Dit stuk begon gisterochtend nog met de vraag, “gaat Volkert opnieuw de gevangenis in?” Inmiddels is die vraag vervangen door “wat bezielt Justitie in de zaak Volkert van der Graaf?” Ik kan niet beloven dat deze vraag aan het einde van dit stuk, als ik denk klaar te zijn, nog niet weer aan vervanging toe is, ik heb hem om die reden maar ruim geformuleerd.

Wat justitie bezielt is niet met zekerheid te zeggen. Want hoe een rationele verklaring te vinden voor het slechte plan om een fotoshoot in scene te zetten en daar later over te liegen, over de rug van Stijn Franken (de advocaat van Volkert) én de samenleving die blijkbaar iets moest geloven wat niet waar was. Stijn Franken zegt hierover in de Volkskrant 23 september: “Ze wilden een einde maken aan de jacht op de eerste foto. Er is mij gevraagd of ik een fotograaf wilde regelen. Dat had voor hen het voordeel dat ze geen vuile handen zouden krijgen. Nou, prima, dat heb ik gedaan. Nu wekken ze de indruk dat alles mijn idee was, dat het OM op het laatste moment is verrast en met de hand over het hart streek. De Kamer is wat mij betreft feitelijk ­onjuist en onvolledig geïnformeerd. Ten koste van mij en mijn kantoor”.

Gevaar?

Welk gevaar was er feitelijk voor Volkert? Fotografen zijn misschien irritant, als we BN’ers moeten geloven. En daarvan zeggen we: vervelend maar it comes with the job! Zoiets vergelijkbaar geldt ook voor Volkert. Wie kan het wat schelen dat er iemand de eerste foto van hem zou maken? Niemand toch? En dat die jacht uitbleef was al lang duidelijk toen hij neerstreek in Apeldoorn en alle commotie uitbleef. Iedereen was al lang Volkert-moe. Desondanks kreeg Van der Graaf actief de regie in het mediamoment dat – in het middelpunt van de wereld: de Amsterdamse grachtengordel – werd geënsceneerd. Zogenaamd uit piëteit met Volkert is het dus Justitie zelf geweest die wel degelijk het media-verbod overtrad, door het Volkert te laten overtreden. Een verbod dat zij zelf in de komende jaren zou moeten handhaven als er meer foto’s, interviews of publicaties zouden opduiken. Een verbod dat Volkert op zo’n moment tegen justitie zelf had kunnen gebruiken, zoals hij met alles pleegt te doen. Volkert denkt niet alleen dat hij boven de wet leeft, dat is ook zo.

Zogenaamd uit piëteit met Volkert is het dus Justitie zelf geweest die wel degelijk het media-verbod overtrad, door het Volkert te laten overtreden. Een verbod dat zij zelf in de komende jaren zou moeten handhaven als er meer foto’s, interviews of publicaties zouden opduiken.

De bescherming van Volkert tegen ’een jacht op zijn persoon’ heeft alleen maar bewerkstelligd dat zijn zelfingenomenheid en procedeerlust wordt beloond. Deze beloning voor slecht gedrag is er een die volgde op de grootste beloning tot nu toe: de straf van achttien jaar, effectief twaalf, het echte schandaal in deze trieste geschiedenis. Het is niet te verkroppen dat er een man vrij rondloopt die duidelijk niet de toerekeningsvatbare man is die in twee strafrechtelijke procedures tot 18 jaar cel werd veroordeeld.

Verontwaardiging

Mijn verontwaardiging reikt dan ook verder dan wat in de meeste reacties tot nu toe vooral werd benadrukt: “Hij toont helemaal geen berouw, hij is niet empatisch!” Het is op zich namelijk helemaal niet ongewoon dat gestraften geen berouw tonen. Het zou iedereen een hoop teleurstelling besparen als we die verwachtingen lieten varen. Het is de aard van het beestje. Net zomin schrik ik van de bijstandsfraude die hij pleegt, de valse namen die hij opgeeft om aan marathons deel te nemen en de minachting die hij toont voor mensen die hem op het rechte pad moeten houden of überhaupt nog energie in hem willen steken. Het is het zuivere gevoel van ongeloof dat me overvalt als ik het ware gezicht van Volkert probeer te verenigen met wat de Rechtbank en het Hof ons hebben voorgehouden als de strafrechtelijke waarheid.

