Sinds augustus vorig jaar is de verkoop van niet-dodelijke wapens, zoals pepperspray, traangas en gaspistolen in Duitsland met zeshonderd procent toegenomen. Duitse kranten berichtten de afgelopen maanden herhaaldelijk over de enorme verkoopgroei. Voor pepperspray is nu een wachtlijst van twee à drie maanden. Ook dodelijke wapens verkopen goed. Op de vraag hoe die stijging in verkoopcijfers te verklaren is wordt door autoriteiten ontwijkend gereageerd. Zo antwoordde een politiechef dat zij geen verklaring had omdat er op de vergunningaanvraag geen reden hoeft te worden opgenomen. Een andere Berlijnse politiewoordvoerder gaf als verklaring dat ‘mensen zich onzeker voelen in de donkere maanden van het jaar’.

Deze donkere periode is er vooral één van een blunderende rechtsstaat, die niet adequaat wil of kan optreden wanneer de komst van miljoenen vluchtelingen, groeiende misdaadcijfers en openbare orde problemen hiertoe meer dan ooit aanleiding geven. Mensen trekken dus hun eigen conclusies. Het geweldschuwe Duitsland is de ‘subjectieve angstbeleving’ inmiddels voorbij en voor Nederland geldt eigenlijk hetzelfde. Er is weinig imaginair meer aan de angst die vrouwen voelen als ze van dichtbij leren dat een niet onaanzienlijk deel van de mannelijke bevolking geen enkel respect heeft voor de andere sexe. De angst die vrouwen tijdens nieuwjaarsnacht in Keulen, Hamburg, Stuttgart maar ook in de rest van het land ervaren is werkelijk. Dat angst niet rationeel zou zijn, geldt misschien voor krokodillen onder ons bed. Miljoenen moslimimmigranten zonder enige vorm van handhaving door Europa laten trekken is vragen om problemen.

De rechtsstaat is een tandeloze tijger geworden die de fatsoenshandschoen liever oppakt dan kwetsbare vrouwen beschermt. Het is niet verwonderlijk dat burgers zichzelf bewapenen. Ik overweeg zelf ook -op een niet overhaaste manier- een klein busje pepperspray aan te schaffen. Iets wat voor mij, ondanks de verwensing “kankerhoer’” bij tijd en wijlen tot voor kort nog ondenkbaar was.

Alles beter dan het laffe alternatief. Het offeren van onze vrijheid met bedekkende kleding, armlengtes afstand (dus niet meer zijn hand op je billen leggen dames!), thuisblijven en als je dan toch wordt uitgescholden, aangeraakt en bestolen: begrip opbrengen als je belager een kwetsbare nieuwkomer is die nou eenmaal niet snapt dat Carnaval vieren en plezier maken geen uitnodiging tot verkrachting is. Het korte-rokjes-eigen-schuld argument is behalve beledigend ook onzin, want het is de daders van Keulen te doen om vrouwen full stop. Ook onder al die dikke jassen, truien en broeken zitten naar hun idee inferieure wezens die aangerand mogen worden. Wij vragen niet alleen nergens om, wij kunnen op geen enkele manier van ze op aan.

Er wordt door teveel mensen gedaan alsof offers om er het beste van te maken met niet geïntegreerde moslims niets kosten. Zij die deze fatsoenlijke offers (zoals het niet geven van handen, het bedekken van bloot in eigen land en gepaste afstand houden) gaan er niet alleen van uit dat mijn veiligheid blijkbaar mijn eigen verantwoordelijk is maar ook dat veiligheid mij vast meer waard zal zijn dan mijn vrijheid om mezelf op oudejaarsavond in een korte rok warm te drinken aan goedkope bubbels en schnapps en om drie uur ’s nachts in slaap te vallen in de trein, zonder voor hoer te worden uitgemaakt. Kortom, de angst zal alle vrijheden even opzij moeten zetten. Ik dacht het niet.

En nu we het toch over de verkeerde koers hebben. Nederlandse vrouwen die zich feministen noemen betrekken steeds zo snel mogelijk ‘witte mannen’ in de discussie rondom seksueel geweld en intimidatie omdat dat de discussie zuiverder zou houden of zoiets. Persoonlijk zie ik hiervoor geen enkele rechtvaardiging. De flauwe seksgrappen bij het kopieerapparaat op je werk zijn peanuts vergeleken bij wat de islam mannen van jongs af aan leert over vrouwen. Als de fictie van ‘de witte man’ al iets is dan is hij juist een pleitbezorger van vrouwenrechten geweest. Misschien niet zonder meer, maar hij heeft meer voor de moderne vrouw gedaan dan mannen die naar Middeleeuwse maatstaven denken en leven kapot zouden mogen maken. ’De witte man’ heeft mij nog nooit een kankerhoer genoemd, of naar me gespuugd, ‘de witte man’ heeft mij niets misdaan. Hij heeft mij opgeleid, banen aangeboden, salaris betaald, onderdak gegeven, naar mij geluisterd, mij vooruit geholpen, gerespecteerd. De witte man in de line-up zetten is een feministische kunstgreep die verraad dat het veel vrouwen al lang niet meer om vrouwenrechten en vooruitgang te doen is maar om een kansloos achterhoede gevecht te blijven voeren tegen mannen die gewoon nooit geen zin zullen hebben in een tuinbroek. Give it up, onze problemen liggen nu elders. Namelijk in wat wij zelf toestaan dat er gebeurt. Met het bedekken van onze lichamen en onszelf te isoleren van wie wij zijn bereiken we niet alleen niks, want ook zonder die korte rok, die ‘uitnodiging om ons te verkrachten’ zijn vrouwen in handen van barbaren niet veilig. Onze waardigheid zit alleen in de beslissing ons niet te schikken naar een religie die vrouwen minacht, dat betekent dus ook beslissen dat we geen gedragscodes accepteren, of andere vormen van betutteling die er slechts zijn om zij die wegkijken een gerust gevoel te geven.

Wat er gebeurt met gedragscodes is dat ze leiden tot ‘shaming’, want vrouwen die zich er niet aan houden en die ondanks alle waarschuwingen toch ’s avonds laat in weinig kleding over straat gaan, zullen dan niet meer verdekt maar onomwonden de schuld krijgen als er iets fout gaat. Zeg nooit ja tegen regels die tegen je gebruikt kunnen worden. Vrouwen, investeer liever in een mooie handtas en rust die goed uit: met pepperspray, een mobiel met goede fotocamera, een paar extra panty’s, lippenstift, genoeg geld voor de bus en het telefoonnummer van je eigen redder in nood.