In de tweewekelijkse rubriek De Correspondent chat Jalta met Nederlanders in den vreemde. Waarom hebben ze Nederland achter zich gelaten? Welke lessen hebben ze geleerd in hun nieuwe thuisland? En heeft de emigratie ze gelukkiger gemaakt? Vandaag deel 4: Tom Lobo (62), geboren in Den Haag, woonde van 2007 tot 2014 in Zuid-Afrika en sindsdien in Colombia. “Nederlanders zijn bang voor fanatici. Hier worden ze afgeknald.”

Amsterdam, 17.07 uur
Cali, Colombia, 10.07 uur

Voordat Tom Lobo ondernemer werd, was hij van 1980 tot 1987 marketing manager bij Warner Bros en Columbia Pictures. Daar vloog hij de laan uit toen hij naar eigen zeggen ‘te uitgesproken Nederlands was’. Hij begon voor zichzelf in de PR en scoorde ‘vanaf dag één als een gek’. Lobo deed klussen voor onder meer De Efteling en draaide in zijn eerste jaar al een omzet van een half miljoen gulden.

In 1992 kreeg Lobo alle te ontwikkelen rechten rond de Amsterdam ArenA aangeboden en verdiende daar miljoenen. Vervolgens deed hij sponsorwerving in de theaterwereld. “Met alle grote producenten als klant: die schoft Van den Ende, die andere oplichter Henk van der Meijden, Jos Brink, Seth Gaaikema en al die anderen. Ik verdiende eigenlijk, dat realiseer ik me eigenlijk nu pas, heel erg veel. En met André van Duin werd ik natuurlijk helemaal gelukkig. Enfin, het lijkt nu wel alsof het allemaal om geld gaat, maar mijn enige prioriteit, als jonge ondernemer, was om overeind te blijven.

Tom Lobo: “Ik ben thuis op elke vierkante meter.”

Tom Lobo: “Ik ben thuis op elke vierkante meter.”

Van 1997 tot 2001 werkte Lobo vanuit Israël. “De meeste klanten wisten niet eens dat ik in Tel Aviv zat.”

Je had dus al paar keer in buitenland gezeten. Wanneer begon Zuid-Afrika te lonken?
“Ik zou in Israël gebleven zijn, ware het niet dat ik mijn huidige Colombiaanse echtgenoot Chris tegen het lijf liep. Hij was illegaal in Israël, zat er al negen jaar op een driemaandenvisum. Toen hij het land werd uitgegooid, besloot ik te volgen en Nederland was in 2001 de beste optie. Maar hij haatte de kou, en nog veel meer: het sociale leven met al die weerhaken, al die structuur, het drukke verkeer. In 2004 won ik een golftoernooi met de finale in Kaapstad. Daarna ging het snel. Mijn bedrijf stond al jaren in de verkoop en eigenlijk deed ik sinds 1997 niet veel meer. Een uur per dag om alles bij te houden, de tienjarige buitenreclamecontracten met Philips, Mars, Coca Cola et cetera. Ik reed inmiddels in een Rolls-Royce, misschien juist omdat veel mensen vonden dat dat eigenlijk ‘niet kon’.”

“Ik wilde eigenlijk maar één ding: zo ver mogelijk weg van Europa”

Even tussendoor: zoals je het vertelt, klinkt het alsof het je allemaal is komen aanwaaien.
“Ik heb de MEAO gedaan (middelbaar economisch en administratief onderwijs, red.), haha. In 1997 deed ik wel een keiharde training in marketing aan de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem. Ik heb me vooral een slag in de rondte gewerkt en gelezen: vakboeken en zeven dagen per week twaalf tot veertien uur per dag gewerkt. En ik was gehaaid, hard, brutaal. Je moet niet te aardig zijn.”

Lobo’s huis aan Camps Bay in Zuid-Afrika

Lobo’s huis aan Camps Bay in Zuid-Afrika

Zuid-Afrika. Waarom?
“Mijn vriend en ik reisden veel, wel tien keer per jaar. Gewoon, omdat we niet echt happy meer waren in Nederland. We kozen voor Kaapstad vanwege het klimaat, de prachtige stad en het relaxte leven daar.”

