De westerse waarden verdedigen doen we niet door laf en tolerant te zijn.

Ik had hoge verwachtingen van Jalta. Het Nederlandse medialandschap miste en mist – zo is mij gebleken – een echt rechts perspectief. Toen mij gevraagd werd voor Jalta de westerse waarden te verdedigen door over kunst en cultuur, de sieraden van onze beschaving, te schrijven, had ik iets geheel anders voor ogen dan wat me door de hoofdredactie in de maag werd gesplitst. Oswald Spengler zei ooit dat culturen ophouden te bestaan als ze elkaar begrijpen. Ik geloofde dat. Ik geloof dat nog steeds. Jalta duidelijk niet. Fort Europa is niet alleen economisch nastrevenswaardig, het zou een cultureel ideaal moeten zijn dat hermetische afsluiting impliceert. Maar Jalta blijkt een multicultureel bolwerk dat gek is op vrij verkeer van personen.

Extreemrechts? Laat me niet lachen

Voor Correspedantoïden is Jalta natuurlijk extreem rechts. Soit, voor Correspedantoïden is alles rechts van D66 al flirten met fascisme. En daar is heel weinig aan overdreven. Maar kijken door zo’n bril maakt de situatie veel mooier dan ze is. Want Jalta is niet het begin van wat we extreemrechts noemen. Jalta doet niet eens een halve aanzet belangrijke jarendertig-begrippen te herintroduceren in het politieke discours, om daarmee onze trotse natie te verdedigen en de kennis van de Duitse taal te bevorderen. Het is allemaal amorf appeasement.

Natuurlijk zijn er stemmen die lamenteren dat het verdedigen van Westerse waarden een exponent van wij-zij-denken is. De bittere ironie is dat de aanklacht wordt uitgesproken door dezelfde mensen die nog altijd vastzitten in een variant van het denkschema van tegengestelde klassen. Maar het siert hen dat zij tenminste denken in klassen die geordend zijn naar kapitaal, sociale status, culturele achtergrond en wat dies meer zij. Bij Jalta komen ze niet verder dan een walgelijk inclusieve kern die stelt dat alles en iedereen mag meedoen, als ze maar de rechtsstaat en bepaalde beschaafde waarden onderschrijven. Ja, sorry, met zo’n laffe instelling kom je nergens. Als iedereen mag meedoen, is er niets wat je onderscheidt van de rest. Als de deuren zo wagenwijd opstaan, is er geen grond om te spreken over de fundering van westerse waarden. Wat resteert is het moeras van pseudo-relativisme.

Progressieven verdenken Jalta juist van exclusiviteit, van een heerschappij voor blanken die verkocht wordt als klassiek-liberalisme. Was het maar zo’n feest. Ik heb eens het Horst Wessellied ingezet op een redactievergadering en hoon was mijn deel. Het is juist het niet-exclusieve, het anti-elitaire, het openlijk accepteren van andere culturen, met als enige voorwaarde het onderschrijven van de Westerse culturele kern, dat Jalta zo’n muf knuffelinitiatief maakt.

Hoewel fatsoenlijke mensen in de regel echt alles beter weten, zien ze Jalta niet scherp. Haat voor de vijand vertroebelt de blik. Werd het gezonde en zuiver rechtse hiaat in de kraters van ons medialand maar gevuld door een elitair en nationalistisch medium. Het kan kennelijk niet zo zijn. Hoewel ik sinds oktober vorig jaar heb geprobeerd deze punten door te drukken, heeft het niet mogen baten. Steeds weer heb ik me opgeworpen als voorpost voor het Nieuwe Ideaal en steeds weer werd ik teruggefloten door de voltallige redactie. De maat is vol = vol.

Kosmopolitische krachten

De onmiddellijke aanleiding voor mijn vertrek is overigens iets anders dan de al langer zeurende oorzaak. De aanleiding zal u, als rechtgeaarde rabiate nationalist, schokken. De waarheid is niet zelden dat wat door kosmopolitische krachten zo lang mogelijk aan het zicht van de ware arbeidersadel wordt onttrokken. De waarheid is vaak grillig en verraderlijk. Daarom zijn mensen volgens de beroemde Engelse wegkijkfilosoof Roger Scruton, in een van zijn weinige momenten van helderheid, vaak ook bang voor waarheid, zoals ze bang zijn voor logica. Implicaties boezemen angst in.

Goed, ik kan het niet langer uitstellen: na uitvoerig onderzoek, zowel frenologisch als nomologisch, kan ik niet anders dan concluderen dat Jalta een economieredacteur in dienst heeft die niet van Duitschen bloed is. Door zijn scherpe opinie en doorwrochte denkwerk heeft hij mij en ongetwijfeld anderen, lange tijd om de tuin kunnen leiden, maar niet langer: macro-econoom Edin Mujagic is afkomstig uit Bosnië. Dit is mij niet verteld tijdens de contractonderhandelingen, noch op enig ander moment. Een medium dat zich laat afschilderen als extreemrechts, zelf geen donder waarmaakt van die pretentie en bovendien buitenlandse krachten in dienst heeft, kan niet mijn opdrachtgever zijn.

En het gaat me niet alleen om mijzelf, of het verraad dat mij ten deel is gevallen. Het gaat mij ook aan het hart dat talloze vaderlandsche macro-economen hun baan zijn kwijtgeraakt doordat kosmopolieten buitenlanders binnenhalen. Zij die nu zonder werk zitten, moeten weten dat hun pijn de mijne is. Zij moeten weten dat mijn ontslag ook een aanklacht namens hen is. Dat mijn vertrek bij dit medium een uiting is van hun afkeuring over Jalta. Dat ik de goede strijd namens hen strijd. Mannen, het ga jullie goed. We zien elkaar in Beieren.