Het openbaar onderwijs wordt door de ChristenUnie (CU) als ‘staatsonderwijs’ bestempeld. De ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers wendt zich met zijn uitspraak voor het radioprogramma Kamerbreed (28 januari 2017) af van de maatschappij door te stellen dat het openbaar onderwijs moet worden afgeschaft. Met deze uitspraak start Segers een nieuwe schoolstrijd.

Door de term ‘staatsonderwijs’ te gebruiken wordt afschuw uitgesproken over de staat. De staat is echter het orgaan dat de samenleving, een gemeenschap van mensen ongeacht hun opvattingen, sekse, etniciteit en geaardheid, vormgeeft. De maatschappij is de organisatie van instituties die de samenleving invult. Door het opheffen van het openbaar onderwijs zal Nederland niet meer voldoen aan de internationale normen, onder andere die van het Europese Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM) waarin gesteld wordt dat het onderwijs toegankelijk moet zijn voor iedere ingezetene van een land ongeacht geloof, ras en geaardheid. Met het selectieve bijzonder onderwijs voldoet Nederland niet meer aan het EVRM-verdrag. De CU keert zich met het opheffen van het openbaar onderwijs af van de maatschappij en de internationaal afgesloten verdragen.

Op welke wijze kan er dan nog ooit sprake zijn van integratie in de samenleving?
Het vasthouden aan het onderwijssysteem dat bijdraagt aan de scheiding van groepen op grond van hun geloof is ongewenst in een samenleving waarin de integratie en deelname voorop staan. Alleen door het afschaffen van bijzonder geloofsonderwijs kan er gelijkwaardigheid voor alle leerlingen ontstaan. Brede burgerschapsvorming gedragen vanuit de maatschappij dient een essentieel onderdeel van het onderwijsprogramma te zijn om het gelijkheidsprincipe waar te maken. Het beste komt dit tot zijn recht in een onderwijsomgeving die gericht is op sociale integratie en maatschappelijke socialisatie die een beeld schept van alle culturen.

Met uitsluitend religieus neutraal openbaar onderwijs wordt een stevigere basis op het gebied van taal, sociale vaardigheden en wetenschap gelegd. Na honderd jaar gescheiden onderwijs op grond van geloof kunnen we beter kiezen voor wetenschappelijk geborgd uitsluitend openbaar onderwijs. Je geeft geen onderwijs vanuit één geloofsideologie maar er wordt onderwijs gegeven over alle religies, levensopvattingen en filosofische bespiegelingen. Religieus neutraal openbaar onderwijs leidt jongeren op tot onafhankelijk kritisch denkende, zelfbewuste en zelfstandig handelende burgers, die met hun kennis, vaardigheden en houding kunnen participeren in de samenleving. Ouders, leerlingen en studenten kunnen in samenspraak met hun school kiezen op welke wijze zij het onderwijsprogramma invullen.

Door te kiezen voor uitsluitend religieus neutraal openbaar onderwijs zijn de verschillende bestuurslagen niet meer nodig en wordt er actief gewerkt aan de integratie van groepen met een verschillend geloof of identiteit. De onderwijsinspectie kan zich dan echt richten op de kwaliteit en de deugdelijkheid van het onderwijs.

 

Afbeelding: Reformatorische Scholengemeenschap het Guido de Brès in Rotterdam, Wikimedia / Wikipedia Commons