn er ook te sterke schakels. Het is daarom niet zonder reden dat wordt geopperd dat juist Duitsland uit de euro zou moeten stappen.

Het punt en de kern van de europroblematiek zijn dus de sinds de invoering van de euro onderling scheef getrokken concurrentieverhoudingen, reële prijsverschillen, tussen de diverse eurolanden. In de onderlinge verhoudingen is de euro véél te duur geworden voor eurolanden als Griekenland en Italië maar tegelijkertijd véél te goedkoop voor Duitsland en Nederland.

Zoals we hebben kunnen zien heeft dat in zwakke landen (eigenlijk alle Zuid-Europese landen inclusief Frankrijk) geresulteerd in economische malaise, een geëxplodeerde werkloosheid en te vaak bittere armoede met inhumane toestanden en ook in verslechterende staatsfinanciën. In de sterke landen met name in Duitsland en Nederland zien we een uit zijn voegen gebarsten export naar landen buiten de eurozone, terwijl de binnenlandse koopkracht en dus onze welvaart het kind van de rekening is, een en ander als gevolg van de internationaal voor ons véél te goedkope wisselkoers van de euro. En dan hebben we het nog niet eens gehad over gigantische schade als gevolg van de door de ECB kunstmatig tot in het negatieve toe omlaag gerukte rente om Zuid-Europa niet helemaal kopje onder te laten gaan. Nederland en Duitsland zijn immers spaaroverschotlanden. En wat denk je welke invloed dit ECB-rentebeleid heeft op onze rijk gevulde pensioenfondsen?

De kloof tussen de sterkste en de zwakste landen is véél te groot om door hervormingen in de laatste ook maar gedeeltelijk overbrugd te kunnen worden. Kijk eens naar dit recente grafiekje van Morgan Stanley Research waarin de onderlinge verschillen in de zogenoemde reële wisselkoers (uitgedrukt in US-dollar) zijn uiteengezet.

grafiek

Morgan Stanley Research (April 2015) – The unfair value of the Euro for all Euro-countries according to Morgan Stanley’s 2015 PPP-analyses of the relative changes in competitiveness (consumer and producer prices) for each country since 1999 – Because only the Netherlands entered the Euro with its national currency substantially (13%) undervalued, for the Netherlands the present ‘fair value’ Euro exchange rate is now $ 1.40 .

Op basis van deze relevante economische ‘fundamentals’ is dan de conclusie dat niet alleen Griekenland en Italië maar ook Duitsland, Nederland, Ierland en Oostenrijk in deze monetaire unie niet thuis horen.

JL: Guy Verhofstadt en Alexander Pechtold die roepen dat met een politieke unie, de Verenigde Staten van Europa met een federaal budget alles goed zal komen. Hoe denk jij daarover?

AtD: Verhofstadt en Pechtold zien hun ultieme Europees federale wensdenkdroom in rook op gaan, verkeren ‘in denial’ en voeren daarom een achterhoedegevecht. Een Europese politieke unie zal de bestaande verschillen immers niet ongedaan maken maar kunnen er uitsluitend voor zorgen dat de transferbetalingen van de sterkere naar de zwakkere landen efficiënter en geruislozer kunnen plaatsvinden. Bovendien willen de burgers in alle eurolanden helemaal geen politieke unie, en dan moet je daar gewoon ook over ophouden.

Maar als ik het goed begrepen heb, begint nu ook Guy Verhofstadt met de voetjes op aarde te landen, hij stelde afgelopen weekend dat indien mocht blijken dat de euro niet zou kunnen werken (en dat hebben we, dunkt mij, inmiddels met zijn allen wel geconstateerd), we terug zouden moeten naar nationale munten. Dat betekent dus dat nu uitsluitend Alexander Pechtold zich nog in dromenland bevindt.

JL: Dus dan kunnen we de euro maar beter helemaal opdoeken, zoals Marine Le Pen in Frankrijk (vorige maand voor de zoveelste keer) en in ons land Geert Wilders al jaren roepen? Afgelopen week verzuchtte Oskar Lafontaine (de Duitse minister van Financiën ten tijde van de invoering van de euro) dat ook, en econoom Richard Werner (de bedenker van de economische term QE) stelde dat uit solidariteit met Griekenland ook alle andere eurolanden uit de euro zouden moeten stappen. Of beter nog het parallelle munten concept?

AtD: Terug naar nationale munten zou monetair en economisch gezien inderdaad veel beter zijn dan het nog steeds gevolgde ‘doormodder-scenario’. Wat alle eurolanden immers al jaren dringend nodig hebben is monetaire flexibiliteit op nationaal vlak, dus (her)introductie van onderlinge wisselkoersaanpassingen en rentedifferentiatie. Dat dit de enig juiste weg uit de ellende is, is natuurlijk een kwestie van ‘gezond verstand’.

