In 1982 liepen vier Nederlandse journalisten in een hinderlaag van het leger van El Salvador en werden vermoord. Nu, 36 jaar later, heeft de redactie van Zembla het brein achter deze politieke moord opgespoord.

Theoloog en journalist Koos Koster (1936-1982) was betoverd door Latijns-Amerika en de bevrijdingstheologie. Zijn bevlogenheid was echter niet zonder risico. In 1973 werd hij in Chili opgepakt en in het voetbalstadion van Santiago opgesloten, omdat hij de bloedige coup van Augusto Pinochet (1915-2016) voor de Nederlandse media versloeg. Hij kwam vrij en vertrok in 1980 naar El Salvador, om het conflict tussen de socialistische oppositie en het leger te verslaan. Op 11 februari 1982 werd hij gearresteerd en door agenten in burger verhoord. Hij weigerde het land te verlaten. Zes dagen later liepen hij en zijn collega’s Hans ter Laag, Jan Kuiper en Joop Willemsen in een hinderlaag van het Salvadoraanse leger.

De moord op de vier Nederlandse journalisten maakte een diepe indruk op het Nederlandse publiek. Hoewel er helaas meer Nederlandse journalisten om werden gebracht omdat ze hun werk deden, denk bijvoorbeeld aan Sander Thoenes (1968-1999) die op Oost-Timor door het Indonesische leger werd vermoord, was de dood van maar liefst vier journalisten een enorme schok. Vandaar dat Koster en co niet werden vergeten.

Het brein achter de moord op de IKON-journalisten, de Salvadoraanse kolonel Mario Reyes Mena, is nu 79 jaar en woont in de Verenigde Staten. Dat hij het brein was achter de moord concludeerde een VN-rapport in 1993, maar Reyes Mena verscheen nooit voor de rechter omdat hij El Salvador was ontvlucht. Zembla heeft hem nu eindelijk opgespoord. De kolonel kan nog steeds strafrechtelijk worden vervolgd.

 

 

 

Afbeeldingen: Wikipedia / Wikimedia Commons