Ziet u door de islamistische bomen het islamitische bos niet meer? Hieronder vindt u een lijst van de belangrijkste termen die verband houden met jihad en die u zult tegenkomen in artikelen of kunt gebruiken op feesten en partijen.

Islam. Het geloof in de enige, ware god Allah, zoals verwoord in de sjahada (belijdenis of getuigenis): La ilaha illa-lah (er is geen God dan God) en dat de profeet Mohammed de laatste en belangrijkste boodschapper van God is. Aanhangers van de islam zijn moslims (zij die zich vrijwillig onderwerpen). De term Mohammedaan wordt niet gewaardeerd, omdat de profeet niet meer is dan een mens. Hem vereren zou kunnen leiden tot sjirk (afgoderij), een overtreding van tawhid (eenheid, strikt monotheïsme). Dit is overigens een tikje inconsequent omdat Mohammed in de praktijk door moslims meer wordt vereerd dan veel goden in andere religies. Ook de ouderwetse term muzelman wordt niet echt gewaardeerd, hoewel dit in bijvoorbeeld Frankrijk gewoon het gangbare woord voor moslim is. Het bijvoeglijk naamwoord is islamitisch, niet te verwarren met:

Islamist. Een moslim die gelooft dat islam naast het spirituele leven ook het politieke hoort te domineren. Islamisten noemen zich niet zo omdat zij geloven dat hun uitleg de enige juiste is en dat dus elke moslim een islamist zou moeten zijn. In bijvoorbeeld Marokko noemt men islamisten ook wel integristen omdat zij staat en religie willen integreren. Van relatief gematigde islamisten als de Turkse AKP van Erdoğan of de PJD in Marokko loopt het scala tot aan de meest radicale jihadisten van de Islamitische Staat, die dus met reden niet de IslamiStische Staat noemt. Op deze schaal treffen we allerlei organisaties aan die het nieuws in binnen- en buitenland beheersen: de Moslimbroederschap, Hezbollah, Hamas, Al-Qaida, enz. Ondanks het feit dat zij elkaar vaak te vuur en te zwaard bestrijden, zijn al deze organisaties islamistisch. In eigen land hebben we de Partij van de Eenheid van Arnoud van Doorn in Den Haag en NIDA van Nourdin el Ouali in Rotterdam als (in het geval van NIDA zeer gematigde) islamistische partijen.

Jihad wordt meestal vertaald als ‘heilige oorlog’. En terecht, ondanks pogingen van gematigde moslims en niet-islamitische apologeten er een soort persoonlijke, vreedzame draai aan te geven

Soenniet. De overgrote meerderheid van de moslims wereldwijd (bijna 90%) en in Nederland behoort tot deze stroming. De tweede grote groep vormen de sjiieten (er is een derde, de ibadi’s, maar die mag u vergeten, doen de meeste moslims ook). De theologische verschillen tussen soennieten en sjiieten zijn verwaarloosbaar voor de geïnteresseerde leek, het schisma was en is in eerste instantie een opvolgingskwestie. Soenniet komt van soenna: de ‘gewoonte’ (van de profeet), terwijl sjia ‘volger’ betekent. Bij dit laatste moet u dan ‘van Ali’ denken. Ali was de vierde kalief (opvolger), neef en schoonzoon van Mohammed. Volgens sjiieten was Ali door God zelf aangewezen en moesten daarom de volgende kaliefen zijn afstammelingen zijn. In de Slag van Kerbala (680 CE) werd de Ali-fractie verslagen en uitgemoord door de Oemajjaden-clan. Door de eeuwen heen zijn er verschillende sjiitische dynastieën geweest, bijvoorbeeld de Idrissiden, de eerste koningen van Marokko. Vandaag de dag is dit land bijna exclusief soennitisch en worden sjiieten er als tweederangs moslims (of zelfs als ongelovigen) beschouwd, wat ironisch is omdat de islam juist naar Marokko is gebracht door wat wij nu als sjiieten zouden omschrijven.