Het is natuurlijk onvoorstelbaar dat de Europese politieke elite zo lang halsstarrig blijft vasthouden aan het one-size-fits-none Euro Pact, ondertussen is heel ons mooie Europa op een vakkundige manier ‘naar de vaantjes’ geholpen.

Punt is wel dat er in het Europroject al decennia lang zoveel politiek kapitaal is geïnvesteerd dat de Europese politieke elite wellicht nog jaren zal blijven weigeren de euro te ontmantelen ter voorkoming van gezichtsverlies. Frankrijk is zijn macht en invloed dan gelijk kwijt en zal tegenstribbelen. En laten we eerlijk zijn, dat zouden we onze vriend Alexander Pechtold toch ook niet aan kunnen doen.

En een nationale munten structuur heeft ook nadelen. Wat denk je bijvoorbeeld dat er met de Nederlandse gulden zou zijn gebeurd indien we die nog gehad zouden hebben toen in 2008 onze nationale bankensector onderuit ging?

Bovendien en dat zijn we de laatste vijf jaar bijna gaan vergeten, heeft de euro ook voordelen, zoals prijstransparantie en het gemak van overal een en hetzelfde betaalmiddel (valuta), en lagen er ook specifieke redenen aan de invoering daarvan ten grondslag. Bijvoorbeeld moest het herenigde Duitsland in het grotere Europese geheel ingebed worden, moest er een Europees monetair tegenwicht komen naast de US-dollar en moest het risico van valutaspeculatie (denk eens terug aan George Soros en het Britse pond) geëlimineerd worden, dat nog losstaande van de Franse eis van macht en invloed.

Omdat we dat allemaal ook met het parallelle munten concept niet zouden kunnen bewerkstelligen, ben ik in 2010 dus verder gaan zoeken en denken. Toen kwam ik uiteindelijk uit bij een Europese monetaire constructie waarbij de noodzakelijke interne monetaire flexibiliteit (wisselkoersen en rentedifferentiatie op nationaal vlak) bínnen het Euro Pact kan worden geconstrueerd, eenvoudigweg op basis van de monetaire rekeneenheid functie van geld, terwijl de euro als ‘single currency’ (betaalmiddel) behouden kan blijven, en die constructie heb ik toen ‘The Matheo Solution (TMS)’ genoemd.

‘The Matheo Solution (TMS)’ wordt door kenners, niet zonder reden, betiteld als ‘het beste van twee werelden’ (enerzijds de monetaire stabiliteit van de Single Currency en anderzijds de monetaire flexibiliteit van nationale munten) en voldoet bovendien aan alle overige randvoorwaarden.

(Redactie: Volgens het TMS-kernconcept blijft de euro als ‘single currency’ gewoon in stand als valuta (betaalmiddel). Maar parallel aan de euro als valuta (betaalmiddel) en de monetaire rekeneenheid functie van de euro worden er voor ieder individueel euroland parallelle nationale monetaire rekeneenheden (monetary units-of-account) geïntroduceerd. Omdat de monetaire rekeneenheid functie van geld juist de relevante functie van geld is voor valuta-wisselkoersen en valuta-rente, wordt daarmee de basis gecreëerd voor het noodzakelijke interne Euro-wisselkoersmechanisme en rentedifferentiatie op nationaal vlak. Hierbij kiest Ten Dam er voor de monetaire rekeneenheid van de euro te koppelen aan de nationale monetaire rekeneenheid van het sterkste euroland. Voor een nadere uitleg van het TMS-kernconcept en een overzicht van het volledige TMS 10-punten plan (2010), klik hier – zie bijgaande PDF – Engelstalig, met dank aan André ten Dam).

matheosolution

 

 

Aardig is dat aan mij achteraf is gebleken dat dit innovatieve TMS-kernconcept heel wel ook door John Maynard Keynes uitgedacht had kunnen zijn, indien die nu nog zou hebben geleefd.

JL: Arnout Boot stelde vorige week in NRC nog aanvullend dat er een fundamentele herbezinning nodig is over de euro. Dat traject heb jij dus al in 2010 doorlopen?

AtD: Inderdaad.

JL: Dan kan jij mij dus nu vertellen welke maatregelen we dan zouden moeten en kunnen nemen om Griekenland c.s. er weer bovenop te krijgen indien TMS ingevoerd zou worden? En wat zouden de kosten/gevolgen voor de betalende landen als Nederland en Duitsland dan zijn?

