Polen gaat onder de rechts-nationalistische regering in rap tempo Hongarije achterna. Een conferentie op de universiteit van Szczecin over Karl Marx werd afgelopen vrijdag verstoord door politieagenten, die ‘totalitaire en antinationale activiteiten’ moesten bestrijden.

 

Dit incident doet heel erg denken aan de strijd die de Hongaarse premier Viktor Orban voert tegen de Central European University van Michiel Ignatieff en George Soros. Orban voert een heksenjacht tegen linkse en liberale invloeden en de joodse filantroop George Soros speelt de rol van Emmanuel Goldstein, de joodse vijand van Oceanië in George Orwells roman 1984.

Natuurlijk kun je heel kritisch zijn op Karl Marx en zijn gedachtegoed, maar het is natuurlijk van de ratten besnuffeld (dixit Ronald Plasterk) dat een academisch debat over Marx wordt verstoord. Dat gaat in tegen een van de belangrijkste peilers onder de liberale democratie: academische vrijheid. Drie politieagenten vroegen aan de dame van de receptie of er ook ‘totalitaire praktijken’ op de universiteit werden gebezigd en of een ‘totalitair systeem’ werd gepropageerd. Dat laatste is volgens de Poolse wet verboden. De studenten en andere bezoekers van de conferentie moesten hun identiteitskaart laten zien, de sprekers werden aan de tand gevoeld of ze zich niet bezondigden aan ‘antinationale activiteiten’ en de agenten maakten foto’s van enkele publicaties.

Hoewel niemand werd gearresteerd, dat zou er nog bij moeten komen, was deze inval een aanslag op de academische vrijheid in Polen. Een van de organisatoren sprak terecht over een ‘symbolische geweldpleging’.  Er zijn wel vaker conferenties over Marx geweest en de sprekers op deze bijeenkomsten waren gerespecteerde academici. Ergo: de Poolse regering wil andersdenkenden gewoon intimideren.

De Europese Unie moet Polen keihard tot de orde roepen. Het kan toch niet zo zijn dat er binnen de EU twee autoritair geregeerde staten zijn, die de mensenrechten met voeten treden?

 

Uitgelichte afbeelding: Wikimedia / Wikipedia Commons