Was het de bedoeling er een definitieve emigratie van te maken?
“Definitief? Meneer, ik ben thuis op elke vierkante meter. Ik heb geen enkele binding anders dan met mensen, dieren, mijn piano en boeken. Ik wilde eigenlijk maar één ding: zo ver mogelijk weg van Europa. Weg van die benepen cultuur, de files in de regen, de eeuwige consumptiedrang en jaloezie, de bandeterij van Harry Mens – de Donald Trump van de kleigronden. Weg van het Hollandse klimaat en het subtiel verbogen antisemitisme. Daarnaast was voor mij alles af. Er was niets vernieuwends meer in mijn leven: rondjes rijden door de gegoede buurten en winkelstraten, altijd met dezelfde mensen sjiek koffiedrinken. Dat had ik inmiddels wel gezien.”

Vonden jullie in Zuid-Afrika wat jullie zochten?
“Zuid-Afrika was schitterend, als je alle mensen wegdenkt. Alles, ALLES, was daar racisme. Ik werd er zelf ook door besmet. Als er werd aangebeld, was het eerste dat ik dacht: blank? Zwart? Kleurling? Bij blank kon je opendoen, bij zwart riep je het liefst ‘lazer op, ik heb al een tuinman’.”

“Er wonen in dit land slechts vijfduizend moslims, een zegen”

“Onze hulp in de huishouding liep weg met mijn pistool.”

“Onze hulp in de huishouding liep weg met mijn pistool.”

Je werkte niet meer?
“Sinds 1997 heb ik niet echt meer gewerkt. Het was rentenieren. Ik ben dus op mijn 44ste gestopt omdat ik uitrekende dat ik voor de rest van mijn leven genoeg had en behoefte had aan andere dimensies. Ik wilde voorkomen dat ik dood zou gaan aan de stress die mijn werk met zich meebracht. ”

Uiteindelijk verlieten jullie Zuid-Afrika weer. Je was de mensen zat?
“Ja. Maar zonder de mensen was Kaapstad een paradijs. We deden safari’s, namen duiken in ons zwembad en genoten van ons huis aan Camps Bay. Maar na een paar lange vakanties in Cali, Colombia, riepen we ineens tegen elkaar: waarom blijven we niet?”

Was het lastig integreren in Colombia?
“Helemaal niet. Een heel groot voordeel: er wonen in dit land slechts vijfduizend moslims, een zegen. Er is hier wel een kleine Joodse gemeenschap, maar eerlijk gezegd maak ik geen deel uit van welke gemeenschap dan ook. Noch Joods, noch homo. Ik ben hier nog nooit in een nichtenkroeg geweest. We zijn veel te druk met onze paarden en honden.”

Zijn er gebruiken in Colombia waar je aan moet wennen? Of ben je als een vis in het water?
“Oh, nee. Alles hier is anders. In Nederland moest ik zelfs met mijn zuster vijf maanden van tevoren een afspraak plannen. Hier komt in 50 procent van de gevallen je afspraak niet opdagen, in 40 procent komen ze drie uur te laat en in de overige 10 procent komen ze een uur te laat.”

Dat lijkt me als Nederlander heel irritant.
“In het begin heb ik dat als irritant ervaren, nu ben ik er aan gewend. Ik anticipeer erop en revancheer ik me door na twintig minuten zelf te vertrekken. Of de deur niet meer open te doen.”

“De politie vroeg me de dief zelf te verzuipen”

Nog andere dingen?
“In Colombia spreek je zelfs je vrienden aan met señor, sir. Ook wordt hier veel illegaal stroom afgetapt. Wij deden het ook en de man van het stroombedrijf vond het zelfs goed, omdat het aansluiten van ons huis zeven maanden duurde. Daarnaast mag je hier straffeloos vijf keer per dag door rood rijden, een verademing. En wat verder opvalt: mijn echtgenoot heeft 47 halfbroers en -zusters. Veel, maar niet uitzonderlijk. Ik ken hier niet anders dan gebroken gezinnen. Vaak wordt er niet eens getrouwd. Mannen maken meisjes zwanger, blijven een jaar, en hengelen dan verder. De vader van mijn echtgenoot was een reizende arts. In elk dorp had hij een vrouw die dacht dat ze de enige was.”

