Veel Turkse Nederlanders hebben gehoor gegeven aan de oproep uit Turkije zich loyaal te verklaren achter president Erdogan. Hiermee kiezen de Turkse Nederlanders uiteindelijk tegen zichzelf.

 

Politieke zuiveringen

Turkse Nederlanders die zich loyaal verklaren aan Erdogan spreken zich tegelijkertijd uit tegen de Gülen-beweging, die door de regerende AKP-partij als zondebok wordt aangewezen en het brein zou zijn achter de mislukte staatsgreep van 15-16 juli jongstleden. Hoewel de coup moet worden veroordeeld wordt die nu door de Turkse overheid misbruikt om een grote groep van al dan niet vermeende Gülen-aanhangers te terroriseren en uit te sluiten. Erdogan kan zijn politieke tegenstanders nu eindelijk onschadelijk maken en zijn zuivere soenitische islam voor Turkije implementeren met de nieuw te schrijven grondwet.

In 2013 kwam het tot een breuk tussen de AKP en de Gülen-beweging, toen de laatste kritiek had op de corruptie waaraan Erdogan en zijn kliek zich op grote schaal schuldig hadden gemaakt. Hiervoor waren de AKP en de Gülen-beweging bondgenoten geweest. In het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw hadden ze samen de seculiere kemalisten bestreden, die lange tijd de sleutelposities in het leger en rechterlijke macht in handen gehad hadden. Politieke zuiveringen zijn gericht op het schoonvegen van de eigen politieke straat. Dat hebben we gezien in de ‘Nacht van de Lange messen’ in Nazi-Duitsland en bij de ‘Grote Zuivering’ van Stalin. Politieke zuiveringen zijn veelal gericht op de directe persoonlijke tegenstanders. De vervolgers zijn de vervolgden geworden, nu is de Gülen-beweging zelf slachtoffer van de politieke zuiveringen van Erdogan.

De oproep van de Turkse regering aan de Turken in de diaspora zet de onderlinge verhoudingen hier op scherp. Aan de Gülen-beweging gelieerde organisaties in Rotterdam, Deventer en Apeldoorn worden bedreigd, er zijn ramen ingegooid en brandjes gesticht. Is dit een voorbode voor ergere rellen? Hoe gaat het straks als de Turkse Nederlanders terugkomen van hun vakantie? Wordt de haat tegen de Gülen-beweging meegenomen de klas in? Het exporteren van de Turkse politieke crisis naar Nederland is hoogst ongewenst. Een Turkse parallelle samenleving, die natuurlijk al veel langer bestaat, is nu in al haar afzichtelijke glorie zichtbaar geworden voor iedereen. Dit roept de pregnante vraag op: Wat houdt die Turks-parallelle samenleving precies in?

 

Nationaliteit, loyaliteit, identiteit

De parallelle samenleving heeft alles te maken nationaliteit, loyaliteit en identiteit. Turkse Nederlanders moeten keuzes maken. Waar kies je voor als Turkse Nederlander? Kies je voor de verbondenheid met Turkije of met Nederland? Of is er een uitweg mogelijk?

De nationaliteit heeft te maken met de geboortestatus, de gegevens die via de burgerlijke stand aan je worden opgelegd. Deze gegevens zijn mede ingevuld door de nationaliteitskeuze van je ouders. Dit gegeven mag in een democratische rechtstaat als de onze geen dwangmatige nationalistische gevolgen hebben, en het individu in een keurslijf dwingen. Is dit wel het geval dan is dit de eerste invulling van een parallelle samenleving. Het dwangmatige nationalisme wordt versterkt door cliëntelistisch stemgedrag. Dit zien we terug bij Turkse PvdA-politici die veel Turks-Nederlandse stemmen krijgen, louter en alleen omdat ze Turks zijn, en natuurlijk bij de twee Turkse Kamerleden van DENK die – Sylvana Simons ten spijt – de Nederlandse afdeling van de AKP zijn.

Loyaliteit heeft te maken met datgene waarmee je je als individu verbonden voelt. De mate van identificering bepaalt mede de mate van segregatie. Het toestaan van buitenlandse financiering van moskeeën en het ‘parachuteren’ van buitenlandse imams, zoals dat gebeurt door het Turkse geloofsministerie Diyanet, versterkt de segregatie en de Turks-parallelle samenleving. Het gevolg is dat de Nederlandse samenleving op afstand wordt gezet en de loyaliteit voor de eigen groep voor gaat.