Jihad. Deze term wordt meestal vertaald als ‘heilige oorlog’. En terecht, ondanks pogingen van gematigde moslims en hun niet-islamitische fans er een soort persoonlijke, vreedzame draai aan te geven in de zin van een ‘innerlijke strijd tegen het kwaad’. Zowel theologisch als praktisch is jihad als ‘strijden voor Allah’ veel prominenter. In het Westen noemen we een jihadstrijder een jihadi of jihadist, maar de Arabische term is mujahid (meervoud: mujahidin, een woord dat wij vooral verbinden aan de Afghaanse strijders die zich verzetten tegen de Russen in de jaren 80). Mujahid is voor een moslim allesbehalve het scheldwoord dat jihadi voor ons is. Integendeel, jihad wordt in de hadith (spreuken en handelingen van de profeet Mohammed) en de koran beschouwd als een uiterst nobele en vrome praktijk. Een wat verwarrende term voor buitenstaanders is het op mujahid lijkende muhajir. Dit laatste betekent ‘migrant’ en verwijst naar de eerste volgelingen van Mohammed die van Mekka naar Medina werden verdreven (deze gebeurtenis noemt men de hijra en is het begin van de islamitische jaartelling, vanaf 622 CE). Omdat iedere moslim op deze groep wil lijken, noemen de buitenlandse strijders (dus ook onze Abu’s en Umms) in Syrië en Irak zich ook zo. Zij zijn dus mujahidin en muhajirun.

Foto 1 - Sayyd Qutb

Sayyid Qutb, de grondlegger van het moderne jihadisme

Salafisme. Deze term is afgeleid van salaf, wat zoiets als voorouder of voorganger betekent. Een salafist spiegelt zich graag aan deze voorgangers, de eerste generaties ‘pure’ moslims. Salafisten willen (tenminste spiritueel) terug naar die beginperiode van de zuivere islam. Geweld kan daarbij een rol spelen, maar het hoeft niet per se, er zijn ook – tot op zekere hoogte – vreedzame en zelfs bijna apolitieke salafisten. Niet elke salafist is dus een jihadist, maar je kunt vandaag de dag wel stellen dat ruwweg elke soennitische jihadist een salafist is (zoals elk varken koe een dier is maar niet elk dier een varken koe). En weer niet iedere islamitische fundamentalist is een salafist, zoals bijvoorbeeld blijkt uit de bittere verdeeldheid tussen de Egyptische Moslimbroeders en de door Saoedi-Arabië gesteunde salafisten in dat land. Omdat het salafisme traditioneel voornamelijk een Saoedische aangelegenheid was, noemt men zijn aanhangers ook wel wahhabisten, genoemd naar grondlegger Mohammed ibn Abd-Wahhab (om dezelfde reden dat moslims niet Mohammedaan willen worden genoemd, vinden salafisten de term wahhabist beledigend).

Al-Qaida. Letterlijk vertaald als ‘de basis’ is en blijft dit het belangrijkste salafistisch-jihadistische terreurnetwerk op aarde. AQ begon als een fusie van Egyptische ex-moslimbroeders (volgelingen van de grondlegger van de moderne jihad Sayyid Qutb) en Saoedische salafisten met geld (Osama bin Laden). De twee hoofddoelen van Al-Qaida zijn traditioneel machtsovernames in die twee landen. Maar AQ groeide uit tot een wereldwijde terreurorganisatie. Op dit moment geleid door Bin Ladens opvolger Ayman Al-Zawahiri is AQ vooral actief via haar suborganisaties in Syrië (Jabhat al-Nusra, het ‘ondersteuningsfront’), in de Maghreb (het gebied van de Westelijke Sahara tot Libië), in Jemen en in Somalië (Al-Shabaab, ‘de jeugd’). Maar tot groot ongenoegen van Al-Qaida zelf, lijkt het tegenwoordig tweede viool te spelen ten opzichte van de:

Deze pseudostaat blijft onverminderd aantrekkingskracht uitoefenen op wannabe-mujahidin uit de hele wereld, praktisch alle nieuwe Nederlandse jihadi’s sluiten zich aan bij IS

Islamitische Staat. Begonnen als de gewapende arm van Al-Qaida in Irak heeft IS zijn moederorganisatie inmiddels overvleugeld als het gaat om militair succes, rekrutering, financiële armslag, wreedheid en complete waanzin. In de lente van 2014 verbrak Abu Bakr Al-Baghdadi zijn bayah, zijn eed van trouw, aan AQ-sjeik Al-Zawahiri. Sindsdien beheerst IS ruwweg de oostelijke helft van Syrië en de westelijke van Irak. Toen stond het nog bekend als ISIS, waarbij de laatste S kan staan voor ‘Syrië’ of ‘Sham’- ‘avondland’ – vandaar het Engelse acroniem ISIL, waarbij die L voor ‘Levant’ staat.

Deze pseudostaat blijft onverminderd aantrekkingskracht uitoefenen op wannabe-mujahidin uit de hele wereld, praktisch alle nieuwe Nederlandse jihadi’s sluiten zich aan bij IS. Als het deze ‘idealistische jongelui’ enkel en alleen zou gaan om arme medemoslims te beschermen, hadden ze dus beter voor andere, vredelievender organisaties kunnen kiezen.

IS is bezig zijn invloed uit te breiden naar de Egyptische Sinaï, Libië, de Gazastrook en mogelijk via een alliantie met Boko Haram naar Nigeria. Doel van IS is en blijft het stichten van een wereldwijd:

Foto 2 - Abu Bakr Al-Baghdadi

Abu Bakr Al-Baghdadi aka Abu Dua aka Kalief Ibrahim – leider van de Islamitische Staat

Kalifaat. Een khilafa is een zuiver islamitische staat, geleid door een khalifa (kalief, opvolger van Mohammed). IS, Al-Qaida, Hizb ut-Tahrir, allemaal willen zij een kalifaat, alleen verschillen zij van mening over de snelheid waarmee dit moet gebeuren, de methode, de omvang en uiteraard – niet geheel onbelangrijk – wie de kalief moet worden. Zo vindt het in Nederland niet verboden Hizb ut-Tahrir dat het kalifaat er in principe geweldloos moet komen en dat het alleen landen met een islamitische meerderheid moet beslaan. Probleempje: er is nog nooit een kalifaat geweldloos ontstaan en ook van die tweede voorwaarde heeft geen kalief zich ooit iets aangetrokken. Wat dat betreft zijn de aanhangers van de Islamitische Staat eerlijker en consequenter: hun kalifaat is wereldwijd, hun motto is baqiya wa tatamaddad (‘blijvend en uitbreidend’). Er heeft in de geschiedenis een tiental kalifaten van zeer wisselende duur, grootte en strengheid bestaan. De huidige leider van de Islamitische Staat, de enige terreurbeweging met genoeg kloten om het khilafa uit te roepen, is Abu Bakr al-Baghdadi (ook bekend als Abu Dua maar geboren als Ibrahim Awad Ibrahim al-Badri, reden voor zijn volgelingen hem ook wel kalief Ibrahim te noemen) – of wat er nog van hem over is. Buiten IS beschouwt vrijwel niemand Al-Baghdadi als kalief, wat eigenlijk wel een beetje een voorwaarde zou moeten zijn. Natuurlijk is een kalifaat geen kalifaat als de wetgeving er niet wordt beheerst door de:

Sharia. De sharia is het islamitische systeem van wetten en regels, gebaseerd op koran en hadith. Elke beetje islamist ziet invoering van de sharia als zijn ultieme streven. Hoe erg dat is? Niet zo, volgens Leids hoogleraar Maurits Berger, want de sharia “komt voor 95 procent overeen met onze wetten”. Dit is ongetwijfeld waar, in de zin dat de mens voor meer dan 95 procent gelijk is aan een chimpansee. Misschien ligt des poedels kern wel juist in die 5 procent verschil. De Duitse wetten waren onder de nazi’s voor een nog groter percentage gelijk aan de onze, maar ik vermoed dat Berger zijn sharia-uitspraak niet had gedaan in het licht van de Neurenberger rassenwetten. Grote islamitische hits als het van hoge gebouwen afgooien van homoseksuelen, onthoofding bij afvalligheid, amputatie van handen na diefstal, steniging wegens overspel, polygamie en extra belasting van niet-moslims (jizya) behoren tot ‘de’ sharia. En zo kunnen we nog even doorgaan. De meeste islamitische landen hebben elementen van de sharia in hun recht overgenomen, maar in sommige is het islamitische recht baas boven baas: paradijsjes van mensenrechten Saoedi-Arabië en IS zijn de bekendste voorbeelden. Ook bepaalde regio’s binnen staten doen mee: Noord-Nigeria en Atjeh in Indonesië bijvoorbeeld.

Alle Westerse eenheden in het Midden-Oosten – maar voor het gemak ook meteen alle gematigde krachten in de regio – zijn salibiyun, kruisvaarders. En natuurlijk zijn alle strijdende partijen voor hun tegenstanders murtad: afvallig

Scheldwoorden. Een beetje jihad is die naam niet waard als de verschillende strijders niet allerlei anachronistische bijnamen voor elkaar gebruiken. U en ik zijn natuurlijk kufar (enkelvoud kafir), ongelovigen. Zo zien de meeste strijdende partijen in Syrië en Irak elkaar ook, maar het mag allemaal best iets specifieker. Soennitische jihadi’s noemen hun sjiitische collega’s van Hezbollah rafida, weigeraars, omdat zij de weigeren de ‘ware’ opvolgers van Mohammed te aanvaarden. Op hun beurt vindt Hezbollah de vijand allemaal takfiri. Takfir ‘doen’ is het verklaren van een tegenstander tot afvallige, maar omdat dit eigenlijk de taak van Allah zelf is, wordt takfir vaak als haram beschouwd en als scheldnaam gebruikt. (Verwar dit niet met takbir, de naam voor de zin ‘Allahu akbar’. Roept een moslim deze term worden de anderen geacht te antwoorden met “God is groot”.) Alawieten worden door jihadi’s voor nusayri (volgers van Ibn Nusayr, de grondlegger van de alawitische stroming binnen de sjiitische islam) uitgemaakt. IS op zijn beurt is niet blij met de bijnaam Daesh, een verbastering van Dawla al-Islamiya (‘Islamitische Staat’), wat in het Engels vaak ‘Daeshbags’ wordt omdat het zo lekker op douchebags lijkt. Sjiieten schelden IS’sers uit voor ghulat of extremist, al is die term historisch juist voorbehouden aan minderheidsstromingen binnen het sjiisme zelf. Alle Westerse eenheden in het Midden-Oosten – maar voor het gemak ook meteen alle gematigde krachten in de regio – zijn salibiyun, kruisvaarders. En natuurlijk zijn alle strijdende partijen voor hun tegenstanders murtad: afvallig.

Kunt u het allemaal nog een beetje volgen? Jihadist worden is zo gemakkelijk nog niet. Je moet er niet alleen voor naar het Midden-Oosten afreizen om daar koppen te snellen, slavinnen te verkrachten en zelfmoordaanslagen te plegen (of door een – liefst Nederlandse – F-16 tot een rode mist te worden gereduceerd), je moet er ook nog eens hard voor studeren om je het jihad-vocabulaire meester te maken. Het is niet zo gek dat blijkt dat de overgrote meerderheid van de Nederjihadi’s al voor het afreizen psychisch gestoord blijkt te zijn. Maar laten we eerlijk zijn, welke fundamentalist is dat nu niet?