Eergisteren tekenden twaalf musea een verklaring tot samenwerking in Museum Prinsenhof Delft. Doel is met elkaar de Nederlandse geschiedenis te laten zien. Onder de vlag van de Canon van Nederland plaatsen de musea topstukken in de eigen presentatie in de schijnwerpers.

 

Historisch overzicht

De Canon gaat het land in. Op deze manier de veelzijdigheid van de geschiedenis van ons land voor een breed publiek getoond en verteld. Eerder, op 23 september, is de Canon van Nederland gepresenteerd in het Openluchtmuseum in Arnhem. In 2011, na het besluit tot opheffen van het Nationaal Historisch Museum, kreeg het Nederlands Openluchtmuseum namelijk samen met het Rijksmuseum in Amsterdam de taak een historisch overzicht van de Nederlandse geschiedenis te verzorgen. Doel van het Canon-project is volgens Boris de Munnick, woordvoerder van het Openluchtmuseum, ‘om in alle provincies van Nederland alle vijftig vensters van de Canon in de verschillende musea helemaal te dekken.’

De Munninck vervolgt: ‘Een museum dekt in zijn eentje nooit de hele Nederlandse Canon. Maar ze laten er wel een belangrijk deel van zien. We hebben het initiatief genomen om overal geschiedenis te tonen. Musea moeten daarvoor samenwerken. Ook regionaal. Want provinciale musea laten een eigen kant van de Canon zien. En kunnen ook bepaald venster verdiepen. Om een volledige dekkingsgraad mogelijk te maken moet er natuurlijk nog een heleboel werk worden verricht. Maar het begin is er nu gelegd.’

 

Topstukken

 

 

Op dit moment toont elk van de deelnemende musea in de vaste presentatie topstukken van de Nederlandse geschiedenis. Deze voorwerpen kleuren de vensters verder in. Zo wordt het venster Slavernij bijvoorbeeld verbeeld in het Tropenmuseum (brandmerk, slavenboei en banjo), Het Scheepvaartmuseum (model van een slavenschip) en het Amsterdam Museum (twee schilderijen: één van de Herengracht in 1685 en één van een Surinaamse suikerplantage circa 1700).

De partners van het Canonnetwerk zijn: het Allard Pierson Museum (Amsterdam), het Amsterdam Museum (Amsterdam), het Scheepvaartmuseum (Amsterdam), het Hunebedcentrum (Borger, Drenthe), het Museum Catharijneconvent (Utrecht), het Museum Prinsenhof Delft (Delft), het Nationaal Militair Museum (Soest), het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid (Hilversum), het Nederlands Openluchtmuseum (Arnhem), het  Rijksmuseum (Amsterdam), het Rijksmuseum van Oudheden (Leiden) en het Tropenmuseum (Amsterdam). Doel van de initiatiefnemers is natuurlijk dat meerdere musea zich bij het Canonnetwerk aansluiten.

 

Foto Masha Bakker Matijevic