Die strafrechtelijke waarheid, ook wel papieren werkelijkheid genoemd, was dat Volkert in Fortuyn een gevaar voor de samenleving zag. En of wij dat nou ook vonden of niet, daar moesten de rechters het zogenaamd mee doen. Eén psychiater en één psycholoog stelden een rapport op waaruit bleek dat Volkert ’intelligent’, ’perfectionistisch’ en ’overdreven gewetensvol’ was. Dit kan niet waar zijn denk ik nu. In plaats van een werkelijke diagnose te stellen kwamen de experts met broddelwerk. Er is afgegaan op de uiterlijkheden van zijn geest die in een groot cliché zijn gevangen om geloofd te worden, in plaats van dat er met het mes naar binnen is gegaan, zoals elke normale arts zou doen wanneer een lichaam dood en verderf zaait.

Motief

De echte waarheid is een andere. Ideologie of iets dergelijks kan helemaal niet het motief voor Volkert zijn geweest, dat had elke rechter na één rondje tomatensap op een terras al meteen kunnen zien. In 2003 zei rechtsfilosoof Nico Roos die destijds de vonnissen, de motivatie en de rapporten in samenhang bestudeerde, dat hij helemaal geen ’overtuigingsdader’ is maar dat “hij niet meer aan zijn eigen maatstaven kon voldoen. Hij zag zichzelf als iemand die nobele doelen nastreefde maar nauwelijks iets bereikte, terwijl de ’populist’ Fortyun met zijn verbale kracht alle aandacht naar zich toe wist te trekken”.

Ik denk dat dat klopt, althans: het is op zijn minst aannemelijk. Ik zie in een oud filmpje uit 1993 Volkert naar een oude boer toelopen die nietsvermoedend in de deuropening van een kleine stal hem de hand schudt. Volkert loopt daar als een wandelende vogelverschrikker over het erf om het boerenbedrijf een les te leren. Ook daarin zie ik het tegenovergestelde van de overtuigingsdader, namelijk de dader die zijn eigen emoties en beweegredenen alleen oppervlakkig kent, de gewetenloosheid daaronder maskeert en daarnaar handelt. Precies dat bedoelt Volkert met ’op zijn hoede zijn voor de psychologen’, want onder de schijn van strijd en verontwaardiging is het leeg en hol. Hij wil ook niet meer ingaan op het waarom, zegt hij. Hij zou het zelf niet meer snappen.

Hoe heeft het toch zo kunnen lopen? Het doorzien van Volkerts kleinzielige werkelijke motieven was heus niet zo moeilijk geweest. Niet voor de psychiaters en niet voor de rechters. De waarheid is dat de ideologie van Volkert, of hij nou opkwam voor nertsen, onbespoten sla of de veiligheid van Nederland, als motief paste binnen de maatschappelijk wenselijke gedachte dat Pim Fortuyn zijn dood wel een beetje over zichzelf had afgeroepen. Dit alles een beetje geholpen door de veel voorkomende denkfout onder juristen: als iemand iets heel ergs doet, dan moet er dus wel een verstand achter zitten.

Volkert had nooit toerekeningsvatbaar mogen worden verklaard. Hij hoort thuis in een TBS-kliniek.

Deskundigen en rechters zijn een gevaarlijke, ziekelijke stoornis van zijn geest misgelopen. Gewetenloosheid is een redelijk makkelijk vast te stellen aandoening, in ieder geval voor een psycholoog, een beetje zoals een gebroken been op een röntgenfoto. Toch is dat hier over het hoofd gezien. Volkert had nooit toerekeningsvatbaar mogen worden verklaard. Hij hoort thuis in een TBS-kliniek. Ik heb in ieder geval minder gevaarlijke mensen naar de TBS zien gaan, voor minder zware feiten dan Volkert op zijn geweten zou moeten hebben. In de plaats daarvan geniet hij nu het voordeel van de toerekeningsvatbare sukkel, zonder het nadeel van een hoge straf.

Wat Justitie bezielt? Vermoedelijk zijn het wanhopige pogingen de werkelijkheid weer naar hun hand te zetten – hoewel het daarvoor feitelijk al te laat is. Er is onder andere geprobeerd de vervroegde invrijheidstelling tegen te houden, om de voorwaarden voor het proefverlof en de proeftijd zo aantrekkelijk mogen voor de buitenwereld te maken, Volkert te pleasen met een huis, geld en weinig verplichtingen en nu, door het laten maken van foto’s. Met dat laatste heeft het OM echt haar hand overspeeld en de onmacht tegenover het feitelijke onrecht waarvan in deze zaak sprake is, aan het licht gebracht. Misschien is dat een schrale troost.