Identiteit heeft ten slotte te maken met het eigen gevoel, de emotie, het commitment met zaken waarbij je je goed bij voelt, bijvoorbeeld met bepaalde opvattingen en een bepaalde levensstijl. In de Turks-parallelle samenleving is het moeilijk om een andere keuze te maken als de groep, omdat je dan het risico loopt om te worden buitengesloten of – in het geval van de Turks-Nederlandse columniste Ebru Umar – te worden bedreigd met de dood. De Turkse groepsdruk is intolerant. Het is heel moeilijk om jezelf te mogen zijn en eigen keuzes te maken, die afwijken van wat ‘normaal’ is. Dankzij de machtsovername van Erdogans AKP is die ruimte bovendien een stuk smaller geworden. ‘Echte’ Turken zijn soennitisch moslim, conservatief en etnisch-Turks. En ‘echte’ Turkse vrouwen dragen natuurlijk een hoofddoek. Niet-moslims, niet-soennitische moslims, liberale moslims en Koerden zijn geen ‘echte’ Turken. En Turkse vrouwen in Nederland die geen hoofddoek dragen zijn in deze visie verwesterd, geïntegreerd en dus slecht. Natuurlijk mogen Turkse Nederlanders kiezen voor de AKP, voor Erdogan een hoofddoek. Dit is immers een vrij land. Maar de vrijheid die streng-religieuze mensen voor zichzelf opeisen gunnen ze – in de regel – niet aan andersdenkenden.

 

Een eigen identiteit

Nationaliteit is niet iets eeuwigs. Je nationaliteit kun je later, als je dat wilt tenminste, zelf kiezen en veranderen. Dan maak je een keuze voor je eigen identiteit. Door te kiezen geef je aan waar je echte loyaliteit ligt, waar je jezelf echt prettig bij voelt, waar je echt achter wilt staan. De tweede en derde generatie Turkse-Nederlanders die hier in Nederland geboren, opgegroeid, geschoold en werkzaam zijn kunnen dit tot uiting brengen door te kiezen voor hun Nederlandse paspoort. Dit laat onverlet dat zij nog steeds loyaal kunnen zijn aan hun Turkse achtergrond en voorouders.

De Nederlandse overheid, onder aanvoering van het kabinet, moet hard optreden en pal staan voor de waarden van de Verlichting: vrijheid, gelijk en broederschap, de vrijheid van meningsuiting en drukpers. De weg van het postmoderne waardenrelativisme, dat intolerantie tolereert als het uit een niet-westerse cultuur of religie komt, is doodlopend. We zullen actief de vraag moeten stellen aan de Turkse Nederlanders waar hun loyaliteit ligt. Vanzelfsprekend moet dit wel op een nette manier gebeuren. Een bijzondere taak ligt hiervoor bij de lokale overheid, die zich natuurlijk wel gesteund moet voelen door de landelijke overheid.

Het is noodzakelijk dat onze overheid echt werk maakt van de integratie van Turkse Nederlanders en de risicovolle spanningen tussen APK-aanhangers, Gülen-aanhangers en de seculiere kemalisten hard aanpakt. Ons onderwijs kan met burgerschapsvorming hier een positieve bijdrage aan leveren. Het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs moeten dit zelfs als een van hun onderwijskerntaken uitvoeren. Het roept dan wel om een snelle en actievere uitwerking, want op dit moment is burgerschapsscholing op vele scholen een ondergeschoven kindje. Uit het in april 2016 verschenen inspectierapport ‘De staat van het Onderwijs’ wordt geconstateerd dat de scholen maar minimaal voldoen aan de gestelde eisen. Het blijkt dat het onderwijs onvoldoende planmatig is en dat er geen leerdoelen door de scholen zijn geformuleerd. Gezien de gesignaleerde problematiek van de parallelle Turkse samenleving wordt het tijd om nadrukkelijk aandacht te besteden aan de democratische waarden op de scholen. Je hebt respect voor je medemens, ongeacht diens overtuigingen, maar die overtuigingen zelf moeten altijd ter discussie kunnen staan. De praktijk dat AKP-aanhangers in Nederland Gülen-aanhangers bedreigen moet keihard worden aangepakt. Dat AKP-aanhangers en Gülen-aanhangers het niet met elkaar eens zijn, soit, maar meningsverschillen dienen in een democratische rechtsstaat met de pen te worden uitgevochten, niet met het zwaard.

Overheid en politiek moeten hier alle Turkse organisaties, denk aan (sport)verenigingen, instellingen, enzovoort op kunnen aanspreken. Dus niet alleen met de moskeevertegenwoordigers gaan polderen, want dan bereik je maar één groep. Bovendien erken je als overheid hiermee de islamitische Turkse parallelle samenleving en geef je religieuze vertegenwoordigers een bevoorrechte positie. Onze overheid zou zich op religieus gebied neutraal moeten opstellen, om zo onze seculiere samenleving te waarborgen.

De lokale overheden moeten de Turkse Nederlanders in de gelegenheid stellen buiten de Turks-parallelle samenleving om zelf hun individuele keuzes te maken, in alle vrijheid. Door zelf eigen keuzes te maken bevrijd je je van de knellende banden van de groepsdruk. Solidair zijn met de eigen groep, daar is op zich niks mis mee, is natuurlijk heel wat anders dan onvoorwaardelijke gehoorzaamheid aan Sultan Erdogan en zijn fundamentalistische AKP-partij.