We sloten het jaar af met een relletje in de (sociale) media. Er waren berichten over een aantal Amsterdamse scholen die de boom in de ban gedaan hadden. En er was gekrakeel over de Publieke Omroep, die naar verluidt het K-woord niet meer in de eigen spotjes zou gebruiken. Als door een wesp gestoken begonnen de vele nieuwe partijen op rechts een actie voor het behoud van het Kerstfeest en onze eigen waarden.

 

Ook premier Mark Rutte zag zich op 23 december genoodzaakt pal te staan voor de Nederlandse cultuur. “In Nederland vieren we Kerst”, meldde hij in een interview met EenVandaag. Dat was blijkbaar een recent verworven inzicht. Op de kaart die hij vorig jaar in december verstuurde wenste hij iedereen nog zeer neutraal ‘fijne feestdagen’ toe.

 

Een heerlijke poldertwist zou je denken, maar het speelt niet alleen hier. In Amerika is de discussie over de War on Christmas al enkele jaren een terugkerend seizoensgebonden ritueel. De manier waarop wensuitingen en versieringen worden geformuleerd en vormgegeven zijn inmiddels politiek beladen en zaaien verdeling. Ook daar gedoe over Happy Holidays versus Merry Christmas.

 

Inclusief

 

Vroeger schreef ik op mijn kaarten ook fijne feestdagen. Niet uit angst om zo niet op vermeende lange en gevoelige tenen te trappen, maar omdat je er zowel kerst als de oudejaarsviering mee bedoelde. Het was eigenlijk een ‘all inclusive statement’. ‘Fijne dagen’ is al heel lang een standaard groet bij de kassa, maar in deze tijden van polarisatie ineens beladen. Een hoop gedoe om niets kun je zeggen maar dat is ook weer te gemakkelijk.

 

Er is binnen bepaalde kringen wel degelijk een tendens om voortdurend ‘inclusief’ te willen zijn en niemand voor het hoofd te willen stoten. En daarom bij van alles en nog wat water bij de wijn te willen doen. Zowel wat betreft religieuze als meer seculiere zaken. Er zijn ongetwijfeld echt figuren die denken dat je met het vieren of noemen van ‘kerst’ religieuze minderheden tegen het hoofd stoot en dat je er daarom maar niet te expliciet moet naar verwijzen. En daarom liever spreken van ‘winterfeest’. Dat zegt meer over dit soort types dan over de groep die zij trachten te vrijwaren van zogenaamd krenkende uitingen. In feite wordt de groep die men tracht te beschermen collectief als geestelijk onvolwassen weggezet. Dat is op zich al dom en stuitend genoeg, maar uiteraard is het in de praktijk ook volstrekt onwerkbaar. Als moslims zich beledigd zouden mogen voelen door de kerstviering, dan mogen christenen uiteraard ook aanstoot nemen aan het Suikerfeest en kunnen Joden gaan claimen dat er nergens meer Boeddhabeelden te zien mogen zijn. En ongelovigen zouden alles als kitsch en kermis kunnen afdoen. Voortdurend rekening houden met alle vermeende en daadwerkelijke lange tenen en gevoeligheden kan niet.

 

Gelukkig valt het met die overgevoeligheid erg mee. De laatste dagen heb ik van niemand zoveel Merry Christmas-wensen gehad als juist van mijn studenten met een islamitische achtergrond. Zowel Nederlandse als buitenlandse. Er zijn genoeg reële problemen waar we ons het hele jaar mee bezig kunnen houden. Maar laten we juist met kerst niet alles zinloos uitvergroten. Ik wens u allen een fantastisch 2017.

 

 

Ewoud Jansen is op twitter te volgen via @ewoudjansen