De Deense verkiezingsuitslag bevat een duidelijke les voor de PvdA.

De Deense Sociaaldemocraten hadden na de tweede verloren verkiezing op rij in 2015 gekozen voor een koerswending. Principiele oppositie tegen het rechtse cultuurconservatieve beleid van de opeenvolgende regeringen Rasmussen had niet geloond, er moest dus iets veranderen. Dat andere werd ‘Rechtvaardig & Realistisch’, een strategisch document waarmee men de basis legde voor een nieuwe, hardrechtse koers op immigratiegebied.

Tegelijkertijd opende men gesprekken over samenwerking met de openlijk racistische Deense Volkspartij. Doel van die samenwerking was niet alleen de DF los te weken uit het rechtse blok, maar ook aan de kiezers van die partij de boodschap te sturen dat de Sociaaldemocraten hen begrepen – zozeer zelfs dat ze ook best gewoon op de Sociaaldemocraten zelf zouden kunnen stemmen. Deze opmerkelijke zet wortelde in het hardnekkige geloof in een ‘verloren stam’ van sociaaldemocratische kiezers: mensen die in de jaren zeventig en tachtig nog links stemden maar inmiddels vanwege culturele zorgen (extreem)rechts.

De gekozen strategie leek extra kansrijk omdat de DF na een fors corruptieschandaal, waarbij de leider van de Europese fractie van de partij moest aftreden, in vrije val was geraakt. Alle kans dus om het opnieuw verweesde oude electoraat terug te halen, zo hoopte men. Het is, zo weten we nu de stemmen zijn geteld, anders gelopen. In plaats van stemmen te winnen, verloren de Sociaaldemocraten. In vergelijking met 2015 gingen ze er een half procent op achteruit. Een marginaal verlies inderdaad, maar toch: een verlies.

Dar verlies was des te opvallender omdat de DF ruim 12 procent verloor. Op basis van de strategische overwegingen had men wellicht verwacht dat die 12% overwegend naar de Sociaaldemocraten zou gaan. Maar wat bleek: deze kiezers zijn gewoon rechts geworden, en stemmen bij ontevredenheid over DF dus gewoon op andere (extreem)rechtse partijen. Regeringspartijen Venstre en de Conservatieven wonnen samen 7%, twee extreemrechtse partijen samen ruim 4% en een kleine uiterst behoudende christelijke partij ook 1%. De verweesde DF-stemmers gingen dus overal naartoe, zolang het maar rechts was.

Overigens won het linkse blok wel de verkiezingen, maar die winst was geheel te danken aan het sterke optreden van groenen, socialisten en progressief-liberalen. Er is dus wel een mandaat voor een linkse koers maar niet voor het hard-rechtse antimigratiebeleid van de Sociaaldemocraten.

De belangrijkste les voor de PvdA van de geflopte flirt met extreemrechts door de Deense zusterpartij is dezelfde les die men ook kan leren van het falen van de SP in de recente Europese verkiezingen: er is geen ‘verloren volk’ van voormalige linkse kiezers die gepaaid kunnen worden door rechtse standpunten over culturele onderwerpen te adopteren. Die kiezers zijn gewoon voorgoed weg – als ze al ontvreden zijn, dan stemmen ze op andere rechtse partijen, niet op jou. Als je ze toch probeert te paaien, loop je vooral het risico je eigen nieuwe electoraat van je te vervreemden: zie het verlies van de Deense Sociaaldemocraten, en het echec van de SP. Hou je dus bij je leest, en laat je niet verleiden door sirenen als De Hond en De Voogd, met hun onzinverhalen over “50 zetels voor een economisch linkse, cultureel rechtse partij”.