Het kabinet gaat nog een stap verder om (hard)drugs te verbieden. Minister Grapperhaus en staatssecretaris Blokhuis willen de Opiunwet veranderen waardoor niet alleen de drugs zelf, maar ook stofgroepen verboden worden. Hiermee willen ze ‘designerdrugs’ aanpakken.

Deze designerdrugs zijn als het ware nét niet illegaal om te maken. Na aanpassing van de Opiumwet zal dat wel zo zijn, zo stelt het Kabinet. De normalisering van bijvoorbeeld XTC is onwenselijk, zo vindt de Minister. Het gebruik neemt nog altijd toe.

Daar zit precies het probleem, mijns inziens. Het gebruik zal erg lastig zijn om te controleren en verbieden. Op papier kan dat wel zo zijn, in de werkelijkheid zullen nog steeds harddrugs gebruikt worden. Dit miskennen is naïviteit, en daar zit het probleem bij het Kabinet. De staatssecretaris wil gebruik op het werk vooral tegengaan, terwijl dat niet de grootste gebruikers zijn, noch waar het probleem zit.

Een betere stap zou zijn om XTC te legaliseren én reguleren. Dat zal ervoor zorgen dat met toezicht van de overheid drugs kan worden gefabriceerd en verkocht. Zo hou je de veiligheid in de gaten, heb je zicht op de markt, weet je wat voor stof er in de drugs zit. Deze stap moet overigens ook gemaakt worden bij marijuana.

De controle die het Kabinet wil kan alleen bereikt worden met toegeven aan de werkelijkheid: Grapperhaus en Blokhuis moeten de situatie accepteren zoals hij is, en handelen naar de echte situatie. Een gebrek aan realiteit mist.

Als ze blijk zouden geven van realiteitszin, zouden veel problemen worden voorkomen. De slachtoffers die vallen worden vaak veroorzaakt door niet ‘zuivere’ drugs, een mix met een andere drug zoals speed. Bij legalisatie kan dan ook betere voorlichting gegeven worden. Kortom, als de Minister en staatssecretaris een veiliger beleid vinden, reguleren ze XTC.