Wie werkelijk denkt dat de toon de muziek maakt, is niet verder gekomen dan Johann Pachelbel. Harmonie is enkel vereist om dodelijke sociale verplichtingen te overleven en elke dag zonder blauwe plekken en wonden door te komen om van de merries van de nacht te genieten, wier galop zich niks aantrekt van het ritme van het rustend hart.

In politiek, polemiek of op papier dient, in het beste geval, dissonantie de geesten zonder bloeden te bekrassen. Met dissonantie bedoel ik niet wanklank in de betekenis van ‘herrie’, maar een klank die de geaccepteerde vorm van wat muziek is doorbreekt. Zonder verwerping van gevestigde normen kan de wereld nooit steeds opnieuw uitgevonden worden. Zonder anarchie zijn verandering en vernieuwing ondenkbaar.   

Anarchie of opstandigheid die zich aan de beperkingen van de gevestigde orde houdt, is niet alleen volksvermaak, maar, erger nog, kokketerie en zelfbehaagzaamheid. Men maakt vijanden, omdat men  vriendschap als een vorm van opportunisme beschouwt.

Verwerping van etiquettes

Over de wereld steeds opnieuw uitvinden gesproken: wat doet een geestige jeugd anders dan dat? Het is in essentie een verwerping van aannames en etiquettes – waarvan het nut niet eens meer in fantoomvodden rondspookt, maar het graf heeft verkozen. Het is de creatieve uiting van verveeldheid – een strijd tegen de geestelijke vorm van het Modern Times-syndroom (Charlie Chaplin die als fabrieksarbeider last krijgt van compulsief repetitieve handelingssyndroom).

Wanneer elke ademtocht kan omslaan in de amechtigheid van woede of in een geeuw van verveling, dan begint het ware leven in de aderen te borrelen.

Interessant is hoe de gevestigde orde op zulke rebelsheid reageert.  Nu zou men al niet tot wat voor gevestigde orde dan ook willen behoren, omdat zo’n orde afhangt van consensus. Nu zou men kunnen aanvoeren dat dit poldermodel Nederland altijd heeft gekenmerkt en dat de egaliteit die in Nederland zo belangrijk is een resultaat van consensus is.

Ik denk echter van niet. Hoe loffelijk pragmatisch dit model, idealiter, ook moge zijn, men komt niet tot zo’n vorm van gelijkheid zonder rebellie en anarchie. Daarom liep Nederland ook altijd voor in publicaties van schotschriften, vrije gedachten en pornografie. Het Nederland dat ik leerde kennen in de jaren zeventig van de vorige eeuw verwonderde mij aangenaam door zijn boertigheid, brutaliteit, onopgesmuktheid en rauwe humor. Het was het Nederland van Tijl Uilenspiegel en Candy – hoe moest men anders Fred Oster en Ron Brandsteder overleven?

Pownews van onfatsoen betichten

Nu Pownews in zijn huidige vorm van de beeldbuis verdwijnt, mochten gisteren twee tv-recensenten in De wereld draait door hun licht laten schijnen over de vier jaar dat dit programma de grijze velden van het televisielandschap (grijs, ondanks HD en digitale televisie) tot bloei bracht met doornstruiken en mispelaars. Dit moge negatief klinken, maar vergeet niet dat een rozenstruik ook doorns draagt.

De twee buisbesprekers, Jean-Pierre Geelen en Hans Beerekamp waren, hoe ‘genuanceerd’ ze ook probeerden over te komen, duidelijk niet gecharmeerd van Pownews, het programma ging toch regelmatig over de schreef en bepaalde grenzen werden gewoon overschreden. Nu is het een bekend gegeven dat recensenten gevormd worden door het dieet dat ze dienen te bekritiseren.  Eenzijdige voeding ligt niet alleen op de loer, nee, het is een onontkoombaar resultaat.

We kunnen gerust stellen dat Geelen en Beerekamp tot de gevestigde orde behoren en ja, het haalt je de koekoek dat ze Pownews, al was het maar via circumlocuties, van onfatsoen betichtten. Want natuurlijk overschrijdt Pownews grenzen en lapt het fatsoenlijkheid aan de laars.

Dit programma benaderde de onderwerpen niet via de geaccepteerde wegen, maar met de cynische weerzin tegen versleten en dodelijk vermoeiende etiquetten. Hier had een journalistiek de arena betreden die genoeg had van de politieke buurthuistoneel en die alle waarschuwingsborden van de gedachte- en fatsoenspolitie negeerde en meneer Bromsnor over de tenen reed – ver boven de toegestane snelheid (lees: traagheid). Eindelijk was er weer een windstoot op televisie die het oor verblijdde met brutaliteit, het hart opwond met satirische humor en de lach vergalmde met satanische onbehouwenheid.

Wanneer een programma binnen een mum van tijd het voor elkaar krijgt dat politici speciale trainingen krijgen om met zijn journalisten om te kunnen gaan, dan heeft het iets teweeggebracht wat decennia ‘beschaafde’ nieuwsgaring niet voor elkaar heeft gekregen, namelijk de kritische en politiek bewuste kijker niet wakker schudden, maar met een stroomstoot uit die toestand te halen die nog erger is dan geestelijke knikkebollerij, namelijk: afgestomptheid.

Stuitende arrogantie

Het werd tijd dat de politici hun bestofte pruiken afzetten en bespinnewebde intercrania eens goed een bezembeurt gaven. De platitudes, de generieke nietszeggendheid, de kitscherige retoriek van politieke ‘bevlogenheid’ van mensen die nooit een boek in hun leven hebben gelezen (of het moet een verdwaald gedicht van Rutger Kopland zijn) – hebben we daar werkelijk niet genoeg van? Worden we er niet kotsmisselijk van? Om over de stuitende arrogantie van deze geanimeerde zakjapannertjes nog maar te zwijgen.

Deze glimlachende beulen met gemanicuurde lachjes dienen beschaafd tegemoet getreden te worden? Noem mij eens een politicus die de afgelopen tien jaar de beloften van zijn verkiezingspalavers is nagekomen en ik toon u het nest van de feniks.

Hoe geborneerd moet je zijn, hoe zeer van de ratten besnuffeld, om de benadering van Pownews van deze verzameling van machtige dunces onfatsoenlijk te noemen? Geelen en Beerekamp leven in de veronderstelling dat andere manieren tot eenzelfde resultaat hadden kunnen leiden, maar dat is een totale misvatting van wat een programma als Pownews is.

Als je de marionetten in elkaar wilt doen zakken, dan verkleed je jezelf niet als marionet, nee, dan knip je de draadjes door en breekt de handen van de bespeler (metaforisch, laten we elkaar wel verstaan) of je kietelt hem de handen slap.

Wat afschuw zou moeten opwekken is niet de brutaliteit en oneerbiedigheid van Pownews, die ik enkel lovenswaardig en humoristisch vind, maar de onbeholpenheid van de politici, wanneer ze geconfronteerd worden met afwijkende vragen en een botte, kritische benadering. Deze getergde onbeholpenheid moet aangevallen worden, omdat deze ontbloot hoe onbeschaafd en onfatsoenlijk de politici altijd gehandeld hebben en handelen – en niet een programma dat twintig minuten per dag een vonk hoop gaf dat de lichtbuis niet geheel gedoofd was.