Terwijl de gevestigde orde bij de Republikeinen met de handen in het haar zit, want hoe Donald Trump te stoppen, lijkt de race bij de Democraten sinds Super Tuesday gelopen. Maar bij veel stemmers van die club lijkt het enthousiasme ver te zoeken.

Dinsdagavond, the Black Finn, downtown Washington. Een van de grotere bijeenkomsten georganiseerd door de Democraten in de Amerikaanse hoofdstad tijdens deze Super Tuesday. Vlaggetjes en banners op de tafels, aan de muren grote schermen waarop de uitslagen kunnen worden gevolgd, CNN in twintigvoud. Een Japanse tv-ploeg probeert ‘gezellige’ plaatjes te schieten van de bijeenkomst maar echt goed wil dat niet lukken. De sfeer blijft ondanks de uitstekende uitslagen voor Clinton wat lauw. Dit is de sfeer die ik de afgelopen dagen vaker heb geproefd. Ook op Georgetown University, waar ik maandag een lezing gaf over antisemitisme. Ik kwam tijdens dat congres veel oude gezichten tegen, ook medewerkers van het State Department omdat het opkomende antisemitisme in Europa de bijzondere belangstelling heeft van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.

Onderweg naar een receptie de dag daarvoor, in het legendarische Willard Hotel (waar ooit Martin Luther King zijn beroemde ‘I have a Dream’-speech schreef), zit ik naast een Amerikaanse diplomaat. Ook bij hem niet al te veel enthousiasme: “De e-mail affaire zal haar blijven achtervolgen,” aldus mijn gesprekspartner: “Als ik had gedaan wat zij met die mails heeft gedaan, was ik achter slot en grendel geëindigd. Dat was een doodzonde. Echt, dit gaat niet weg. Ik was ooit een fan van Bill, maar de geestdrift die ik toen voelde, ontbreekt bij mij voor haar. Ze zal ongetwijfeld de uiteindelijke Democratische kandidaat worden, maar niemand lijkt echt van haar te houden. Ze wordt door velen gerespecteerd, geliefd is ze gewoon niet. Daarvoor is ze te inauthentiek.”

Zo duidelijk als het pleit lijkt te zijn beslecht bij de Democraten, zo problematisch is de huidige situatie voor de regenten bij de Republikeinen

Meer democraten die ik spreek geven het gevoel dat het in dit verkiezingsjaar eigenlijk ‘Hillary tegen wil en dank’ is. Amerika lijkt Clintonmoe, en dan moet het presidentschap met een beetje mazzel nog voor haar beginnen. Bernie Sanders kan op meer sympathie rekenen, maar iedere weldenkende Democraat weet dat Amerika niet klaar is voor zo’n ‘socialist’ en waarschijnlijk ook nooit zal zijn. Hij zal deze Super Tuesday zijn eigen staat Vermont en nog drie andere staten op zijn conto schrijven: Oklahoma, Colorado en Minnesota. Laatstgenoemde is ook de enige staat die de Republikeinse kandidaat Marco Rubio in de wacht sleept, voor hem verloopt de rest van de avond dramatisch. Trump is aan de rechterkant van het politieke spectrum de grote winnaar.

In de Black Finn stromen intussen de eerste uitslagen binnen. Nu en dan gaat er even gejuich op, zoals het moment waarop de uitslagen van Alabama en Tennessee binnenkomen, maar een echt feestje wil het ondanks de grote overwinning niet worden. Maar zo duidelijk als het pleit lijkt te zijn beslecht bij de Democraten, zo problematisch is de huidige situatie voor de regenten bij de Republikeinen. Ondanks zijn vele gestoorde uitspraken en zijn bij vlagen stuitende gedrag lijkt Trump af te stevenen op een ruime overwinning. De partijleiding lijkt daar helemaal niets tegen te kunnen doen. Rubio kan na het verlies van gister heel moeilijk alsnog worden aangewezen, en aan een kandidaat als Cruz moet zelfs de gemiddelde Republikein niet denken omdat de man zo godsdienstig is dat het aan waanzin grenst. Wat dat aangaat is Hillary’s timing perfect. Hoe weinig geliefd ook, als we de Republikeinse kandidaten bekijken lijkt niemand echt opgewassen tegen haar ervaring en enorme kennis, want die heeft ze.

In de vroege uurtjes rijdt mijn taxi van de Black Finn langs het Witte Huis naar mijn hotel. Het is in het geheel niet uitgesloten dat Amerika op 8 november gewoon het zekere voor het onzekere gaat nemen, en dat volgend jaar eindelijk een vrouw in het Oval Office zal zitten. Dat is dan wel weer aardig.