De eurofractie Europese Conservatieven en Hervormers (ECH), waar de SGP en ChristenUnie van uitmaken, kent een nieuwe bondgenoot: de Zweedse Democraten. Sinds deze week maakt laatstgenoemde ook deel uit van de conservatieve fractie. Er is echter wat bijzonders aan de hand: de Zweedse Democraten is geen christelijke partij, maar een uiterst rechtse partij die zijn roots heeft in Zweeds fascisme.

Fascisme
De tijd van het fascisme is gelukkig voorbij. Toen de partij in 1988 opgericht werd, was dit anders. In de begin jaren ’90 was de partij deel van een neonazi beweging in Zweden. Ook het logo was tot 2006 een fakkel, gelijkend aan die het extreemrechtse UK National Front gebruikte.

Anti-immigratie
Sinds 2010 is de partij deel van het Zweedse parlement, de Rijksdag. De Zweedse Democraten staan nu bekend als een anti-immigratie partij, vergelijkbaar met de PVV en Forum voor Democratie hier in Nederland. Een incident die dit symboliseert is toen parlementariër Erik Almqvist tegen de van Koerdische afkomst cabaretier Soran Ismail zei dat ‘dit mijn land, en niet jouw land’ is. Na hiermee geconfronteerd te worden door een omstander schold hij haar uit voor ‘hoer’. Na dit incident trok Almqvist zich terug als politicus.

Meer racistische incidenten
Maar daar bleef het niet bij. In 2013 werden een aantal leden de partij uitgezet omdat zij openlijk nazistisch zouden zijn. Een jaar later noemde vice-partijleider Jonas Akerlund immigranten ‘schaamteloze leugenaars,’ hetgeen ervoor zorgde dat hij op moest stappen. Later stopte Oscar Sjöstedt met zijn functie binnen de partij nadat hij antisemitische grappen aanprees waarin joden werden vergeleken met schapen.

Samenwerking
In 2014 groeide de partij en werd het de op twee na grootste partij van Zweden. Partijen weigerden echter met hen samen te werken. Nu is het hun beurt om het parlement van de Europese Unie te betreden. Dit kan spanningen opleveren met zowel de SGP als met de ChristenUnie. Het is nog maar de vraag hoe goed de samenwerking zal lopen.

Afbeelding: Wikipedia, Wikimedia Commons