Van Kunduz tot kinderpardon, geen probleem zo groot of er valt wel een poldercompromis over te sluiten.

Social media zouden social media niet zijn als in reactie op het gisteravond bereikte asielakkoord de negatieve sentimenten niet overheersten. Extreemrechtse trollen braakten braaf hun #stemzeweg boodschappen uit. Op links sprak men vooral schande van de vermeende onmenselijkheid van de VVD-onderhandelaars. In ruil voor een eenmalig kinderpardon hadden die een verlaging van het aantal uit crisisgebieden op te nemen vluchtelingen bedongen. De asielbaby was doormidden gehakt en het eindresultaat werd nu verkocht als ‘positief resultaat’.

Politiek is echter geen zaak van morele absoluten. Natuurlijk is het opvangen van hier geboren en getogen kinderen op zich moreel goed. Maar dat is het handhaven van een systeem van wetten dat een gemeenschap behoedt voor chaos ook. In praktijk vallen de meeste gevallen daardoor in een moreel grijs gebied, wat Aristoteles ‘adiaphora’ noemde. Het is niet voor niets dat we niet zomaar iedereen die zich hier als asielzoeker meldt automatisch een verblijfsvergunning geven. En dat we ook niet iedereen die hier asiel aanvraagt zonder aarzelen weer de grens over zetten. De rechter mag van geval tot geval oordelen over de balans tussen recht en rechtvaardigheid. En voor de meest schrijnende gevallen is er een beroep op de politiek.

Althans: dat was er. Want een van de uitkomsten van de uitruil die gisteren is opgetekend, is dat dit politieke element uit het asielproces is verdwenen. De discretionaire bevoegdheid van de staatssecretaris is afgeschaft. Van verdere kinderpardonnen zal ook geen sprake meer zijn. Voortaan begint en eindigt het asieltraject bij de rechter. Politieke bemoeienis met het asielproces is er voortaan alleen nog op hoofdlijnen: wetgeving en algemene doelstellingen.

Dat besluit bevalt sommigen ongetwijfeld meer dan anderen. Dat is ook de aard van een akkoord: anders dan bij een diktaat hebben alle betrokken partijen consessies moeten doen om de gewenste overeenstemming te kunnen bereiken. Die consessies zijn vervelend als je denkt dat beleid een zaak van alles of niets is – moreel volmaakt of volmaakt immoreel. Maar zo werkt politiek niet, al helemaal niet in een polderland als het onze. Doorgaans moet je de ander ook iets gunnen als je zelf iets wilt bereiken. Er bestaan immers geen partijen met 76+ zetels, en in praktijk bestaan er ook geen blokken van 76+ zetels meer. Links, rechts en midden moeten dus met elkaar zaken doen om problemen op te lossen.

Dit akkoord laat zien dat dit consensussysteem nog steeds redelijk goed werkt. Links voerde de afgelopen maanden campagne voor een kinderpardon en kreeg het. Dat is vanuit links perspectief geen geringe overwinning. Rechts bedong als concessie dat het asielproces voortaan gedepolitiseerd wordt – geen beroep op de staatssecretaris meer, geen verdere kinderpardondebatten (extra investeringen in de IND om beroepsprocedures te versnellen zouden dat ook onnodig moeten maken, al valt dat laatste uiteraard nog maar te bezien). Dat is vanuit rechts perspectief eveneens een behoorlijke winst. Als extra ‘wisselgeld’, vermoedelijk om te laten zien dat de partij nog altijd een restrictief asielbeleid voorstaat, wist de VVD te bedingen dat elders in de asielketen 250 plekken minder zouden worden geboden. Het stuit sommigen ongetwijfeld tegen de borst; ruilhandel met mensenlevens heeft iets onsmakelijks. Maar 600 is nadrukkelijk meer dan 250 dus de optelsom van deze wrange rekensom is wel overwegend positief.

We kunnen nu uiteraard het perfecte de vijand van het goede laten zijn. Maar we kunnen ook ervoor kiezen om te concluderen dat deze deal helemaal zo slecht nog niet is. Het meest opmerkelijke van de periode Rutte is dat het Haagse consensusmodel telkens weer zijn waarde bewijst, van Kunduz tot kinderpardon. In het publieke debat klinken vooral de scherpslijpers, die van de wanhhopig op clicks en kijkers jagende media alle ruimte krijgen om hun extreme boodschappen uit te venten. Maar in de bestuurlijke praktijk poldert men rustig voort.