AtD: Laten we beginnen met de hoofdlijnen voor de zwakkere eurolanden zoals Griekenland en Italië. Ten eerste zouden de Griekse en Italiaanse nationale monetaire rekeneenheden devalueren ten opzichte van de nationale monetaire rekeneenheden van de economisch sterkste landen, zoals we in bovenstaand plaatje hebben gezien de Duitse en Nederlandse. Hiermee worden Griekenland en Italië binnen de eurozone weer in één klap concurrerend en kan het herstel intreden zoals hierboven uiteengezet.

Ten tweede, hoewel de Griekse en Italiaanse terugbetaalcapaciteit als gevolg van het economisch herstel aldaar op leningen zal toenemen, zal Griekenland en wellicht ook Italië gecontroleerd moeten ‘defaulten’ op hun staatsschuld. (Uitsluitend) het IMF zou dan daarvoor ingeschakeld moeten worden, enerzijds voor het begeleiden van de kwijtschelding van onhoudbare delen van de staatsschulden tot een draagbaar niveau (schuldenconferentie bij de Club van Parijs) en anderzijds voor het verstrekken van tijdelijke nood/overbruggingsleningen (die dan ook echt tijdelijk kunnen en zullen zijn en ook terugbetaald kunnen en zullen worden) totdat deze landen weer op eigen benen kunnen staan. Tegelijkertijd zullen er onder leiding van het IMF in die landen voortvarend de noodzakelijke hervormingen worden doorgevoerd, waarvoor er dan natuurlijk een veel groter politiek en maatschappelijk draagvlak ontstaat.

De noodzakelijke liquiditeit haalt het IMF op bij haar leden. Wellicht dat het IMF van haar eurozone-leden een wat grotere bijdrage verlangd dan van haar overige leden. Omdat de IMF nood/overbruggingsleningen kunnen en zullen worden terugbetaald, zullen deze gelden na verloop van tijd aan de IMF-leden gerestitueerd worden. De trojka en de Europese noodfondsen kunnen en moeten worden opgedoekt.

De ‘wisselkoers’ van de nationale monetaire rekeneenheden van Duitsland en Nederland zal sterker worden ten opzichte van de US-dollar. Het directe gevolg van deze monetaire revaluatie van Duitsland en Nederland ten opzichte van de US-dollar en vanzelfsprekend de monetaire rekeneenheden van de zwakkere eurolanden, zorgt dan direct voor een aanzienlijke koopkracht- en welvaartssprong voor de burgers in Duitsland en Nederland. En als gevolg daarvan krijgt de Duitse en Nederlandse binnenland-gerelateerde economie een geweldige impuls. Omdat Duitsland en Nederland in verleden (het mark en gulden tijdperk) hebben bewezen substantiële exportoverschotten te kunnen realiseren ondanks een sterke munt, zullen de economieën in Duitsland en Nederland niet alleen evenwichtiger maar ook sterker worden.

Als gevolg van het deels afboeken van de staatsschulden van de zwakste eurolanden kunnen Europese systeembanken natuurlijk wel dreigen om te vallen waardoor het gehele Europese financiële stelsel zou kunnen gaan wankelen. Ter voorkoming daarvan voorziet TMS in een instantie voor nationalisatie/herkapitalisatie (zo nodig) op Europees vlak van onmisbare Europese systeembanken. Deze instantie (met een banklicentie) wordt gefinancierd door de ECB in plaats van door de Europese belastingbetaler. Omdat de banken als een van de eerste van het economisch herstel in de eurozone zullen profiteren, kunnen de banken na verloop van tijd weer op eigen benen staan en zullen de gebruikte gelden weer terug kunnen vloeien naar de ECB zodat geldontwaarding (inflatie) wordt vermeden.

Omdat de economieën in de Zuidelijke eurolanden weer gaan draaien zullen de bestaande Nederlandse en Duitse investeringen aldaar niet alleen weer gaan renderen maar daardoor dan natuurlijk tegelijkertijd ook in waarde toenemen.

En door de onderlinge evenwichtige ‘wisselkoersen’ en de economische opbloei in alle eurolanden wordt het met onderlinge importen en exporten weer lekker druk op de Europese Interne Markt.

Bijkomend voordeel is dat de ECB dan weer eindelijk onafhankelijk kan functioneren en zich kan gaan toeleggen op voor ieder euroland functioneel nationaal monetair maatwerk. In overleg met de desbetreffende nationale centrale banken bepaalt de ECB dan immers de juiste rentes van de diverse nationale monetaire rekeneenheden en ‘managet’ de ECB het euro-wisselkoersmechanisme op grond van de relevante economische fundamentals. Oh ja, en omdat de euro de enige valuta is en blijft is valutaspeculatie uitgesloten.

Verder geen addertjes onder het gras.