Hij komt zelden opdagen, kent zijn dossiers niet en gaat regelmatig af als een gieter.

Het was weer eens raak deze week. FvD-fractievoorzitter Thierry Baudet meende zich een seksistische sneer te kunnen veroorloven richting CDA-Kamerlid Hanke Bruins Slot (“schattig”). Het leverde hem een pijnlijke uithaal op:

Het is het zoveelste voorbeeld van een zichzelf blamerende Baudet. Vers in het geheugen ligt nog de blunder die hij maakte in het debat over de Algemene Beschouwingen, toen hij niet bleek te begrijpen wat het begrip ‘oordeel Kamer’ betekende en vervolgens door premier Rutte op zijn nummer werd gezet:

Dit soort blunders zijn op zich al pijnlijk genoeg. Ze zijn nog pijnlijker als meegewogen wordt dat Baudet zelden in de Kamer aanwezig is. In de lijstjes van deelname aan Kamerdebatten was hij absolute hekkensluiter. Toen GroenLinks-leider Klaver hem hierover klemzette, blunderde hij opnieuw door te verklaren Kamerdebatten “beneden mijn waardigheid” te vinden – een uitspraak waarvoor hij vervolgens weer nederige excuses moest aanbieden (“Ik had een betere woordkeuze kunnen kiezen” (sic)).

In parlementair journalistiek Den Haag doet men nog altijd zijn uiterste best om Baudet serieus te nemen. Hij heeft immers kiezers achter zich en verdient dus een objectieve houding waarbij incidenten worden gescheiden van hoofdlijnen. Maar zelfs de meest neutrale waarnemer kan inmiddels niet meer om de conclusie heen dat het bij dit Kamerlid allang niet meer om eenmalige voorvallen gaat. De incidenten zijn de hoofdlijn. Het moet gewoon gezegd worden: Baudet is een totale flop als Kamerlid.