Tijdens een bijeenkomst ter gelegenheid van de jaarlijkse Nakba-herdenking – Nakba (Arabisch: ‘catastrofe’) refereert aan de negatieve afloop van de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 – hebben Appa en Youness Ouaali elkaar bedreigd. Over de rug van Palestijnen, proberen deze lieden naam te maken en daarbij schuwen ze er zelfs niet voor om geweld tegen elkaar in te zetten. Reden voor dit gedrag van beide heren zou zijn dat Youness Appa tijdens een live radioprogramma getypeerd heeft als “een hypocriete praatjesmaker, die vooral een grote mond heeft, maar wanneer het erop aankomt, nooit iets doet.”

Malcolm X wannabe’s die bang zijn voor een strafblad

Het andere gezicht van de antiracisme-beweging is Abulkasim Al-Jaberi die we kennen van zijn middelvingers en ‘Fuck-de-Koning-tirade’. Op podia ruit hij mensen op, maar bij Pauw verschool hij zich opeens achter zijn advocaat. Blijkbaar was hij niet bereid om zijn vrijheid van meningsuiting uit te diepen en luisterde braaf naar zijn raadsman. Al-Jaberi gaf het OM bewust de mogelijkheid om de angel uit zijn zaak te halen. Een activist die zijn mond houdt op nationale tv, nota bene in een prime-time programma en anderen het woord laat voeren voor hem, is amper een activist te noemen. Laatst zag ik een documentaire over de Provo in de jaren zestig. Die lui stonden voor hun zaak, dachten niet aan hun toekomstige loopbanen en waren niet bang voor een boete of een strafblad. Dát noem ik activisme.

Appa had geen enkel aanzien bij mij (ook niet als rapper) en Al-Jaberi heeft zijn status als activist compleet ondermijnd met zijn optreden bij Pauw. Op het podium hangt hij zowaar de Nederlandse Malcolm X uit, maar op tv is hij te bang om zijn Palestijnse sjaal om te doen. Een gemiste kans om de aandacht op de Palestijnse zaak te vestigen, lijkt me. Wat mij verder stoort – vooral aan de Zwarte Pieten-discussie – is dat miskende moslims de ‘White Privilege Kaart’ trekken en groepen met een slavernijverleden misbruiken voor hun eigenbelangen. Zijn prominente Surinamers en Antillianen (Nederlanders met Afrikaanse roots) te incompetent om hun grieven te uiten? Humberto Tan wilde nauwelijks meer spreken op de landelijke antiracisme-demonstratie van 21 maart, nadat Al-Jaberi zijn middelvinger had opgestoken en veel mensen hun ontevredenheid aangaande Appa’s aanwezigheid kenbaar hadden gemaakt. Tan geef ik hier overigens geen ongelijk in.

Talibanbergkledij of toch Gant polo’s?

Kom ik uit op een andere randfiguur, die niks met de antiracisme-beweging te maken heeft, maar relatief vaak door de media geïnterviewd wordt in verband met perikelen rondom Nederlandse moslims: Shabir Burhani (aka Maiwand Al-Afghani) die de Taliban-wannabe uithangt in Nederland. Hij trok pardoes een polo van Gant U.S.A. aan in plaats van z’n Talibanbergkledij toen hij bij Pauw mocht vertellen dat de Rabobank zijn rekening had opgezegd. Afghanen die in Nederland opgevangen worden, zoals ook Al-Jaberi met zijn familie als Irakese asielzoekers naar Nederland is gevlucht in 1993, studies doen die tonnen kosten, mogen zich van mij miskend voelen, maar wees ook een beetje dankbaar. Zó slecht hebben we het namelijk niet in Nederland. Echter, op het moment dat je wel de activist wilt uithangen, toon dan karakter, lef en fatsoen.

Een aantal van de standaardkwalificaties die men hanteert om antiracisten en antizionisten te typeren zijn: uitkeringstrekkers, blackface-foben, jaloerse ‘allochtonen’, antisemieten en ‘sekte van losers’. Terloops wordt de notie opgeworpen dat die ‘grotere sekte van losers’ niet bestaat. Het zou om een klein groepje professionele ‘klaagallochtonen’ gaan dat pretendeert een grotere groep klagers te vertegenwoordigen. Ik denk dat deze activistische ‘sekte van losers’ weliswaar – grosso modo – de gevoelens van de ‘grotere sekte losers’ verwoordt, maar dat een grofgebekte rapper en een laffe ex-student niet de juiste personen zijn (laat staan leiders) om de einddoelen mee te behalen die de beweging zich gesteld heeft.

Egotrippers binnen de antiracisme-industrie

Deze circusclowns promoten louter hun eigen persoon ten koste van de ‘grotere sekte losers’. Ze zitten in de antiracisme-industrie vanwege egotripperij en zelfverheerlijking. Als Appa binnenkort zijn eigen multiculti-programma krijgt op de NPO, dan zal zijn gebrul richting Israël een stuk minder worden. Indien Burhani onverhoopt een traineeship zou krijgen bij een ministerie (na het afronden van zijn studie bestuurskunde aan de Universiteit Leiden) dan is die baard er de volgende dag af. Wanneer de NOS Al-Jaberi een baan als verslaggever zou aanbieden in Palestina, dan zullen we nauwelijks iets kritisch over Israël kunnen gaan lezen in zijn artikelen. De meest uitgesproken antizionist van Nederland van een tijdje terug, oud-AEL-voorzitter Abdou Bouzerda, werkt nu immers als freelance-journalist bij de VPRO en zegt nooit meer iets negatief over Joden of Israël. Zolang de antiracisme-beweging zich niet ontdoet van deze nieuwe ‘Bouzerda’s – Appa en Al-Jaberi – zal haar effect op de Nederlandse samenleving nihil zijn.