In een Rooms-Katholiek land als Colombia zou je anders verwachten.
“Wat is christelijk? Hier berooft iedereen elkaar, maar puur uit armoede. Onze hulp in de huishouding liep weg met mijn pistool en een Bvlgari-horloge. Mijn politievrienden vroegen me hem desnoods te verzuipen, voordat zij kwamen en het wat officiëler zou worden. Dus heb ik hem boeien omgedaan en verteld dat ik hem in het zwembad zou verzuipen en een ambulance zou bellen. Toen kwamen de spullen terug. Zijn moeder en tante zaten in het complot. Bij een aangifte zou hij achttien jaar krijgen. Niet gedaan. Zijn grootmoeder, die wel integer was, smeekte om aangifte, omdat ze ervan overtuigd was dat hij anders binnen vijf jaar door iemand anders afgeknald zou worden.”

Zijn pistolen legaal in Colombia?
“Toen mijn pistool was teruggebracht en de politie er was, waren de agenten heel geïnteresseerd. Geen vragen over vergunningen of zo. Een agent trok zijn wapen uit zijn holster en gaf het aan me. Ik mocht het bekijken, haha.”

Hoe zit het met de politiek in Colombia?
“Politiek is hier 100 procent corrupt, dus dat hoef ik niet te volgen. Er is hier een briljante Nederlander, Adriaan Alsema, met diens Colombia Reports: geniaal, anti-autoritair, anti-corrupt, helder. Die lees ik altijd en dan ben ik helemaal bij.”

Lobo’s huis in Cali. Het huis heeft 21 kamers

Lobo’s huis in Cali. Het huis heeft 21 kamers

Waar sta jij in het politieke spectrum?
“Ik kan ultra rechts zijn en ultra links. Ik ben alleen begaan met het lot van ouderen, armen, zieken en kinderen. De rest zoekt het zelf maar uit.”

Hoe kijk jij vanuit Colombia naar Nederland?
“Ik lees op internet De Telegraaf, het AD, Het Parool, de Volkskrant en nog wat andere bladen. Mijn indruk: Nederland zit niet alleen vol, maar ook vast. Alles is in hokjes gedouwd en daar komt niemand meer uit. Je bent nicht, Marokkaan of wat dan ook en daar dien je je naar te gedragen. De zuilen zijn weg, maar het dak is omlaag gekomen en nu zit iedereen eronder vast.”

Wat kunnen Nederlanders leren van Colombianen?
“Horloges af doen en onthaasten. Zoek het genot niet in dat prulletje, maar in de mens die het aanbiedt. Nederlanders kunnen leren de hersenen eens te ontregelen en niet in vakjes en hokjes te denken. Nederlanders denken in graden, minuten en meters. Dat is hier allemaal niet van waarde. In Nederland is de bevolking vergeten naar gevoel en instinct te leven.”

“Nederlanders wonen in betonnen celblokken”

Wat kunnen Colombianen leren van Nederlanders?
“Alles: management, time management, waterbouw, industrialisatie, marketing. Maar of ze er gelukkiger van worden? Nee! Gestructureerd leven? Ik raad het ze af. In Nederland krijg je een boete als je vuil vijf minuten te vroeg buiten zet. Moeten ze dat leren? Hier zorgen mensen voor hun bejaarde alleenstaande buurvrouw.”

Zou je ooit nog in Nederland willen wonen?
“Never! Ik mis een aantal dierbare vrienden. Verder niks. Nederland kent geen privacy, mensen hebben een kokervisie, wonen in betonnen celblokken en hebben over iedereen een oordeel. Politici die hun mond vol hebben over strenger beleid en regenteske uitspraken doen, maar tegelijkertijd doodsbang zijn voor een dreigement van een fanaticus. Hier worden fanatici afgeknald.”

Heeft de emigratie je gelukkiger gemaakt?
“Ik vind het zo’n clichéantwoord, maar toch: het heeft me niet gelukkiger gemaakt, maar gelukkig. Vóór die tijd, realiseer ik me nu, was ik wel tevreden. Nu ben ik uit die Bugatti gestapt, fiets vrolijk verder en hoor ineens de vogeltjes. Ik zit dagelijks op mijn paard en hoef die Harley niet meer om mijn verloren eer terug te halen. Als mijn paard zijn neus in mijn zij drukt, ben ik helemaal happy.”