‘God is dood’, zei Nietzsche ooit. Maar wij mensen hebben vervolgens nieuwe goden gemaakt die ons ook in een keurslijf dwingen: nationaal-socialisme, marxisme, Identity Politics. Ewout Klei gelooft niet meer in de mensheid. Hij gelooft alleen nog maar in mensen.

 

Gevoel voor theater

Enkele jaren geleden nam ik, met een goed gevoel voor theater, afscheid van de linkse kerk. Ik schreef voor Joop maar was mij steeds meer gaan storen over het domme dogmatisme bij een deel van links, vooral als het ging over feminisme en racisme. Natuurlijk, mannen en vrouwen hebben gelijke rechten en blanken en zwarten ook, maar dat ideologische gedram waarin de ‘witte man’ telkens voor van alles wordt uitgemaakt, dat hing mij verschrikkelijk de keel uit. En nog steeds. Maar op dogmatisch denken heeft links geen monopolie. Bijna iedereen heeft daar last van.

Historicus en voormalig PSP-wethouder Huib Riethof noemde mij ooit, met enige ironie, een ‘meervoudig dolerende’. Ik had teveel kerken verlaten. Eerst de gereformeerde, toen de linkse. Nu kan ik de rechtse kerk aan dit rijtje toevoegen. Het dogmatisme bij een deel van rechts, ja ik blijf genuanceerd, ben ik ook spuugzat.

 

Achterdocht of mededogen

Zuiver op de rechtse graat ben ik trouwens nooit geweest. Ik heb niks tegen de islam an sich, vind het koningshuis een poppenkast en word niet warm als Sybrand Buma over de ‘joods-christelijke traditie’ begint. Rechts betekende voor mij vooral dat ik niet links was. Wat ik met andere rechtse mensen deelde was de afkeer van links drammen, linkse betweterij en vooral links ‘Gutmenschengedrag’. Het is een achterdocht tegen de motieven van mensen die deels gerechtvaardigd, maar deels ook totaal niet gerechtvaardigd is.

Stella Bergsma schreef hierover enkele maanden een boeiend essay voor HP/de Tijd, misschien een beetje te goedgelovig hier en daar, maar wel hoopgevend. Het is niet alleen maar vies en verrot. Mensen kunnen ook lief zijn. Moeten liefde krijgen. Er moet meer geknuffeld worden. Mededogen in de overdrive kan soms best lekker zijn. Met God is de Heilige Maagd Maria ook verdwenen. Maar hiervoor in de plaats hebben we gelukkig Stella Bergsma gekregen. Misschien bestaat de voorzienigheid toch?

Rechts was voor mij, zo bedenk ik mij opeens, ook een schild om mij van al te veel empathie af te sluiten. Zielige kinderen in Syrië? Heel sneu natuurlijk, maar niet te veel over nadenken want je kunt er toch niks aan doen, het is veel leuker om grappen over moralistische GroenLinks-politici te maken (niet over de vluchtelingen zelf, daar vond ik mij te beschaafd voor). De #zeghet-campagne tegen seksuele intimidatie? Hup, feministen in het algemeen en Asha ten Broeke in het bijzonder beledigen. Want die grijpen dit immers alleen maar om de ‘witte man’ te bashen.

Sommige grappen die ik maakte waren briljant en daar lig ik nog steeds helemaal in een deuk om (ik lach om mijn eigen grappen omdat ik eenzaam ben, doctor Sigmund), maar dikwijls waren ze alleen maar grof. Alles wat mooi en kwetsbaar is moest op een of andere manier kapot worden gemaakt, zodat ik zelf niet kon worden gekwetst. Cynisme is ook een vorm van morele lafheid.

Maakte dit mij echt 100% rechts? Nee, want ik nam afstand tot en werd na verloop van tijd zelfs misselijk van de ondergangsroepers, die meenden dat we met het toelaten van de vluchtelingen het Paard van Troje hadden binnengehaald. Op een VVD-bijeenkomst in Kampen had een oud-militair het over ‘kwartiermeesters’, die een invasie moesten voorbereiden. En op een bijeenkomst van het Forum voor Democratie in 2015 (toen dus nog geen politieke partij) had iemand in de zaal het over Winston Churchill, die de nazi’s had tegengehouden. Wij moesten nu op diezelfde manier de vluchtelingen tegenhouden. Een deel van rechts Nederland was gek geworden. Rationale distantie had plaatsgemaakt voor irrationele haat.

 

Op zoek naar liefde

Liefde en empathie zijn emoties die een mens kwetsbaar maken en dat is in veel situaties niet handig, bovendien wordt er door anderen ook veel misbruik gemaakt van zulke emoties. Maar een ‘mannelijke’ wereld, dus heel rationeel, afstandelijk, hard en cynisch, dat is ook niet leuk. Om nog maar te zwijgen over angst en haat. Er is hoop nodig. Lachende kinderen. Jonge vrouwen die in het weiland halfnaakt ronddartelen. En waar wij uiteraard niet ongevraagd aan zullen zitten. #MeNeither

Het wordt, vind ik, altijd vervelend als het ideologisch wordt. Wanneer bijvoorbeeld het verhaal van de moeder van Quinsy Gario die in de supermarkt voor Zwarte Piet werd uitgemaakt wordt gebruikt om alle blanke mensen weg te zetten als harteloze racisten. Als de aandacht voor kwetsbare vluchtelingen zich beperkt tot islamitische vluchtelingen, maar christenen kunnen stikken, waar een deel van links toch een handje van heeft. Wanneer een schrijver op Joop doodleuk beweert dat alle mannen in feite aanranders zijn. Wanneer je in De Balie in een zaal voor UvA-studentes fatsoenlijk en inlevend probeert je verhaal te houden, maar er wordt gesist als je zachtjes het woord krijgt. Maar is door deze linkse zondes de liefde en het geloof in mensen dood? Misschien niet.

In Nietsches verhaal ‘Der tolle Mensch’ in Die fröhliche Wissenschaft is een gek op zoek naar God, maar vindt hem niet. Wij zouden eens met een lantaarn op zoek moeten gaan naar liefde. Wellicht dat wij in tegenstelling tot die arme gek niet onze lantaarn stuk hoeven te gooien op de keien of in de kerk het ‘Requiem aeternam deo’ zullen aanheffen. Misschien vinden we de liefde wel. En zij (liefde is vrouwelijk, uiteraard) hoeft niet per se de vorm van een knappe engel te hebben.