Charlottesville versterkt niet alleen de culture war tussen de extreemrechtse Alt-Right en de radicaal-linkse Social Justice Warriors, maar ook christenen en atheïsten slaan elkaar weer de hersenen in. Alleen verbaal gelukkig.

Matt Bevin.jpg

Matt Bevin, gouverneur van Kentucky

De meest recente ophef gaat over een open brief die de atheïstische Freedom From Religion Foundation (FFRF) heeft gestuurd naar gouverneur Matt Bevin van Kentucky, waarin ze zijn beroep op de Bijbel venijnig onderuit proberen te halen.

Bevin is een zeer christelijke politicus, uiteraard lid van de Republikeinse Partij, en een verklaard tegenstander van het homohuwelijk. De jaren 2016 en 2017 riep hij als gouverneur van Kentucky uit tot ‘The Year of the Bible’. De racistische rellen in Charlottesville werden door Bevin dan ook op een hele christelijke manier opgevat. Op 15 augustus zei hij tijdens een radio-uitzending dat als kinderen op school maar goed onderwezen worden in de Bijbelse waarden ze niet in racisten veranderen. De Bijbel leert immers wat goed en wat slecht is en racistische demonstranten zijn hun morele kompas kwijt. Daarom moet ook op openbare scholen uit de Bijbel worden onderwezen.

Helemaal onzinnig waren de uitspraken van de gouverneur uiteraard niet, de Alt-Right is voor velen immers een religie geworden voor mensen die geen religie meer hebben. Niettemin is het begrijpelijk dat atheïsten zich enorm ergerden aan het feit dat Bevin schaamteloos zijn christelijke stokpaardjes liep te promoten, terwijl het in deze discussie helemaal niet over het christelijk geloof gaat of wat voor geloof dan ook, maar om racisme en de omgang met het Amerikaanse verleden.

In reactie op de gewraakte radio-uitzending stuurde de atheïstische Freedom From Religion Foundation (FFRF), gevestigd in Wisconsin, een vileine brief aan gouverneur Bevin. Het is volgens de FFRF ironisch dat de Bijbel, die volgens Bevin het verschil tussen goed en kwaad leert, geweld en racisme propageert. Kinderen onderwijzen in de Bijbel zou Charlottesville niet hebben voorkomen. Sterker nog, als de Bijbel er niet was geweest dan had de Amerikaanse Burgeroorlog misschien wel nooit plaatsgevonden, omdat mensen met een verwijzing naar de Bijbel de slavernij legitimeerden.

Ook racisten die geloven in de superioriteit van het blanke ras kunnen zich op de God van de Bijbel beroepen, omdat deze God regelmatig genocides pleegt en amderen hiertoe beveelt, aldus de FFRF. Het is daarom volgens de atheïstische organisatie geen verassing dat de Bijbel haatideologieën heeft voortgebracht en groeperingen die deze ideologie in de praktijk brengen. De Ku Klux Klan is een christelijke groepering en is dat altijd ook geweest. KKK-leden steken kruizen in de brand om het licht van Jezus over het land te verspreiden. Adolf Hitler was bovendien Rooms-katholiek en zijn soldaten droegen op hun koppelriem de leus ‘Gott mit uns’. Kortom, de Verenigde Staten hebben volgens de FFRF minder Bijbel nodig om verdraagzaam te worden, niet meer.

Hoewel de open brief bijzonder geestig is om te lezen, de brave gouverneur met zijn vrome praatjes wordt verbaal helemaal in elkaar getimmerd, slaat de FFRF met deze actie de plank volkomen mis. Het laatste wat Amerika nu kan gebruiken is nog meer verdeeldheid. Atheïsten en christenen zullen elkaar vast niet opzoeken in een veldje om elkaar te lijf te gaan, de wappies van de God hates Fags-Church wellicht uitgezonderd, maar een hernieuwde polemiek tussen fanatieke christenen en bijdehandte atheïsten zorgt voor een diepere culturele kloof tussen de verschillende bevolkingsgroepen in de Verenigde Staten.

Misschien moeten atheïsten en christenen de handen ineen slaan en in navolging van Molotov en Ribbentrop een pact sluiten. De christenen leggen extreemrechtse gekkies uit dat de Westerse cultuur mede groot is geworden door naastenliefde en mededogen; de atheïsten leren onze extreemlinkse vrienden om zelf kritisch na te denken, dogma’s (van bijvoorbeeld Karl Marx, Edward Saïd en Kimberlé Williams Crenshaw) in twijfel te trekken en de zaken te relativeren. Het is een win-win.

 

Afbeeldingen: Wikimedia / Wikipedia Commons