Dat de generatie die in de jaren zestig opgroeide nu geen adequaat antwoord weet te formuleren op de uitdaging die islamitische terreur heet, is niet noodzakelijk een gevolg van zwakte of kwade wil. Het is zeer wel denkbaar dat het probleem eerder te maken heeft met de manier waarop ze in hun jeugd hebben leren omgaan met radicale kritiek op het democratisch systeem.

Vaak heb ik heimwee naar de tijd waarin mijn ouders opgroeiden: de jaren ’60, waarin je je deux-chevaux niet op slot hoefde te doen, waarin roken nog niet ongezond was en alles nog mogelijk leek: wereldvrede, grenzeloze groei, al wat je nodig had was liefde.

In Amsterdam draaide deze week een documentaire over die periode: ‘Rebelse Stad: Provo en de jaren ‘60’. De film schetst de anarchistisch-revolutionaire beweging rondom Roel van Duijn, die bij het Lieverdje op het Spui ‘happenings’ organiseerde, blaadjes verspreidde en ijverde voor een nieuwe wereldorde. Wat vooral opvalt: het smetteloze Nederlands waarin Van Duijn zich uitdrukt. Terwijl hij in zijn werkkamer door pagina’s BVD-rapporten bladert waarin hij wordt aangemerkt als ‘diepvriesfiguur’ – staatsgevaarlijk, levensbedreigend – zien we op de achtergrond een portret van Chopin en een schaakspel. De camera filmt zijn indrukwekkende bibliotheek en later speelt hij wat maten uit de Polonaise Fantaisie. De rebellenleider: een aardige jongen.

Terwijl ik de bioscoop uitliep hoorde ik het nieuws van de aanslag in Kopenhagen. Tweehonderd kogels, een dode, drie gewonden. Dit soort aanslagen vallen niet meer af te doen als ‘incidenten’; de dreiging, de persoonsbeveiliging die velen nodig hebben; de bewakers voor joodse scholen en synagogen: we leven temidden van permanent conflict.

Politici zoeken naar sociaal-economische verklaringen en bezweren dat de terreur niets met de overtuigingen van de daders te maken heeft; althans niets met ‘de Islam’. In Gouda wordt een megamoskee gebouwd; in Rijswijk komt in maart een heus Jihadgala; twee Syriëgangers worden vrijgesproken. Vorige week werd ondertussen bekend dat Nederland het afgelopen jaar een record-aantal immigranten heeft ontvangen: 181.000. De grenzen staan helemaal open, en niet alleen in Nederland: de ons omringende landen hebben vergelijkbare cijfers.

Als het een film was zou je het niet geloven – het lijkt eerder een absurdistische nachtmerrie. Een huis stort in. Een vrachtwagen rijdt met honderd kilometer per uur op een muur af. Iemand ligt dood te gaan. Niemand reageert. Mensen lopen langs, druk met hun dagelijkse dingen, sussend, ontkennend, wegkijkend. Het still face experiment staat bekend in de psychologie als vergelijkbare situatie. Een moeder krijgt de opdracht enkele minuten niet of nauwelijks te reageren op haar zoon of dochter. Ze moet een volstrekt neutraal gezicht opzetten – en wat haar kind ook inbrengt, ze mag geen respons geven. Totale wanhoop maakt zich vrijwel onmiddellijk van het kind meester. Reageer! Word wakker!

We zijn getuige van de zelfmoord van het Westen: Europa is zichzelf aan het vernietigen. We lezen de geschiedenisboekjes over het Romeinse Rijk, we begrijpen het niet: zo’n groot rijk, zo’n mooie beschaving – hoe kon die toch verloren gaan? Maar we zien vandaag precies hetzelfde gebeuren. Het is als in een nachtmerrie; een reusachtig still face experiment. Wat moet er gebeuren om de mensen wakker te schudden, om eindelijk een reactie van onze hopeloze elites los te krijgen?

Jarenlang zag ik hun apathie als pure zwakte. Totdat ik afgelopen weekend die documentairefilm zag. De film beschrijft de conflicten in de jaren ’60 tussen vrolijke, vredelievende ‘aktievisten’ die het aan de stok krijgen met een repressieve, onnozele politiemacht. Het gevolg: een klein groepje gekkies krijgt internationale aanhang, een heuse beweging komt op gang, honderden, ja zelfs duizenden jongeren sluiten zich aan bij ‘Johnny the Selfkicker’, bij ‘anti-rookmagiër Grootveld’ en andere dwaallichten. Alleen doordat ze bestreden werden, konden Roel van Duijn en de zijnen zo’n succes hebben. Ik begreep dat de generatie die nu aan de macht is, dát als mentale horizon heeft. Provo! In haatimams zien ze een soort demonstranten op het Spui. Waait wel over, denken ze, kopje thee erbij en voor je het weet zitten ze straks ook gewoon lekker Chopin te spelen.